Geldmarkt drukt daggeldrente

AMSTERDAM, 5 APRIL. De Nederlandsche Bank heeft de geldmarkt in de verslagweek ruim van middelen voorzien. Daardoor kon het dagelijkse beroep van banken op de voorschotfaciliteit gemiddeld onder het contingent van 4,2 miljard gulden blijven. Het gevolg was dat de besparing op deze faciliteit verder opliep van 3,2 naar 3,7 procent en dat de daggeldrente gisteren tot onder het nieuwe beleningstarief van 4,5 procent zakte.

Het is de vraag of DNB hiermee, na de onverwachte tariefsverlagingen van afgelopen donderdag, aanstuurt op een nog verdere verlaging van het beleningstarief. Vandaag worden de voorwaarden voor de nieuwe belening bekend gemaakt. De gulden/DM-koers, die sinds woensdag onder de 1,12 gulden noteert, verschaft enige ruimte voor een geringe verlaging. Het feit dat het énmaands interbancair tarief, hoewel de laatste dagen licht dalend, nog boven het huidige beleningstarief noteert, lijkt echter tegen een verdere verlaging te pleiten. De ervaring heeft geleerd dat DNB aan het verloop van het éénmaands tarief weliswaar geen beslissende, maar wel een belangrijke rol toekent.

De lopende belening ging vrijdag in en verving een 1,6 miljard gulden kleinere faciliteit. Ook verhoogden de banken hun beroep op de voorschotfaciliteit met 0,9 miljard gulden (vanaf het zeer lage niveau van 3,3 miljard gulden) en verlaagde DNB de kasreserve met 4,4 miljard gulden. Deze middelen waren nodig ter financiering van geldmarktverkrappende betalingen aan het Rijk van per saldo 6,9 miljard gulden: ruim 10 miljard gulden belastingbetalingen minus ongveer 3,5 miljard gulden uitkeringen. De geldmarktverkrappende toename van de hoeveelheid in omloop zijnde bankbiljetten - gebruikelijk aan het einde van de maand - werd min of meer gecompenseerd door de per saldo geldmarktverruimende aflossing door DNB op Nederlandsche Bank Certificaten (NBC's).

De weekstaat toont andermaal het effect van de dollarkoersdaling: de deviezenreserve werd met 483 miljoen gulden afgewaardeerd. Gecorrigeerd voor deze waardevermindering, namen de vorderingen in buitenlandse geldsoorten met circa 150 miljoen gulden toe. Dit is overigens niet het gevolg van valuta-interventies - die vonden de afgelopen week, voor zover bekend, in Europa niet plaats - maar van rente-bijschrijvingen en dergelijke.

Bron: Economisch Bureau ING Groep