Directeur GG & GD van Amsterdam stelt functie ter beschikking

AMSTERDAM, 16 FEBR. De directeur van de Amsterdamse GG & GD, dr. H. Rengelink, heeft zijn functie ter beschikking gesteld. Hij acht zich niet de meest aangewezen persoon om het voortouw te nemen in de reorganisatie van de GG & GD die in de nabije toekomst vooral marktgericht moet opereren. In overleg met de gemeente wordt gekeken naar een andere werkkring “zodat zijn expertise op het gebied van de gezondheidszorg niet verloren gaat”, aldus de woordvoerder van wethouder Van der Giessen (volksgezondheid). Hij verheelde niet dat Van der Giessen het besluit van Rengelink niet betreurt.

Rengelink, die 23 jaar het gezicht van de Amsterdamse GG & GD heeft bepaald, heeft het personeel gisteren ingelicht. De inkt van de brief was nog niet droog of Rengelink kreeg van het magazijnpersoneel een pamflet met een foto van hem erop en de tekst 'Henk moet blijven'. Ook lag er snel een grote bos bloemen op de tafel in zijn werkkamer.

Rengelink trad in 1972 als adjunct-directeur in dienst bij de GG & GD. Tien jaar later volgde zijn benoeming tot algemeen directeur. “Ik heb aan heel wat reorganisaties leiding gegeven en ik word geïdentificeerd met waar de dienst voor staat: het bevorderen van gelijke kansen op gezondheid in een stad waarin die gezondheid erg ongelijk verdeeld is. De gemeente vindt dat de organisatie ingrijpend moet worden veranderd, we moeten bijvoorbeeld meer marktgericht gaan denken. Niet alleen de structuuur maar vooral ook de cultuur zal veranderen. Als gemeentelijke dienst kijk je wat kan en mag, als marktorganisatie wat moet en kan.”

Vorig jaar bleek uit onderzoek van KPMG Consultancy dat een geprivatiseerde GG & GD meer toekomst zou hebben dan wanneer de dienst gelieerd zou blijven aan de gemeente. In september stelde de directie voor, privatisering tot 1998 uit te stellen. Toen al had Rengelink een eerste informeel gesprek gehad met wethouder Van der Giessen, omdat hij betwijfelde of hij wel de meest aangewezen persoon was om een stuwende rol te spelen in het veranderingsproces. De gemeenteraad moet nog een definitief besluit nemen over de privatisering.

Behalve met de nieuwe stuctuur had Rengelink grote moeite met de afspraak in het programakkoord dat de GG & GD gedurende deze raadsperiode 6 miljoen moet bezuinigen, 3,8 miljoen meer dan in februari vorig jaar door de raad was vastgesteld. Die besloot toen dat de dienst 2,2 miljoen moest inleveren. In een brief aan Van der Giessen liet Rengelink weten geen kans te zien de bezuinigingen uit te voeren. “Het aanvullende bedrag van 3,8 miljoen moet gevonden worden in de zogenaamde A-taken (...) Deze A-taken betreffen activiteiten die veelal specifiek gericht zijn op groepen uit de samenleving die de slechtste kans op gezondheid hebben”, schreef hij eind november vorig jaar.

Ook het voornemen van Van der Giessen om de baby- en kleuterzorg bij de GG & GD weg te halen en over te hevelen naar het Kruiswerk, besparing 1,6 miljoen gulden, viel binnen en buiten de dienst niet in goede aarde. De Amsterdamse kinderarts voor long- en luchtwegenziekten, R.W. Griffioen, bestempelde de maatregel in een brief aan Van der Giessen als het afnemen “van een stuk zorg van de stad”. Hij achtte het onmogelijk dat de Stichting Amsterdams Kruiswerk (SAK) de baby- en kleuterzorg naar behoren zou kunnen uitvoeren. “De SAK heeft al grote moeite het huidige takenpakket te vervullen (de toenemende thuiszorg voor bejaarden en invaliden en stervensbegeleiding) waaraan ze te gehouden zijn,” aldus Griffioen. Het college van B en W heeft nog geen definitief besluit genomen over de overheveling van de baby- en kleuterzorg.