Lastenverlaging in Duitsland

BONN, 24 MAART. Het Duitse kabinet wil volgend jaar met 30 miljard mark aan belastingverlagingen vooral de koopkracht van lagere inkomens versterken. Het gisteren in het kabinet aanvaarde plan van minister Waigel (financiën, CSU) mikt op vereenvoudiging, onder meer door het schrappen van aftrekposten.

Waigels plan is onderdeel van een ruimere herziening van het belastingstelsel waaraan in de late jaren tachtig al was begonnen maar die door de kosten van de Duitse eenwording tijdelijk heeft stil gelegen. Conform een arrest van het Constitutionele Hof heeft Waigel in zijn plan voor 1996 ook een belastingvrije voet ter hoogte van het zogeheten bestaansminimum opgenomen van 12.000 mark voor ongehuwden en 24.000 voor gehuwden, waardoor 1,5 miljoen mensen geen belasting meer betalen. Belastingplichtigen met een “kleine aangifte” krijgen een premie. Ook komt er een mogelijkheid eenmaal per twee jaar aangifte te doen.

Voor lagere inkomens wordt de kinderbijslag dan wel de fiscale kinderaftrek verhoogd, waarbij een keus tussen beide of voor een mengvorm kan worden gemaakt. De kinderbijslag (nu gemiddeld 135 mark per kind per maand) gaat 200 tot 300 mark (voor een derde kind) bedragen. Volgens Waigel is het technisch niet mogelijk om, zoals de SPD wil, tot een bepaalde fiscale inkomensgrens een uniform bedrag van 250 mark aan te houden. De SPD heeft bezwaar tegen de denivellerende werking van de aftrekregeling. Zij wil in de Bondsraad, waar zij een meerderheid heeft, zowel de voorgestelde regeling voor de belastingvrije voeten als die voor de kinderbijslagen amenderen.

Waigel stelt verder voor de alleen in Duitsland bekende gemeentelijke belasting op het kapitaal van bedrijven ('Gewerbekapitalsteuer') te schrappen en de gemeentelijke winstbelasting ('Gewerbeertragssteur') te beperken om Duitslands internationale concurrentiepositie te verbeteren. In ruil biedt hij de gemeenten 2,7 procent van de BTW-opbrengst aan. De gemeenten willen meer compensatie en worden daarin gesteund door de SPD, die in veel gemeenten een meerderheid heeft.

Tot zijn ergernis heeft Waigel binnen de coalitie een concessie aan de FDP moeten doen door een milieuheffing voor de financiering van subsidies op het gebruik van Duitse kolen in energiecentrales te schrappen. Het gaat daarbij vooral om kolen uit de door de SPD geregeerde deelstaten Noordrijn-Westfalen en Saarland, die 260 mark per ton kosten (wereldmarktprijs: 70 mark).

Een bedrag van 7,5 miljard voor 1996 (en jaarlijks 7 miljard daarna tot 2.000) was ongedekt geraakt doordat het Constitutionele Hof financiering daarvan via de rekeningen van stroomgebruikers ('Kohlepfennig') als ongrondwettig had aangemerkt. De FDP heeft kanselier Kohl en Waigel, de CDU/CSU dus, de voet dwars gezet door met een crisis te dreigen als er een plaatsvervangende heffing zou worden ingevoerd. Reden waarom Waigel een groter begrotingstekort moest slikken. “Anders hadden we een crisis gehad”, zei hij.