Schotse Tories wacht zware nederlaag

LONDEN, 6 APRIL. De Conservatieven dreigen vandaag te worden weggevaagd bij de lokale verkiezingen in Schotland. Volgens de opiniepeilingen halen ze niet meer dan elf procent van de stemmen. Vier keer zoveel kiezers zouden zich achter Labour scharen, twee keer zoveel achter de Scottish National en zelfs de Liberaal Democraten zouden op meer steun kunnen rekenen dan de Tories. De Conservatieven die al zestien jaar aan de macht zijn in Groot-Brittannië, eindigen volgens de laatste prognoses vandaag in Schotland als vierde partij.

Weliswaar geldt Schotland de laatste tien jaar als bolwerk van de oppositie en ook bij de lokale verkiezingen van vorig jaar moesten de Conservatieven in het noordelijkste deel van de Britse unie al zware verliezen incasseren. Maar zo rampzalig als op dit moment hebben de Conservatieven er nooit eerder voorgestaan. In niet meer dan vijf Schotse gemeenteraden domineren nog de Tories. En volgens de opiniepeilingen blijft daar hooguit één van over: East Renfrewshire, ten zuiden van Glasgow. Van hun 236 raadszetels dreigen ze de helft te verliezen.

Conservatieve politici zullen vanavond hun uiterste best doen om de decimering van de Tories in Schotland te presenteren als betreurenswaardig maar onbeduidend incident. Ze zullen erop wijzen dat deze verkiezingsuitslag zich onmogelijk laat vergelijken met de resultaten uit het verleden. Een bestuurlijke herindeling heeft de kaart van Schotland ingrijpend veranderd. De huidige 62 gewest- en gemeenteraden worden door 32 nieuwe lokale authoriteiten vervangen. Beide bestuurslagen blijven naast elkaar intact tot april volgend jaar.

Landelijke Conservatieve politici zullen er zeker ook aan herinneren dat regeringen het halverwege een parlementsperiode bijna altijd allerbelabberdst doen. Een groot aantal kiezers staat nog wantrouwend tegenover de Tories vanwege de voorbije recessie, zullen ze zeggen. Maar wacht maar tot gezonde economische groei en lage inflatie eindelijk hun neerslag vinden in stijgende welvaart. En wacht maar tot de Conservatieven na jaren van groeiende fiscale druk hun hartstocht voor belastingverlagingen weer gaan botvieren in de aanloop naar nationale verkiezingen. Dan keren zelfs de meest verdwaasde dolende schapen weer in de Conservatieve kudde terug.

Landelijke politici die dit soort verhalen verspreiden, bedotten de boel of hebben geen benul wat er omgaat in hun eigen partij. In veel lokale afdelingen van de Conservatieven heerst regelrechte paniek. Schotland mag dan met zijn ruim vijf miljoen inwoners van marginaal belang zijn voor de Tories, begin volgende maand komen er lokale verkiezingen in Engeland en Wales, met tien keer zoveel Britten. En volgens de prognoses is een blamage in Schotland slechts een voorbode van een nog veel smadelijker nederlaag in het zuiden. Voeg daarbij de tussentijdse verkiezing voor een parlementszetel in Perth and Kinross die de Tories onvermijdelijk verliezen, en duidelijk wordt waarom commentatoren al bij voorbaat met een begrafenisstem over de triple whammy spreken, de driedubbele oplawaai die de Conservatieve partij te wachten staat.

Volgens de opiniepeilingen verspelen de Conservatieven volgende maand bij de lokale verkiezingen in Wales en Engeland tenminste duizend van hun circa vierduizend zetels, en misschien nog wel meer. Traditionele Conservatieve bolwerken als Bournemouth, Windsor en Wycombe zullen in de handen van Labour komen. In de grote steden zullen de Conservatieven worden gedegradeerd tot splinterpartij. Ivor Crewe, professor in overheidszaken aan de universiteit van Essex, zegt dat de Tories op het punt staan om geliquideerd te worden als nationale organisatie. In niet meer dan dertig gemeenteraden zullen ze nog de meerderheid hebben. “Buiten de catacomben van het Britse parlement houden ze vrijwel op te bestaan.”

John Curtice van de Strathclyde University vindt dat je zo'n politieke aardverschuiving niet meer kunt afdoen als seizoensgebonden tegenslag van voorbijgaande aard. Hij wijst erop dat de Conservatieven vorig jaar ook al zware nederlagen hebben geleden bij lokale en Europese verkiezingen en dat het einde van de neergang nog altijd niet in zicht is. Volgens Curtice heeft de ernst en de duur van de rampspoed binnen de Conservatieve partij-afdelingen een verwoestend effect op het moreel. Lokale Conservatieve bestuurders klagen toch al steeds luider dat zij moeten boeten voor het geruzie en de verdeeldheid binnen de Conservatieve fractie in het Lagerhuis.

Na het echec in Schotland zal onvermijdelijk weer worden geroepen om het vertrek van John Major, en die noodkreet zal na het voorspelde zware verlies in Engeland en Wales nog eens duizendvoudig worden versterkt. Maar de premier heeft inmiddels een pantser van eelt tussen zijn schouderbladen. Een schrale troost kan hij putten uit opiniepeilingen die bewijzen dat de Tories het onder een andere leider nauwelijks beter zouden doen. De weerzin die de kiezers ook vandaag in Schotland weer zullen demonstreren, geldt niet in de eerste plaats John Major maar zijn Conservatieve partij.