Boechaarse joden

In zijn belangwekkende artikel over de Boechaarse joden (NRC Handelsblad, 30 maart) schrijft Hans Nijenhuis onder andere dat meer nog dan van hun Oezbeekse en Russische landgenoten deze geïsoleerd leefden van joden elders in de wereld, en dat zij pas contacten met Israel hebben gekregen na de eerste emigratiegolf van de jaren 'zeventig'.

Dit is onjuist. Althans sinds de Russische inlijving van een groot deel van het huidige Oezbekistan omstreeks 1870 hadden Boechaarse joden contacten met de buitenwereld en speciaal met de toen reeds in Jeruzalem wonende joden. Nog steeds is er in Jeruzalem de 'Wijk der Boecharen', eens gelegen aan de noordwestrand van het toenmalige Jeruzalem, nu midden in de stad. Ook was er een fraai gedecoreerde synagoge, die nog steeds bestaat, maar nu een vervallen indruk maakt. Omstreeks 1900 woonden er ongeveer 180 gezinnen van Boechaarse joden in Jeruzalem. Nadat Oezbekistan een Sovjet Republiek was geworden omstreeks 1920 was geen contact tussen de Boechaarse joden aldaar en hun familieleden in Jeruzalem en elders meer mogelijk.

Verder was er van de kant van joden elders met die in Boechara in de 19de eeuw en in de eerste jaren van de 20ste eeuw eveneens contact. Er werden leraren gezonden om het in het Hebreeuws te bekwamen en er werden gebedenboeken gezonden in het Hebreeuws.