Trieste verhalen uit een Blijf van mijn Lijf-huis

Impact, Binnen het Blijf-huis, donderdag, 23.2. Ned.3, 23.23-0.08u.

Het adres is geheim. Kinderen mogen er niet de telefoon opnemen of de deur opendoen. Nieuwe bewoonsters van een Blijf van m'n Lijf huis worden vanaf het station opgehaald. Ze arriveren er meestal na jarenlang een meppende echtgenoot te hebben gehad. Soms komt een vrouw binnen met gebroken ribben, zo blijkt uit de documentaire over Blijf van mijn Lijf-huizen die de VARA donderdagavond uitzendt. Nederland telt 21 opvanghuizen voor mishandelde vrouwen. Jaarlijks kloppen ruim drieduizend vrouwen en kinderen aan voor hulp.

Documentairemaakster Toni Boumans verbleef 14 dagen in een Blijf van mijn Lijf-huis ergens in Nederland. Lang genoeg om een produkt af te leveren dat je als televisie-kijker niet snel zal vergeten, zou je denken. Ik wil niet beweren dat de verhalen van de geïnterviewde bewoonsters niet aangrijpend zijn maar ze voegen niets toe aan wat bekend mag worden verondersteld. Dat vrouwenmishandeling nog dagelijks plaats heeft, dat de aard van de mishandeling in de tijd ernstiger wordt en dat vrouwen vaak pas na jaren de moed hebben om hun meppende echtgenoot te ontvluchten. Wat wel bijzonder is aan deze documentaire is dat de slachtoffers zelf aan het woord komen.

De 18-jarige Sandra bijvoorbeeld die met haar kind de benen nam en pas wil terugkeren naar haar man als zijn handen zijn afgehakt. En Louise, afkomstig uit Zaïre, gescheiden en twee jaar geleden getrouwd met een Nederlandse man die haar veelvuldig sloeg. Twee kinderen, van wie het jongetje door zijn vader op zijn in gips verpakte been geslagen werd. Stuk voor stuk trieste verhalen maar ik vraag me af wat de meerwaarde van deze documentaire is.

Soms begijp je als kijker ook niet waar het in een discussie tussen de vrouwen nu precies over gaat - dan blijkt dat een kind moet achterblijven. Of dat een vrouw geen zin meer heeft om een bepaalde taak te verrichten. Het lijkt erop alsof Boumans heeft gedacht: dit onderwerp is zo erg, alles spreekt voor zich. Vreemd is ook dat ze in die 14 dagen niet op de gedachte gekomen is om aan de voorzitter van Blijf van mijn Lijf in Amsterdam, F. Kamp, te vragen hoe het nou zit met de wettelijke regeling voor de bescherming van vrouwen die in een opvanghuis zitten, waar Kamp vorig jaar oktober om vroeg.