China zegt elk land steun toe bij kernaanval

PEKING/LONDEN, 5 APRIL. China heeft vandaag gezegd elk niet-nucleair land dat een kernaanval te verduren krijgt te zullen helpen. Het Chinese ministerie van buitenlandse zaken sprak van een “positieve veiligheidsgarantie” die alleen geldt voor landen die het Non-proliferatieverdrag (NPV) hebben ondertekend.

De ministeriële woordvoerder, Chen Jian, zei dat de toezegging opgaat “bij een aanval met kernwapens of de dreiging daarmee”, maar hij voegde er aan toe dat dit niet betekent dat Peking het gebruik van kernwapens ondersteunt. Chen zei dat China zijn zetel in de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties zal gebruiken om ervoor te zorgen dat de raad “afdoende maatregelen neemt voor het geven van noodzakelijke steun aan elke kernwapenvrije staat die aangevallen wordt met kernwapens”. China stelt in dat geval voor “tegen de aanvallende staat harde en effectieve sancties” te nemen.

Chen Jian zei dat zijn land zich blijft beijveren voor de afschaffing van alle kernwapens en zei dat de 'positieve veiligheidsgarantie' “op geen enkele wijze mag worden uitgelegd als rugdekking voor het gebruik van kernwapens”. Hij herhaalde het eerder ingenomen standpunt dat China nooit als eerste kernwapens zal gebruiken of kernwapenvrije landen ermee zal bedreigen. Maar onduidelijk in de verklaring bleef of China ook militaire ondersteuning zal geven of zelfs zijn eigen kernwapens ter vergelding zal inzetten indien een andere natie onder een kernaanval komt te liggen. China beschikt sinds begin jaren zestig over kernwapens.

In een gisteren verschenen rapport van het Britse Internationale Instituut voor Strategische Studies (IISS) staat dat in China en andere grote Aziatische landen sprake is van een grote groei van de defensieuitgaven. Terwijl als uitvloeisel van het einde van de Koude oorlog en het verdwijnen van het Oosteuropese communisme de militaire budgetten in Amerika zowel als Europa worden teruggeschroefd, constateert het IISS een scherpe stijging in Azië. China, Japan en India zullen in het jaar 2010 “een substantieel grotere militaire capaciteit” hebben. Alle drie de landen verhogen al jaren hun defensieuitgaven. Maar ook de kleinere staten in Azië versterken hun leger: tussen 1985 en 1992 verhoogde Zuid-Korea zijn defensiebudget met 63 procent, Singapore met 31 procent en Maleisië met 31 procent. De enige uitzondering in Azië vormt Vietnam dat in dezelfde periode zijn militaire bestedingen met een kwart terugbracht.

Volgens het rapport besteden Aziatische regeringen veel aandacht aan de kwalitatieve verbetering van hun wapenarsenaal. Wapenhandelaren uit Europa, Amerika en Rusland verdringen elkaar om het binnenslepen van orders uit Azië, de grote groeimarkt voor wapens. Van China wordt verwacht dat het binnen 15 jaar “een strategisch nucleair potentieel” tot zijn beschikking heeft, dat geheel Azië, het oosten van Rusland en de westkust van de Verenigde Staten kan bestrijken. China heeft nog geen vliegdekschepen, maar zal deze waarschijnlijk wel aanschaffen, schrijft het IISS en in reactie daarop zal ook India vliegdekschepen in zijn bezit willen hebben. (AP, Reuter)