Afghaanse president verliest stad Kunduz

NEW DELHI, 7 FEBR. De troepen van de Afghaanse president, Burhanuddin Rabbani, hebben, naar gisteren bekend werd, hun controle over de strategische noordelijke stad Kunduz verloren. Het betekent een gevoelige klap voor Rabbani en diens militaire aanvoerder, oud-minister van defensie Ahmed Shah Massoud.

Een zegsman van Rabbani gaf gisteren toe dat diens troepen Kunduz zondag hadden moeten ontruimen na een offensief van de mannen van de Oezbeekse krijgsheer Rasheed Dostam en diens bondgenoot, premier Gulbuddin Hekmatyar. Het is echter de vraag hoe lang deze de stad in handen zullen houden. Vorig jaar namen ze Kunduz ook al eens in, maar reeds zes dagen later heroverde Rabbani de stad, die aan een belangrijke route naar de Centraal-Aziatische republieken van de vroegere Sovjet-Unie ligt.

Intussen staan de mannen van Hekmatyar, Rabbani's aartsvijand, zelf ook onder zware druk. Bij de even ten zuidwesten van Kabul gelegen plaats Maidan Shar leveren ze een verbeten strijd met een groep zwaar bewapende religieuze studenten, die bekend staan als Talibaan.

De speciale gezant van de Verenigde Naties voor Afghanistan, de Tunesische voormalige minister van buitenlandse zaken Mahmoud Mestiri, verwacht dat er nog voor het einde van de ramadan - de islamitische vastenmaand die tot begin maart duurt - een akkoord zal worden bereikt tussen de verschillende facties. Daarbij zouden Rabbani en Hekmatyar hun overigens zeer beperkte macht moeten overdragen aan een raad met vertegenwoordigers uit alle lagen van de Afghaanse samenleving.

Mestiri verheelde niet dat zijn taak makkelijker is geworden door de opmars de afgelopen maanden van de Talibaan, die op krachtige steun van Pakistan kunnen rekenen. Hierdoor zijn de andere facties eerder tot een vergelijk bereid.