Rechtbank in Parijs verklaart Tapie failliet

PARIJS, 1 APRIL. Het Hof van Beroep in Parijs heeft gisteren in hoger beroep het faillissement bevestigd van de Franse zakenman en politicus Bernard Tapie. Volgens de Franse wet zal Tapie, die lid is van zowel het Franse als het Europese parlement, nu vijf jaar niet gekozen kunnen worden in een politiek ambt.

Op 14 december had een rechtbank in Parijs Tapie al insolvabel verklaard maar de oud-minister en oud-voorzitter van de voetbalclub Olympique Marseille had hier beroep tegen aangetekend. Het Hof van Beroep in Parijs sprak gisteren het faillissement uit over de vier bedrijven van Tapie (FIBT, ACT, GBT en BTG) en concludeerde dat Tapie niet aan zijn schulden kan voldoen.

Door de uitspraak van het hof zal Tapie zich geen kandidaat kunnen stellen bij de lokale verkiezingen in Frankrijk die in juni plaatshebben. Daardoor staat het vast dat Tapie zijn grote droom, burgemeester worden van Marseille, niet op korte termijn zal kunnen verwezenlijken. Waarnemers in Parijs verwachten dat de Franse volksvertegenwoordiging en het Europese Parlement binnenkort procedures zullen starten om Tapie uit zijn huidige politieke ambten te verwijderen.

Tapie heeft al aangekondigd tegen het vonnis in beroep te zullen gaan maar in de Franse wetgeving schort een dergelijk beroep de werking van het vonnis van gisteren niet op.

Op 14 maart had Tapie al een brief geschreven aan de huidige Franse premier, Balladur, waarin hij deze vroeg om “in overeenstemming met de republikeinse traditie en de gewoonte” hem niet onverkiesbaar voor een politiek ambt te laten zijn totdat alle mogelijkheden van beroep tegen het vonnis van faillissement zijn uitgeput.

In Frankrijk loopt ook nog een andere rechtzaak tegen Tapie. De oud-voorzitter van Olympique Marseille wordt er van verdacht spelers en de trainer van de voetbalclub Valenciennes te hebben omgekocht. Volgens de officier van justitie heeft Tapie zich ook schuldig gemaakt aan het omkopen van getuigen en het verdonkeremanen van bewijsmateriaal. De officier van justitie heeft in deze zaak een celstraf van 18 maanden geëist, waarvan zes maanden onvoorwaardelijk. Naar verwachting zal de rechtbank in Valenciennes op 5 maart uitspraak doen in deze zaak. (AFP)