Kietelen, knuffelen en beledigen over een vers lijk

De eerste twee volledige Jiskefet-afleveringen van dit seizoen hadden de vorm van een pastiche van een niet nader benoemd televisieprogramma. De eerste was een door twee halfdronken patjepeeërs gepresenteerde kledder gezelligheid met veel seks en vette knipogen op een RTL-canapé. Vorige week was Herman Koch de gastheer van een kunstprogramma, waarin de gasten (bijvoorbeeld twee in nazi-uniform en tutu gestoken, zeer nichterige actreutels) tijdens het voorgesprek in de trant van ouwe-jongens-grachtengordel begroet en gekieteld worden, om vervolgens voor het oog van de camera het slachtoffer te worden van een denigrerende, proestend van het lachen gedebiteerde 'kritische' behandeling van hun werk: “Dan vraag ik me soms toch af, is het eigenlijk niet een beetje passé wat jullie doen?”.

Arme Hanneke Groenteman! De Plantage, de in dezelfde Amsterdamse VPRO-studio zetelende wekelijks live-cultuursalon op zondagmiddag, maakt toch al een moeilijke periode door. Een dag voor de vernietigende parodie in Jiskefet was Freek de Jonge woedend weggelopen van de Plantage-tafel, die een aantal vrienden, collega's en bekenden van Ischa Meijer verenigde. Niet dat Hanneke veel op had met de een dag eerder begraven journalist. Al aan het begin van de geheel aan hem gewijde uitzending, verklapte ze dat hij De Plantage beschouwde als 'AVRO Servicesalon voor intellectuelen' en iets later schermde ze met een brief, waarin Meijer haar in zijn vreugde liet delen dat hij gelukkig nooit iets met haar te maken had. Het niet-respecteren van die wens van de overledene bleek al snel een slechte voedingsbodem voor de bedoelde hommage.

Toen De Jonge voor zijn beurt sprak, werd hij door de gastvrouw terechtgewezen, onder meer met de woorden dat hij 'om zes uur toch naar de gehaktballen van Hella (mevrouw De Jonge-HB) moest'. Een schermutseling met de eveneens uitgenodigde Adelheid Roosen liep uit op De Jonges vertrek, nadat Groenteman zijn halve excuses (“Grapje, meneer Sonnenberg”) weigerde te accepteren. “Ik handel geheel in de geest van de herdachte door nu weg te lopen”, waren zijn laatste woorden. Beduusd liet Groenteman Meijers uitgever Mai Spijkers samenvatten wat er gebeurd was. Ten onrechte werd toen de conclusie getrokken dat Roosen de oorzaak van De Jonges ergernis was.

Gisteravond droomde Kees van Kooten dat hij dood was en dat Wim de Bie de herdenking op zich nam. Met zwart overhemd en zwarte das noemde De Bie als hoogtepunt in Van Kootens carrière, dat had hij zelf ook altijd gevonden, dat hij in 1975 mee had mogen zingen met De Bie, ook al zong hij eigenlijk vals. En dat Van Kooten in zijn boeken zo veel ideeën van De Bie overgenomen had zonder bronvermelding, dat had de geplagieerde nooit erg gevonden. Fragmenten uit een interview van Van Kooten met Theo van Gogh werden nog eens uitgezonden en alle columnisten van Nederland herinnerden zich hun innige band met Kees.

Hanneke Groenteman had zich een week later al weer aardig hersteld van de schok. Ze maakte een paar opmerkingen over Jona Oberski's nieuwe novelle, waar de schrijver het helemaal niet mee eens was. Toen hij trachtte neutraal en diplomatiek te antwoorden, vroeg ze Oberski of hij nooit in de politiek had gewild. Toevallig had zich dat inderdaad voorgedaan in de Vinkeveense gemeentepolitiek, en tot ergernis van de presentatrice ging de schrijver dat verhaal ook nog eens vertellen. Haar laatste knuffel was dodelijk: “We hebben elkaar echt nog nooit eerder ontmoet, maar het blijkt meteen ontzettend te klikken tussen ons”. Een schrijver die zijn uitgever een plezier wil doen, moet dan zo neutraal mogelijk naar het plafond blijven kijken.