Shell werd slanker, leniger en flink winstgevender

DEN HAAG, 24 FEBR. 'Zeer bevredigend' en 'we hebben het heel behoorlijk gedaan' was de bescheiden beoordeling die Shell-president drs. Cor Herkströter gaf van de resultaten die hij gisteren voor zijn concern bekendmaakte. Maar op zijn gezicht was ook trots te lezen, niet alleen over de record-winst van 4,07 miljard pond Sterling (11,297 miljard gulden), of 200 miljoen gulden minder als de voorraadwinst daarvan worden afgetrokken.

De stijging van het gemiddeld rendement op geïnvesteerd vermogen, in één jaar van 7,9 procent tot 10,4 procent doet Herkströter het meeste deugd. Op de noodzaak van rendementsverbetering had hij zijn personeel al in 1993 krachtig aangesproken.

De Koninklijke/Shell Groep moest slanker en leniger worden, en daardoor vooral goedkoper en beter gaan presteren om zijn achterstand in de concurrentiestrijd weer in te halen en, kan het zijn, weer voorop te gaan lopen. Over de kans dat Shell de doelstelling van Herkströter haalt om het gemiddeld rendement op te voeren tot 11 à 12 procent, was hij gisteren uiterst voorzichtig: “Ik hoop het voor de Groep, laten we daar over een jaar weer eens goed naar kijken.”

Shell profiteerde vorig jaar van een aantal incidentele meevallers door verkoop van activiteiten en bezittingen en van het feit dat er geen voorzieningen voor reorganisaties meer nodig waren. Het kale bedrijfsresultaat steeg met 5 procent. Dat viel handelaren op de Amsterdamse beurs tegen. Na een aanvankelijke euforie over de Shell-winstexplosie in het voerde kwartaal van 1994, die het aandeel 'Koninklijke' 1,90 gulden deed stijgen, eindigde de koers gistermiddag op een verlies van twee kwartjes.

Leniger is Shell vorig jaar geworden, door voortzetting van forse reorganisaties in Europa en Noord-Amerika, die het vaste personeel opnieuw met zo'n 10 procent hebben verminderd, na reducties met zo'n 25 procent in 1993. Daarmee kwam het proces van uitbesteding van taken aan toeleveranciers in een stroomversnelling. Voor de hele groep daalde het aantal vaste medewerkers in 1994 van 117.000 tot 106.000. Bij Shell Nederland daalde het personeelsbestand met ruim 1.900 mensen tot 12.990. Bemoedigend is volgens president-directeur Jan Slechte van Shell-Nederland dat het 'veel makkelijker' blijkt om mensen aan andere banen te helpen dan werd verwacht: 88 procent is al herplaatst en binnen de termijn die daarvoor was gesteld. In Pernis en Moerdijk wordt de ongerustheid iets minder, want volgens Slechte zal de afslanking nu 'minder dramatisch verlopen'.

Goedkoper en efficiënter is het olieconcern ook geworden, want bij zeer geringe en soms negatieve marges in de raffinage en verkoop van olieprodukten - in 1994 de grootste sector - wist Shell toch een winststijging van 18 procent te boeken. Van alle internationale olieconcerns boekte Shell in de raffinage veruit de hoogste marges en de beste resultaten. Door de lage olie- en gasprijzen moest Shell in de sector exploratie en produktie echter een forse veer laten met een winstdaling van 23 procent. Deze sector, die zorgt voor de eigen olie- en gaswinning, vormt de basis van het oliebedrijf en kan de komende jaren bij de grote vraag naar energie in het Verre Oosten en een aantrekkende economie in het Westen veel meer profijt gaan opleveren als de prijzen althans weer gaan stijgen. Bijna de helft van de 6,7 miljard pond Sterling aan investeringen werd vorig jaar in het zoeken naar nieuwe velden en uitbreiding van de produktie gestoken.

Volgend jaar denkt de groep de investeringen naar 8 miljard pond op te voeren, waarvan opnieuw het leeuwedeel in de 'upstream' wordt gestopt. De lijst met nieuwe projecten staat borg voor groei van zowel de produktie als de reserves aan olie en gas. De Noordzee, de Golf van Mexico en Venezuela nemen op die lijst een voorname plaats in. Nieuwe activiteiten zijn gepland in onder andere het Verre Oosten, West-Afrika en Oost-Europa, maar met dat laatste gebied is Shell gedwongen tot het oefenen van geduld. Grote nieuwe exploitatieplannen zijn voorbereid rondom het eiland Sakhalin aan de Russische oostkust, in Siberië en Kazachstan, maar de uitvoering wacht op instemming van de wetgevers in Moskou en Almata.

De grootste opkikker kreeg het concern van het resultaat in de cyclische branche van de chemie, die na drie verlieslatende jaren en diep ingrijpende herstructureringen weer een winst van 340 miljoen pond Sterling liet zien. Belangrijk onderdeel van het concernbeleid is hier de vorming van de nieuwe onderneming Monteshell - een fusie tussen petrochemische activiteiten van het Italiaanse concern Montedison en een groot deel van Shell-chemie - die dit jaar van start gaat als een van de sterkste spelers op de markt moet worden.

Shell staat met zijn resultaten weer aan de kop van de internationale olieconcerns. Aan de olie- en gasreserves van nationale ondernemingen als Saoedi-Aramco, Gasprom en Petroleos de Venezuela kan geen Westers bedrijf tippen. Maar Shell heeft zijn belangrijkste westerse concurrent, het Amerikaanse Exxon, qua winstontwikkeling weer achter zich gelaten bij een iets lagere omzet dan Exxon maar met een hogere olie- en gasproduktie en veel grotere reserves. Alleen met zijn rendement op geïnvesteerd vermogen steekt Exxon Shell nog de loef af.

Over een periode van tien jaar gemeten laat Shell met zijn rendement op de aandelen van zowel de 'Koninklijke' als Shell Transport and Trading - de Britse poot van de groep - alle concurrenten achter zich.

Herkströter lijkt de grote reorganisaties binnen zijn concern precies op tijd, tijdens de recessie, te hebben ingezet. Bij de belangrijke aanpassingen van de organisatie op de centrale kantoren in Londen en Den Haag kan hij met met meer tegenstand van personeelsorganisaties en bonden te kampen krijgen nu het financieel weer beter gaat. Maar Herkströter is vastbesloten ook de zware overhead van het concern zijn steentje aan de door hem gekoesterde rendementsverbetering te laten bijdragen. De centrale kantoren kunnen niet achterblijven, nu Shell-werkmaatschappijen overal ter wereld ver gevorderd zijn met hun programma's voor afslanking en kostenbesparing. Eind volgende maand krijgt de staff in Londen en Den Haag een pijnlijke boodschap.