Hermans neemt eerste kievitsei in ontvangst

LEEUWARDEN, 13 MAART. De Friese commissaris der koningin Hermans heeft zaterdag op het Leeuwarder provinciehuis het traditionele eerste kievitsei in ontvangst genomen. De vinder, de dertienjarige scholier Ate de Jong uit Noardburgum, vond het 'twake' (twee eitjes) bij toeval op vijfhonderd meter van zijn woning in een greppel, toen hij aan zijn krantenwijk begon. Uit handen van Hermans kreeg hij een oorkonde, de 'sulveren ljip' (de 'zilveren kievit') en het vindersloon uit eigen zak van de commissaris: 25 gulden. De burgemeester van Tytsjerksteradiel legde er een zelfde bedrag bij.

De oorkonde, zo vertelde Ate, zal hij zorgvuldig bewaren in een enveloppe en de vijftig gulden gaan in de spaarpot. Ate ging al op vierjarige leeftijd met zijn vader, ook een verwoed eierzoeker, de weilanden in. De vinder is een half jaar lid van de vogelwacht, die zich in Friesland intensief bezighoudt met de nazorg, zoals het plaatsen van nestbeschermers. Het eerste kivietsei werd dit jaar tamelijk vroeg gevonden.

Hermans, die twee dochters had meegenomen, lijkt door de overhandiging pas goed ingeburgerd. De commissaris verklaarde dat hij, op de dag af dat hij een jaar in functie is, niet anders is gaan denken over het 'aaisykje' (kievitseieren zoeken). Hij wil de Friese traditie graag in ere houden. De eierzoekers, die in vrijwel alle gevallen vogelwachters zijn, doen volgens Hermans goed werk door de nesten te beschermen. “Als er een eitje is gevonden is het over en uit, en wijdt men zich vervolgens aan de nazorg. Ik heb trouwens gehoord dat een eerste leg zoals dat van het eerst gevonden ei, vaak een groot probleem is, doordat het nog te koud is.”