Au pair

De strekking van het artikel 'Iedere Jan Patat kan au pair-bureau beginnen' (NRC Handelsblad, 25 maart) komt bij mij toch wel erg negatief over. Het creëert een slecht beeld over zowel au pair-bemiddelingsbureaus als gastgezinnen. Er ontstaat nu een indruk dat de families meisjes uitbuiten en met ze kunnen doen wat ze willen. Ik kan uit ervaring zeggen dat het op die manier absoluut niet werkt. Als het gastgezin niet bereid is om een meisje in huis op te nemen als gezinslid en ook niet de moeite neemt om haar thuis te laten voelen, zal haar verblijf geen succes worden of zelfs leiden tot vertrek van de au pair.

Een goed bemiddelingsbureau hanteert de regels die zijn beschreven in het Au Pair-Verdrag van de Raad van Europa. Een belangrijke taak van het bureau is het om een verblijf vooraf zo goed mogelijk voor te bereiden. Het Au Pair-Verdrag is gebaseerd op een culturele uitwisseling en kennismaking met de Nederlandse taal. Dit mag niet uit het oog verloren worden. Het streven is om de meisjes een leerzaam en leuk jaar te laten beleven in de veilige omgeving van een gastgezin. In ruil voor kost, inwoning en zakgeld zorgen zij voor de opvang van kinderen, waarnaast zij lichte huishoudelijke werkzaamheden doen. Je kunt je afvragen of meisjes uit de economisch zwakke landen niet een andere beweegreden hebben om hier voor een jaar te komen. Misschien kun je het in zo'n geval eerder zien als een vorm van ontwikkelingshulp.

Ik sta geheel achter het standpunt dat er een keurmerk moet komen voor bemiddelingsbureaus. Helaas is er tot nu toe geen enkele medewerking van de betrokken ministeries. Er moet ook duidelijkheid komen over de au pair-status en een soepeler, maar vooral snellere, visumprocedure voor au pairs uit niet EU-landen.

Verbetering zou voor het au pair-schap een positieve ontwikkeling zijn omdat deze gecombineerde vorm van culturele uitwisseling en kinderopvang, sterk in opkomst is en door beide partijen als zeer prettig wordt ervaren.