Vijftig stoelen uit deze eeuw; 'Een nest op poten'

De ontdekking van de stoel is na de ontdekking van het wiel de belangrijkste die de mens ooit gedaan heeft'', schrijft de dichter J. Bernlef in zijn bundel De Stoel. Volgens hem is een stoel 'een nest op poten', 'een vertrouwde plek waar je naar terugkeert na een lange dag van je verplaatsen.' En inderdaad, geen meubelstuk bepaalt zó hoe je je voelt in een bepaalde ruimte. Mensen hechten aan hun stoel, en zeggen 'nee niet daar, dat is mijn stoel', terwijl zelden iemand warme gevoelens zal koesteren voor een tafel. Voor veel ontwerpers en architecten is de stoel dan ook het meubelstuk bij uitstek om te experimenteren met nieuwe materialen, produktietechnieken en esthetische principes.

In het museum Boymans-van Beuningen zijn tot 26 maart vijftig stoelen uit deze eeuw te zien. De inrichting van het Van Beuningen-de Vriese paviljoen is drastisch aangepast: een zwarte driehoekige vloer rijst schuin omhoog en daarop staan de stoelen in verschillende formaties bij elkaar. Sommige 'en profile', andere met de rugleuning naar de toeschouwer of in gezelschap van verwante exemplaren. Dit bijzondere perspectief komt het overzicht ten goede. De bezoeker hoeft nu eens niet om de stoelen heen te lopen (waarbij hij noodgedwongen ook altijd zicht van boven heeft) maar kan van een afstand, bijgestaan door een uitklapvel met uitleg, meerdere stoelen tegelijk zien en vergelijken.

Als iets met deze kleine expositie in het Boymans duidelijk wordt, is het wel dat er oneindig gevarieerd kan worden op het thema stoel. De nadruk ligt op buisframestoelen en kindermeubelen. Er staat bijvoorbeeld een reeksje van vier buisstoelen met een 'S-frame' uit de jaren 30, elk exemplaar een beetje kleiner dan het vorige en met de sporen van gebruik. Er is ook een klein stoeltje van Arne Jacobsen, een soort hoekige variant van de 'mier' (1952) en 'vlinder' (1955). In gedachten zie je kleuterscholen in Denemarken er vol mee staan. Of is het het favoriete plekje van de kleuter thuis?

De Haagse binnenhuisarchitect Cor Alons maakte een kleurig ameublementje op kinderformaat. Het tafeltje en de twee stoeltjes bestaan uit houten onderdelen die in rechte hoeken aan elkaar zijn bevestigd - geïnspireerd door Rietveld lijkt wel. Het ziet er mooi uit, maar je kunt je eigenlijk niet voorstellen dat het echt handig is, of prettig zit.

Buisstoelen zijn er in soorten en maten en wat opvalt is de moderne uitstraling van deze modellen. Het metalen buisframe werd in de jaren '20 voor het eerst toegepast door ontwerpers van Bauhaus, zoals Marcel Breuer en Ludwig Mies van der Rohe. Zij wilden gebruik maken van nieuw ontwikkelde materialen en constructiemogelijkheden en streefden daarbij naar ontwerpen die geschikt zijn voor serieproduktie. Moderne kopieën van hun stoelen zijn nog steeds zeer populair. In 1925 ontwierp Breuer de eerste stalen buisstoel, die later 'Wassily' genoemd zou worden (naar Wassily Kandinsky voor wie Breuer de stoel in eerste instantie maakte).

Op de expositie is een stoel van le Corbusier uit 1928 te zien die opvallende verwantschap vertoont met Breuers ontwerp. Le Corbusier was echter niet uit op een zo simpel mogelijke constructie, maar liet zich inspireren door de safaristoel. Terwijl Breuer zo min mogelijk verschillende onderdelen gebruikte en rondlopende buisconstructies verwerkte, zijn de onderdelen bij le Corbusier grotendeels recht en in hoeken aan elkaar gelast. De stoel ziet er daardoor wel eleganter en minder fors uit.

Charles Eames bracht met zijn 'uitvinding' van de kuipstoel ook een verandering teweeg in de vormgeving van de stoel. Toen het Museum of Modern Art in New York in 1940 de wedstrijd 'Organic Design in Home Furnishings' uitschreef, ontwierp Eames samen met Eero Saarinen zachtgolvende kuipstoelen. Omdat de technologie ontbrak om de vervormde stukken multiplex in serie te produceren, werden de stoelen aanvankelijk gemaakt van losse stukken, die met krammen aan elkaar werden gezet. Pas de eerste experimenten met kunststof maakten het mogelijk om het oorspronkelijke idee, een kuip uit één stuk, te realiseren. In het Boymans is een kunststof kuipstoel van Eames te zien met een onderstel van hout en metaal. Het plastic kuipje ziet er efficiënt maar toch comfortabel uit. Niet verwonderlijk dus dat menige wachtkamer voorzien is van een variant van Eames vinding. Hoe mooi een stoel ook is, het blijft tenslotte een gebruiksvoorwerp.