Vijf weken in het ziekenhuis

Taede: “Twintig minuten lang hebben ze op me in staan beuken, te beginnen met een vuistslag op mijn neus. Die begon meteen te bloeden. Daarna kreeg ik een zeer groot aantal slagen en schoppen van beide personen waardoor ik op de grond viel. Zij bleven doorgaan met schoppen terwijl ik op de grond lag. Tegen m'n hoofd, overal. Ze deden het zo: ze liepen om me heen. De ene gaf een schop of een stoot. Ik weerde af. Op dat moment sloeg die andere. Daar was geen vechten tegen. Na een poosje bleef ik op de grond liggen. Mijn vrouw dacht dat ze me doodgeslagen hadden. Het gebeurde onder een straatlantaarn op de Houtkopersburgwal. Het waren een blanke en een zwarte man. Het waren kickboksers.

Mijn vrouw ging hulp halen in het café waar we uit kwamen. Daar belden ze de politie. Toen mijn vrouw terugkwam begonnen ze haar door elkaar te rammelen. Ze dreigden dat ze haar in de gracht zouden gooien. Toen ben ik opgestaan: 'Blijf van mijn vrouw af!' Ze zagen dat er nog leven in mij zat en gingen weer verder. Eén vent kwam naar me toe, legde een arm om mijn nek en zei op zachte toon: 'Niks aan de hand meneer, we hebben een vergissing gemaakt.' Hij zat helemaal onder het bloed van mij. Ik was met mijn gezicht dichtbij zijn gezicht om hem te kunnen horen, en toen gaf hij me een kopstoot. Mijn neus was gebroken. Een paar seconden zag ik zwart.

Er stonden wel dertig mensen bij te kijken en ook hingen er mensen uit het raam. Maar niemand deed iets. Ze gaven zakdoekjes aan mijn vrouw omdat ik zo bloedde en ze verklaarden: 'We geven je deze zakdoekjes maar we durven niet te getuigen.' Ondertussen was ik er in geslaagd om mij los te maken en rende weg richting de Jodenbreestraat. De blanke en de zwarte man kwamen achter me aan, haalden me in en sloegen en schopten me opnieuw. Ik viel opnieuw op de grond en ze schopten me in mijn zij. Mijn vrouw is naar een man toegehold die uit een raam keek om hem te bewegen de politie te bellen. Ze was al naar honderd mensen toegehold om ze daartoe te bewegen.

Eindelijk waren de sirenes te horen. Een derde man, die bij de blanke en de zwarte was gekomen, zei tegen hen: 'Zo is het wel welletjes.' Toen gingen ze weg, zeggende tegen elkaar: 'Die hebben we mooi te pakken gehad, die vuile poot.' Ze dachten dat ik een homoseksueel was omdat ik een leren broek aan had. Ze meenden dat ik op een bepaalde manier naar ze gekeken had.

Mijn lichaam was helemaal blauw en pimpelpaars. Mijn oog zat dicht. De voetafdrukken stonden in mijn rug. Mijn wenkbrauw moest worden gehecht, mijn neus rechtgezet. Ik heb vijf weken met een hernia in het ziekenhuis gelegen.

De daders zijn veroordeeld tot een schadevergoeding en vier maanden gevangenisstraf, waarvan twee maanden onvoorwaardelijk die op hun eigen verzoek zijn omgezet in dienstverlening. De straf was extra zwaar omdat ze me achtervolgd hadden toen ik wegrende van de plek des onheils. Dat vond de rechter het ergste. Hij zei tegen de daders: 'Het slachtoffer heeft duidelijk te kennen gegeven dat hij geen contact met jullie wilde.'

De rechter vroeg aan een van de daders: 'Hoe denkt u de boete te kunnen betalen?' De dader antwoordde: 'Geen idee. Ik denk niet dat de rechter tevreden zal zijn als we een oude vrouw beroven om de boete te kunnen betalen.'

De rechter vroeg aan een van de daders: 'Heeft u een baan?' De dader antwoordde: 'Daar heb ik geen tijd voor, ik ben bezig mijn lichaam te vervolmaken.' Rechter: 'Wat houdt dat in?' Dader: 'Acht uur per dag sportschool.' ''