Aaftink krijgt slechts op één 500-meterrit een goed gevoel

ALKMAAR, 6 FEBR. Nederlands beste sprintster, Annamarie Thomas, gaat niet naar de mondiale titelstrijd, over twee weken in het Amerikaanse Milwaukee. Thomas is een allroundster en het WK-sprint past niet in haar voorbereiding op het WK-allround. De wedstrijden om de nationale sprinttitels van afgelopen weekeinde in Alkmaar waren voor de Friezin dan ook niet meer dan “een lekkere training”.

Nederland mag met twee sprintsters aan het WK-sprint deelnemen. Omdat Thomas geen interesse heeft, kan behalve de nummer twee van de Nederlandse kampioenschappen, Sandra Zwolle, ook de nummer drie de koffers voor Amerika pakken. En dus besloot Christine Aaftink voorlopig nog maar geen punt achter haar carrière te zetten.

De 28-jarige Aaftink is de afgelopen jaren veruit de sterkste sprintster van Nederland geweest. Ze oogde altijd traag, maar dat was slechts schijn. De lange klappen die ze met haar sterke benen maakte, waren ook altijd raak. De meeste van haar zeven nationale titels won ze bij wijze van spreken met beide handen op de rug. Ook internationaal deed ze van zich spreken. Op de wereldkampioenschappen van zowel 1990 als 1991 eindigde ze als derde, een klassering die slechts een keer eerder door een landgenote (Haitske Pijlman in '77) was behaald. Bij de Olympische Spelen van 1992 viel ze maar net buiten de medailles: vierde op de duizend meter en vijfde op de vijfhonderd.

Die misgelopen medailles waren natuurlijk een teleurstelling, maar twee jaar na Albertville zouden er in Hamar alweer Winterspelen zijn. De mondiale sprint-elite vreesde een hernieuwde confrontatie met de 'Big Bird' uit Baambrugge. Want Aaftink, die kon toch alleen maar nóg sterker worden? Dat was toch een potentiële nummer één?

Maar Hamar werd een grote teleurstelling voor de veelvoudig nationaal kampioene. Na een door een knieblessure niet vlekkeloos verlopen voorbereiding eindigde ze op zowel de vijfhonderd als duizend meter niet eens bij de eerste vijftien. Een verloren seizoen. En dit seizoen? Ze heeft met de gedachte rondgelopen om er maar mee te stoppen, want ook de afgelopen maanden bleef ze bij de World-Cupwedstrijden ver verwijderd van de topposities. Maar die gedachte heeft ze voorlopig toch weer even uit haar hoofd gezet nu ze door het afzeggen van Annamarie Thomas alsnog naar het WK mag. Als de enige nationale sprintster pur sang. Als de nummer drie van het NK, op bijna vier punten van een allroundster en ruim een punt achter de Nederlands kampioene op de marathon, Sandra Zwolle. Het zegt veel over het niveau waarop in Nederland wordt gesprint.

Gistermiddag, na afloop van de nationale titelstrijd, was Aaftink slechts tevreden over een van de vier ritten die ze in Alkmaar had gereden: haar tweede vijfhonderd meter, eerder op de dag. Die afstand legde ze af in 42.19, achthonderdste langzamer dan de winnende tijd van Thomas, die op beide dagen veruit de sterkste was en alle afstanden won. Op die vijfhonderd meter had Aaftink voor het eerst dit seizoen weer even “het gevoel” bespeurd. Het gevoel dat in haar beste dagen zo vertrouwd was, het gevoel waarmee ze opstond en waarmee ze ook weer naar bed ging, dag in, dag uit. Het gevoel dat tot de vijfhonderd meter van gisteren als niet meer dan een herinnering aan haar gemoedstoestand had geknaagd.

Ze vermoedt dat de terugslag te maken heeft met haar streven naar perfectie en haar ongekende fanatisme. “Daardoor leg ik mezelf een te grote druk op.” Ze wil zó graag, zó graag ook een foutloze race rijden, dat ze verkrampt aan de start verschijnt. Met als gevolg dat ze niet meer tegen haar tegenstandster of de klok rijdt, maar tegen zichzelf.

Haar toekomst laat Aaftink nu “voorlopig” afhangen van het WK in Milwaukee. De vijfhonderd meter van gisteren heeft haar vertrouwen gegeven. Het vertrouwen dat ze nog steeds fel en agressief kan zijn. Dat ze “nog steeds de brokken uit het ijs kan trappen”. “Maar als ik bij het WK niet bij de eerste acht, de eerste tien eindig, zal ik toch opnieuw moeten overwegen of het eigenlijk nog wel zin heeft om door te gaan.”