Wrede examennormen

Uit een brief van de staatssecretaris T. Netelenbos aan het parlement blijkt onder meer dat bij examens zowel voor het schoolonderzoek als het examen een voldoende moet worden behaald om te kunnen slagen.

Dit is te beschouwen als een geestelijke wreedheid. Destijds zijn de schoolonderzoeken ingesteld om de leerlingen niet geheel afhankelijk te laten zijn van de behaalde resultaten bij de eindexamen. De bedoeling was hiermee een tegenwicht te bieden voor de nerveuze spanningen bij veel eindexamenkandidaten. Nu maakt men er echter een heel examenjaar van met alle zenuwinzinkingen van dien! In feite is dit onbehoorlijk bestuur.

Daar komt nog bij dat leerlingen nu geheel en al aan de grillen van hun docenten worden overgeleverd. Als scheikundedocent heb ik als tweede corrector sommige examenresultaten wel eens een punt (in feite 10 punten) of meer moeten opwaarderen, omdat het niet boterde tussen docent en leerling. Andersom kwam ook voor. Voorts wordt ook over het hoofd gezien, dat er gedurende het schooljaar allerlei negatieve omstandigheden (echtscheidingen van de ouders, ruzies met ouders, het overlijden van verwanten en psychische problemen) zijn, waardoor een schoolonderzoek juist slecht wordt gemaakt. Ook hiervan heb ik in mijn klassen voorbeelden gehad.

Het kennisniveau is echt niet zo veel slechter dan dat van 40 jaar geleden, doch in schoolfrikkenland was alles vroeger natuurlijk altijd veel beter. Daarom het advies om de examens niet moeilijker te maken dan ze nu al zijn.