Nijmegen vraagt verbod op export brandbaar afval

DEN HAAG, 4 APRIl. De Afvalverwerking Regio Nijmegen (ARN) wil dat minister De Boer (VROM) export van brandbaar afval naar België en Frankrijk verbiedt.

De Zuidhollandse organisatie voor verwerking van afval, Proav, heeft zo'n exportvergunning aangevraagd. De Proav heeft te weinig capaciteit om het aangeleverde afval te verwerken. De ARN kampt met overcapaciteit.

In een brief aan De Boer tekent de ARN bezwaar aan tegen het verstrekken van een exportvergunning aan de Proav. De ARN heeft de afgelopen jaren voor een half miljard gulden geïnvesteerd in de bouw van verbrandingsovens en kan nu jaarlijks ruim 240.000 ton afval verwerken.

Onder meer doordat in Gelderland geen stortverbod voor brandbaar afval van kracht is, wordt deze capaciteit niet benut. In Zuid-Holland geldt wel een stortverbod. Indien er geen stortverbod geldt, geven bedrijven de voorkeur aan het storten van afval boven verbranden, omdat het eerste goedkoper is.

Morgen spreekt het ministerie van VROM met de afvalverwerkers tijdens een bijeenkomst van het Afval Overleg Orgaan (AOO). Een woordvoerder zei vanmorgen dat het ministerie weinig voelt voor een exportvergunning. Volgens het ministerie moeten de afvalstromen beter op elkaar worden afgestemd, omdat Nederland wat het verwerken van brandbaar afval betreft “zelfvoorzienend” wil zijn. De Proav wil het teveel aan brandbaar afval exporteren naar cementovens in België en Frankrijk, waar het wordt gebruikt als brandstof.

Mocht het niet komen tot een exportverbod, dan wil de ARN toestemming krijgen voor de import van brandbaar afval uit Duitsland. Volgens het ministerie is ook daarop weinig kans. Het ministerie streeft naar een stortverbod in heel Nederland, dat in 1997 van kracht zou moeten worden.

Probleem bij het afstemmen van de afvalstromen zijn de tarieven. Het is voor Zuid-Holland goedkoper om afval te laten verbranden in België en Duitsland dan bij de ANR.