Molukkers

ANTJE VAN DER HOEK: Religie in ballingschap. Institutionalisering en leiderschap onder christelijke en islamitische Molukkers in Nederland

296 blz., VU uitgeverij 1994, ƒ 52,50

In 1951 werden 12.500 Molukse ex-KNIL-militairen en masse, met hun families, naar Nederland verscheept, als gevolg van de verslechterde relatie en de daarop volgende breuk met de Republiek Indonesië. Wie zich verdiept in hun geschiedenis moet de koloniale en post-koloniale tijd beschrijven, want hoe het deze Molukkers (voor het overgrote deel protestantse christenen) in Nederland is vergaan, is gestempeld door dat verleden. Antje van der Hoek zet zich aan deze taak, verdienstelijk, leesbaar, interessant, en dat laatste dan niet alleen door de wetenschappelijke vraagstelling (wat wil ze als godsdienstwetenschapper weten en waarom), al is dat haar entree. Maar dan heb ik het over het vakwerk (de studie is een Leidse dissertatie).

Voor ons als gewone lezers is het boek interessant omdat het ook gelezen kan worden als een kleine kerkgeschiedenis van protestantse Molukkers, die hun hoofd boven water moeten houden in een vreemd land met een vreemde taal, beroofd van huis en haard en ook nog eens - voor het vervolg beslissend - van centraal kerkelijk gezag. De schrijfster moet ons alles, gezien haar opzet, gedetailleerd voorschotelen, doet dat ook, maar - afgezien van alle afkortingen - kan de lezer tot aan het einde toe zijn aandacht bij de hoofdzaak houden.

Als eenheid in Nederland aangekomen is de Molukse protestantse kerk al spoedig op een fragmentatiebom gaan lijken, die uiteen spatte in een ongeordend geheel van mini-kerkjes. Wat was het ontploffingsmateriaal dat de groep herbergde? Dat is de vraag waar het onderzoek (voor mij als algemeen lezer) om draait. Het antwoord ligt voor de hand: de erfenis uit het verleden, door de schrijfster trefzeker en nauwkeurig uiteengerafeld. Uit de Molukken werden de familiebanden (clan-gevoelens), de etnische afkomst en vooral het KNIL-verleden meegenomen naar Nederland. Deels valt onder dat laatste wat als 'oud zeer' is gaan werken: de als verraad gevoelde demilitarisering van de KNIL-militie, nota bene tijdens de verscheping naar Nederland, deels ook de degradatie in status die daarmee gepaard ging (van rechterhand van de koloniale meesters tot overbodige ballast). En daar weer dwars doorheen de Republiek der Zuid-Molukken, uitgeroepen in 1950. Hartverscheurende problemen, extra aangescherpt door onbegrip en gevoelloosheid in het land waar men debarkeerde en waaraan men zijn ziel had uitgeleverd. Wel bestond er begrip bij groepen die hen, goed bedoeld, van de wal in de sloot hielpen, zoals de stichting Door de Eeuwen Trouw. 'Deze mensen zijn op zichzelf aangewezen, dat wil zeggen op God', meldde legerpredikant De Kluis. Eerst na de treinkapingen in de jaren zeventig werden overheid en samenleving wakker en realiseerde men zich pas goed het bestaan van de Molukkers onder ons.

De treinkapingen waren wanhoopsacties en exponenten van een vrijwel messiaans geloof in 'de mythe van de vrije republiek der Zuid-Molukken'. Het Koninkrijk Gods en de RMS vallen in de gedachtenwereld van radicale jongerengroepen samen. Niet zomaar geweld, maar messiaans geweld moet het ideaal realiseren.

Eenmaal zover, geeft de studie niet alleen een overzicht van de ruzies en afsplitsingen, maar laat ze ook temidden van al die scherven en splinters een vroomheid zien die haar afkomst van de Hollandse gereformeerden niet verloochent. Trage, diep gewortelde, zangerige, door besef van zonde en verlossing getekende vroomheid.

De islamitische Molukkers vormden maar een kleine minderheid van de immigranten. Hun politieke aspiraties waren minder uitgesproken dan die van de christenen, hetgeen verklaarbaar is uit het verschil in koloniale erfenis die beide groepen meedroegen: de islamieten hadden lang niet in die mate een verleden om naar terug te verlangen (een hoge status) als de protestantse christenen.

Kazernes, de oorspronkelijke wooneenheid van de KNIL-militairen, zijn woonoorden geworden, woonoorden woonwijken en langzamerhand is ook de integratie op gang gekomen. Er is zelfs een kans dat de Molukse kerken zich mogen aansluiten bij het Samen Op Weg proces waaraan de Hervormden, Gereformeerden en Lutheranen zich in ons land hebben overgegeven (als de Gereformeerde Bond in de Nederlandse Hervormde Kerk tenminste geen roet in het eten gooit). Ook kerkelijk kunnen de Molukkers straks balling af worden.