'Woonwarenhuis' in Utrecht met meubels van kunstenaars

Tentoonstelling: Boulevard d'Unica, unieke meubels en (on)gebruiksvoorwerpen. Sophie's Palace, Catharijnesingel 60 in Utrecht. T/m 5 maart; vr en za 14-20 u., zo 14-18 u.

In sommige gevallen betekent een kwartiertje zitten een grotere marteling dan urenlang staan. Die overweging moet Peter Tijhuis ertoe hebben gebracht ijzeren stoelen te ontwerpen waarop - bij wijze van spreken - onschuldige verdachten in een dictatoriaal geregeerd land worden gedwongen tot het afleggen van willekeurige bekentenissen. Het metalen laswerk van de stoelen, nergens verzacht door enige stoffering, en de wurgpaalachtige hoofdsteunen maken wie erop plaats neemt lichamelijk en geestelijk murw. De lakrode tafel die erbij hoort voorspelt ook al niets goeds, net zo min als de ijzeren archiefkast, een puntig staketsel waarin losse dozen worden geschoven.

Tijhuis' opvallende, maar ongemakkelijke meubilair maakt onderdeel uit van de expositie Boulevard d'Unica, die gedurende de weekeinden tot en met 5 maart te zien is in een voormalig farmaceutisch laboratorium van de Rijksuniversiteit Utrecht. Ongeveer dertig kunstenaar-vormgevers hebben in dit ongebruikelijke 'woonwarenhuis' hun meubels, kandelaars, lampen en andere min of meer functionele voorwerpen bijeengebracht.

Het heterogene werk hangt en staat in de grote zalen onbekommerd door elkaar, waardoor de steriliteit van de design-stijlkamer ontbreekt. Massieve kasten, een soort sterk vergrote bijenkorven, delen de ruimte met elegante 'zelfdragende tafelkleden'. Martin Brühl, de ontwerper van deze laatste inzending, boog met de hand een plaat roestvast staal tot een draperie. De draperie - in het schemergebied tussen meubel en sculptuur - steunt op de grond en heeft dus geen onderstel nodig. Het golvend geplooide metaal dient tegelijkertijd als tafel en als tafelkleed.

Minder ongewoon zijn twee uitstekende meubels van Luuc Visch. Een luchtig kastje dat doet denken aan een ouderwetse boekenmolen is samengesteld uit geperforeerd metalen wanden en deurtjes, en een paar board legplanken. Het prototype van deze weinig traditionele meubelmaterialen is visueel en functioneel krachtig genoeg om, eventueel als bouwpakket, in produktie te worden genomen. Dat geldt ook voor Visch' tafel met het ronde, geheel geschulpte bovenblad. De vier tafelpoten rusten elk in een apart buisje waarin tijdens de tentoonstelling een roosje is gestoken. Thuis stapelt de ontwerper er appels en peren in.

De blauwe tafel van Visch moet het opnemen tegen een donkere 'muur' van Anne-Marie Riksen, een van de weinige deelnemers die wandschilderingen exposeert. Tegen een zwart-groene achtergrond bloeien twee aronskelken, de kunstmatige bloemen die eerder uitgevonden dan spontaan gegroeid lijken te zijn. Voor de kalmere driedimensionale meubels vormen de kelken met hun stralend gele kleur en lange stelen een mooi tegenwicht.

Wandschilderingen en meubels overtuigen meer dan de vrijere, decoratieve objecten. De makers van deze unica braken zich niet het hoofd over technische en commerciële problemen van produktie of distributie. Hun objecten zijn dan ook vaak blijven steken in achterhaalde flauwiteiten. Al die ongestructureerde bouwsels met kinetische foefjes en aan en uit flakkerende neonlichten voegen aan de bezienswaardige tentoonstelling niets toe.