Lenin (1870-1924); Revolutionair met aderverkalking

DMITRI VOLKOGONOV: Lenin. A New Biography

529 blz., geïll., The Free Press 1994, vert. en redactie Harold Shukman, ƒ 63,90 (Engelse editie HarperCollins, ƒ 79,25)

Eenenzeventig jaar is hij dood en drieeneenhalf jaar geleden stortte zijn erfenis ineen. Maar het gebalsemde lijk van Vladimir Iljitsj Oeljanov, genoemd Lenin, ligt er in het mausoleum op het Moskouse Rode Plein keurig bij. De leiders in het Kremlin hebben wel iets anders aan hun hoofd dan een begrafenis. De meeste van de ruim tachtigduizend Lenin-monumenten staan nog overeind en een meerderheid van de Russen heeft zijn positieve oordeel behouden. De puinhopen van het postcommunisme bevestigen hen gemakkelijk in hun overtuiging.

De historicus generaal Dmitri Volkogonov, zoon van een slachtoffer van de communistische terreur, heeft zich wel ontworsteld aan de Lenin-mythe. Zoals zovelen van zijn landgenoten was hij vroeger een Stalin-aanhanger. Met dit idool rekende hij af in 1988, toen zijn Stalin-biografie verscheen. Nu heeft hij met een uiterst kritische Lenin-biografie definitief afscheid genomen van het bolsjewistische totalitarisme. In de jaren tachtig was hij nog een gelovige leninist, tot hij in voorheen gesloten archieven ontdekte dat Lenin niet de godheid was waar de Sovjet-propaganda hem voor uitgaf, maar een 'Russische jakobijn'. De stichter van de Sovjet-staat bleef voor hem wel overeind als de grootste revolutionair van de twintigste eeuw. Weinig historische figuren immers hebben de maatschappij zo ingrijpend veranderd.

Lenins levenswerk was in Volkogonovs ogen in werkelijkheid een bloedig en monsterlijk experiment. De totalitaire Sovjet-maatschappij werd volgens de historicus gebouwd aan de hand van Lenins principes en het leninisme stond aan de oorsprong van de rampen waardoor Rusland in de twintigste eeuw werd getroffen.

Er blijft in zijn visie weinig positiefs in Lenins carrière over. Tijdens de Eerste Wereldoorlog was hij een defaitist die geld aannam van de vijand, Duitsland, om de revolutie in Rusland te organiseren. Hij draaide het door de Februarirevolutie van 1917 in gang gezette democratiseringsproces de nek om en bracht moedwillig een burgeroorlog te weeg die 13 miljoen slachtoffers maakte. Terwijl de Russen verhongerden, gebruikte hij de schatten van het ancien régime en de kerk om de revolutie in het buitenland te financieren. Zijn doctrine was er een van 'sociaal racisme'. Het doel heiligde voor hem de middelen. Hij vestigde een één-partijregime, een dictatuur die niet werd beperkt door enige wet en was gebaseerd op geweld. Hij startte de massaterreur, toegepast als instrument van staatspolitiek, en effende de weg voor Stalin.

Archieven

Zelfs de schuld van het uiteenvallen van de Sovjet-Unie schuift Volkogonov Lenin met terugwerkende kracht in de schoenen. Hij is zo mogelijk nog kritischer dan de Westerse Ruslandkenners die zulke opinies er al veel langer op na houden. Maar in Rusland vinden ze nog weinig gehoor. Volkogonovs Lenin-biografie is er tot nu toe alleen afgekraakt of doodgezwegen en de auteur ontvangt dagelijks woedende brieven.

Als Jeltsins adviseur had Volkogonov toegang tot belangrijke Russische archieven die voor gewone historici gesloten bleven, zoals het archief van de voormalige KGB en het presidentiële archief. Nu zijn Lenins geschriften vrijwel tot en met de boodschappenlijstjes bekend. Zijn verzamelde werken, die tientallen dikke delen met uitgebreide annotatie omvatten, hebben maar liefst vijf edities gezien; de zesde editie waartoe begin jaren tachtig werd besloten, is er net niet meer gekomen.

Volgens de stand van 1990 waren er meer dan 653 miljoen exemplaren van Lenins werken uitgegeven in 125 talen, “misschien het enige gebied waarop de communisten overvloed hebben weten te bewerkstelligen”, merkt Volkogonov ironisch op. Toch vond hij in de archieven nog enkele duizenden Lenin-documenten die niet waren gepubliceerd, omdat ze niet in de officiële hagiografie pasten. Afgezien van het voor Rusland nieuwe Lenin-beeld zit de betekenis van de hier besproken biografie, evenals van Volkogonovs eerdere biografieën van Lenins twee belangrijkste collega's Stalin en Trotski, hem vooral in dit nieuwe materiaal.

Er zijn ook bezwaren. Net als in de Stalin-biografie laat in de Lenin-biografie de compositie te wensen over. Volkogonov geeft zich graag over aan filosofische bespiegelingen en begeeft zich regelmatig op historisch terrein dat ten hoogste zijdelings met het behandelde thema te maken heeft. Het heilzame werk van vertaler Harold Shukman, die het Russische boek van duizend bladzijden aanzienlijk heeft ingekort en gestroomlijnd, heeft dit niet ten volle kunnen verhelpen. Het is eigenlijk ook geen echte biografie. Terwijl sommige episoden uit Lenins leven en werk zeer uitgebreid worden behandeld, blijven andere aspecten geheel buiten beschouwing.

Tegelijkertijd houdt Volkogonov zich niet aan zijn onderwerp door vele bladzijden lang uit te weiden over gebeurtenissen die vaak lang na Lenins dood plaatshadden. Het relaas over het einde van Stalins rivalen Trotski, Kamenev, Zinovjev en Boecharin hoort meer thuis in de Stalin- en Trotski-biografieën. Waarom moeten de geschiedenis van Katyn, Chroesjtsjovs memoires en Lenins opvolgers tot en met de 'laatste leninist' Gorbatsjov zo gedetailleerd aan de orde komen? Hetzelfde geldt voor Moskous financiële steun aan buitenlandse communistische partijen, al is het voor Nederlanders natuurlijk aardig te weten dat 'P. Groot' (lees: Paul de Groot) in november 1948 een bedrag van 50.000 dollar kreeg.

Het boek is feitelijk een verzameling capita selecta uit de geschiedenis van Lenin en het leninisme. Dat was een volgens Volkogonov onhervormbaar systeem dat in Rusland bestond van oktober 1917 tot augustus 1991. Hoewel de strakke lijn ontbreekt, valt er veel op te steken. Zo had Lenin volgens Volkogonov inderdaad een verhouding met Inessa Armand. Hij had een joodse grootvader, Srul (in het Russisch Alexander) Blank, maar Stalin liet de documenten hierover in de geheime archieven opbergen en zijn opvolgers hielden ze daar, omdat ook zij niet wilden dat bekend werd dat Lenin niet van zuiver-Russische herkomst was. Hij had trouwens ook Zweeds, Duits en Kalmyks bloed.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog nam Lenin volgens Volkogonov aanzienlijke bedragen aan van de vijand Duitsland, omdat het beide partijen goed uitkwam als er in Rusland een revolutie uitbrak. Het was ook de Sovjet-regering met Lenin aan het hoofd, die in de zomer van 1918 opdracht gaf tot het uitroeien van de hele familie van de laatste Russische tsaar, Nicolaas II. Nu was dit alles niet onbekend, maar Volkogonov geeft er door zijn archiefvondsten meer gewicht aan en verschaft ook de Russen inzicht in de feiten.

Lezenswaardig is vooral het relaas over Lenins ziekte, die zich in de tweede helft van 1921 openbaarde. In de Sovjet-literatuur is altijd de indruk gewekt dat Lenin vrijwel tot zijn dood op 21 januari 1924 tamelijk goed bleef functioneren. Volkogonov toont nu aan dat hij de laatste anderhalf jaar niet veel meer deed dan vegeteren. De hersenfuncties waren voor een groot deel uitgevallen, hij kon op het dieptepunt alleen nog klanken als 'kijk-kijk' uitbrengen en veel zaken gingen zijn begrip te boven.

De autopsie wees later uit dat er, anders dan wel werd vermoed, geen syfilis in het spel was. Lenin leed aan een erfelijke vorm van aderverkalking, die de toevoer van vers bloed naar de hersenen ernstig belemmerde. Dit proces werd nog versterkt door de stress van het leiderschap. Door zijn zwakke zenuwstelsel was Lenin fysiek ongeschikt voor zware arbeid. Vóór 1917 had hij ook nooit hoeven werken voor de kost. Na de machtsovername in 1917 werd hij “eenvoudig kapotgemaakt door de spanning van de macht”, aldus Volkogonov. De bloeddorstige taal die Lenin in deze tijd soms uitsloeg, zou mede een uiting van zijn overspannen zenuwen kunnen zijn geweest.

Rekensom

Mensen die hem in de laatste periode van zijn leven zagen, waren geschokt. “In plaats van de man die maar anderhalf jaar eerder nog het brein en het hart van de revolutie was, zagen zij een vrijwel onbeweeglijke figuur met droevige ogen en een treurig lachje op zijn gezicht.” Toch nam hij ook tijdens zijn ziekte nog belangrijke beslissingen. Rond de tijd dat hij zelfs niet meer in staat was een rekensom op het niveau van een zevenjarige op te lossen, gaf hij opdracht enkele honderden Russische topintellectuelen die naar het oordeel van de partij te onafhankelijk dachten, over de grens te zetten. Zij waren in zijn ogen 'niet het brein, maar de stront' van Rusland, dat voorgoed van hen moest worden gezuiverd.

Volkogonov ziet geen aanwijzingen voor de vaak gehoorde theorie dat Lenin op zijn ziekbed zou zijn geschrokken van het bureaucratische, totalitaire karakter van zijn geesteskind. Hij stelde geen wijzigingen voor in het politieke systeem, maar wilde alleen enkele uiterlijke trekken veranderen. Het was volgens de auteur naïef te verwachten dat dit iets zou verbeteren. Lenin wilde meer arbeiders in de hogere partij-organen opnemen, maar alle arbeiders en boeren die onder Stalin en zijn opvolgers in het partij-apparaat terechtkwamen, waren volgens Volkogonov absoluut geen remedie tegen de toenemende bureaucratie.

Bij onderzoek na Lenins dood bleek één hersenhelft door de ziekte te zijn ineengeschrompeld tot de omvang van een walnoot. De dode werd opgebaard in het mausoleum op het Rode Plein. In deze staat was hij het regime zo mogelijk nog meer van nut. De Lenin-cultus kwam op gang, en Stalin wist die het handigst te gebruiken. Volkogonov legt overigens niet uit waarom Lenin er opgebaard zoveel beter uitzag dan tijdens zijn ziekte. Je zou haast geloven dat er waarheid zit in het verhaal van Karel van het Reve over de wedstrijd die werd gehouden, waarin een acteur die op Lenin leek werd gezocht om in een film zijn rol te spelen. De winnaar verdween spoorloos en het lijk van Lenin zag er daarna opeens een stuk frisser uit.

Volkogonov denkt dat de mummie er wel niet zo lang meer zou kunnen liggen. Ik ben daar niet zo zeker van, als de techniek het tenminste niet begeeft. Veel last hebben de leiders in het Kremlin niet van de dode, en waarom zouden ze de vele Lenin-aanhangers tegen zich in het harnas jagen? Helemaal nu voormalig Politburo-lid Boris Jeltsin heeft laten zien, dat hij nog altijd bij de bolsjewistische regeerstijl zweert.