Inspectie: hogescholen moeten beter

ROTTERDAM, 6 APRIL. Vrijwel geen enkele hogeschool werkt systematisch aan de verbetering van het onderwijs, hoewel er op hogescholen nog veel moet gebeuren om de studenten goed in staat te stellen hun opleiding met succes en zonder studievertraging af te ronden.

Dit concludeert de Inspectie van het Hoger Onderwijs in haar vandaag verschenen rapport 'Gedaan of niet Gedaan, Aspecten van studeerbaarheid in het HBO'. De inspectie constateert dat de aandacht voor de 'studeerbaarheid' van onderwijsprogramma's in het hoger beroepsonderwijs “schoorvoetend” veld wint, maar er is “tot nu toe slechts in beperkte mate sprake van een voedingsbodem”.

De inspectie beveelt aan om meer aandacht te besteden aan de cultuuromslag bij de docenten, door bijvoorbeeld 'training on the job' van het hele docententeam. Volgens het inspectierapport kosten de noodzakelijke veranderingsprocessen “zeer veel tijd”. Veel docenten wijten geringe studie-rendementen vooral aan de 'passieve en consumerende' opstelling van hun studenten. Daarentegen ziet de leiding van veel hogescholen vooral het gebrek aan didactische vaardigheden van hun docenten als probleem. De docenten zouden studenten maar slecht kunnen motiveren tot zelfstudie. De inspectie pleit ook voor sterker onderwijskundig leiderschap door het management.

Een belangrijk punt vindt de inspectie dat nauwkeurig onderzoek naar de zwaarte van het onderwijs vrij weinig voorkomt. Daardoor blijven er tussen onderdelen van het onderwijsprogramma te grote verschillen bestaan. Bijstelling van de 'studielast' gebeurt vaak op basis van wat de inspectie noemt “vage indicaties”. Resultaten van evaluaties door studenten worden te weinig gebruikt. De studielast is verder veel te onevenwichtig verdeeld over het jaar. De meeste onderwijsprogramma's stimuleren het studeren in pieken in de examenperiodes, terwijl onderwijskundige inzichten juist leren dat dergelijke piekbelasting niet erg effectief is.

De vereniging van hogescholen, de HBO-raad, noemt het inspectierapport “eenzijdig”, onder meer omdat het zich baseert op gegevens van anderhalf jaar geleden. Inmiddels is er al weer veel verbeterd, aldus de HBO-raad. De studentenorganisaties LSVb en ISO zien in het rapport hun mening bevestigd dat beperking van de studiefinanciering tot vier jaar, zoals minister Ritzen (onderwijs) wil, onverantwoord is.

In de discussies over veranderingen in het hoger onderwijs richtte de kritiek op 'studeerbaarheid' zich tot nu toe vooral op de universiteiten. Het ministerie van onderwijs wil nog geen inhoudelijk commentaar leveren.