Memorabel afscheid op koude novemberavond

De vier enerverende Europa-Cupduels die Ajax en Bayern München tegen elkaar hebben gespeeld, worden in de herinnering van de Nederlandse voetballiefhebber overschaduwd door de gedenkwaardige afscheidswedstrijd van Johan Cruijff. Op een koude novemberavond in 1978 verpestten elf ijverige Duitsers het zorgvuldig geplande slotfeest van de Amsterdamse maestro. In een uitverkocht Olympisch Stadion werd Ajax met 8-0 van het veld gespeeld.

Cruijff had zich nog een keer in zijn oude shirt gehuld, maar de spelverdeler kreeg geen kans het spel te verdelen. Zijn ploeggenoten Ling en Tahamata hadden meer oog voor zichzelf dan voor het feestvarken en liepen zich negentig minuten vast in de solide defensie van Bayern. Aan de andere kant bleek de zwakke Ajax-verdediging niet opgewassen tegen de gevarieerde aanvallen van de Duitse spitsen Müller en Rummenigge.

Naarmate de score opliep vermaakte het publiek zich meer en meer met het scanderen van de naam 'Aantjes'. De fractievoorzitter van het CDA had een etmaal voor Cruijffs afscheidsduel zijn politieke loopbaan abrupt moeten beëindigen wegens de bekendmaking van zijn 'verkeerde' oorlogsverleden. Cruijff excuseerde zich na afloop van het sportieve debâcle bij het publiek, maar hij liet zich tevreden uit over de financiele meevaller van vier ton. Het geld ging naar de gehandicaptensport. Cruijff zou een paar maanden later de voetbalschoenen uit het vet halen, nadat hij financieel was uitgekleed door de Frans-Russische zakenman Basilevitsch.

Vijf jaar eerder stond Cruijff aan de basis van een schitterend gespeelde wedstrijd tegen Bayern. In de kwartfinale van het Europa Cup 1-toernooi won Ajax met 4-0 door doelpunten van Haan (twee keer), Gerrie Mühren en Cruijff. Het Algemeen Dagblad noemde Bayern vooraf “een gaaf spelende klasse-ploeg met gegroepeerd voetbal”.

In het veld bleek de Duitse degelijkheid niet opgewassen tegen het totaalvoetbal van Ajax, dat vooral in de tweede helft domineerde met flitsend aanvalsspel. De bekerhouder stelde zijn kandidatuur voor de derde Europese titel, Bayern zou een seizoen daarna de hegemonie overnemen. Na afloop van de eerste wedstrijd in Amsterdam werden auto's met Duitse nummerplaten vernield.

Twee weken later volgde de return in het Olympia-Stadion van München. De licht geblesseerde Cruijff weigerde mee te reizen naar de Beierse hoofdstad, maar bemoeide zich afloop wel met de winstpremie van zesduizend gulden. Bayern speelde keihard voor eigen publiek. “Zelfs gentleman Beckenbauer kon zich af en toe niet beheersen”, meldde NRC Handelsblad.

De Ajacieden Neeskens en Blankenburg raakten vrij zwaar geblesseerd. Alleen laatstgenoemde moest worden vervangen, Neeskens wist van geen opgeven. Onder leiding van de onverwoestbare middenvelder bleef Ajax gemakkelijk op de been. Keizer zorgde binnen tien minuten met een prachtige lob voor 0-1. Bayern kwam gelijk door een eigen goal van Krol en een frommeldoelpunt van Müller.

In 1980 troffen beide clubs elkaar in de tweede ronde van het toernooi voor landkampioenen. Het laf spelende Ajax kwam in München vrij verrassend op een 1-0 voorsprong door een vroeg doelpunt van Arnesen. In het resterende deel van de wedstrijd bleek dat Bayern na de beginjaren zeventig over een veel sterker elftal beschikte. Onder leiding van de snelle Rummenigge en de sterke Dieter Hoeness won de thuisclub met 5-1. Ajax-doelman Schrijvers sprak na afloop: “Ik word er doodziek van. Dit is al de vijfde keer dat ik van Bayern heb verloren.”

In Amsterdam won Ajax twee weken later met 2-1, maar Bayern plaatste zich gemakkelijk voor de kwartfinales. Trainer Beenhakker sprak van een hoopgevend resultaat. Een paar maanden later zou de jonge coach worden ontslagen. Bij Ajax deed de 18-jarige invaller Frank Rijkaard van zich spreken. In verschillende dagbladen werd hem een grote voetbaltoekomst voorspeld.