Dorothy Donegan vecht met de piano

Concert: De Amerikaanse pianiste Dorothy Donegan met Jerome Hunter (contrabas) en Ray Mosca (slagwerk). Gehoord: 1/2 Vredenburg, Utrecht. Verder: 2/2 Nick Vollebregt's, Laren (23 uur dir. uitz. TROS-Sesjun radio 2), 3/2 Muziekcentrum, Enschede, 4/2 Harmonie, Leeuwarden, 5/2 Doelen, Rotterdam (met zangeres Deborah Brown), 7/2 Meervaart, Amsterdam.

'Swing, dat is toch alsdat je met je voet mee kan tikken?'

Precies, en dat trouwe concertbezoekers dat zo goed weten is te danken aan het groeiende swingbeleid in Nederland. Elke gemiddelde concertzaal biedt tegenwoordig wel een serie swing en dus heeft Vredenburg er twee, één uitsluitend met S(w)ingin' Ladies.

Dat pianiste Dorothy Donegan (70) is ondergebracht in de andere serie heeft twee oorzaken: dat ze nauwelijks zingt en absoluut niet haar best doet om de Lady te spelen. Ze tikt niet mee met de voet maar stampt veel liever, strekt vaak als een karatevechter haar rechterbeen richting publiek, speelt soms een stukje met haar ellebogen en steekt na afloop van een stuk vaak een vuist omhoog. Piano spelen als een robbertje vechten. Inhoudelijk wil Donegan juist onderstrepen dat zijn niet van de straat komt, zoals blijkt uit de citaten die zij in haar 'swingpot' verwerkt. In een potpourri van Gershwin composities duikt plotseling Für Elise op, All Blues van Miles Davis verandert zonder duidelijke aanleiding in Rhapsody in Blue en flardjes Chopin fungeren als bindmiddel tussen boogie en blues.

'That's me' roept Donegan opgewekt in de microfoon als ze tijdens een versie van Erroll Garners Misty treffend een geit heeft geïmiteerd, waarna ze zonder mankeren een razendsnelle versie van Ellingtons Caravan inzet, compleet met een populair klassiek citaat. Het publiek is behoorlijk geïmponeerd door die in glitter broekpak en bolhoed met bontrand gestoken 'last of the red hot mammas', die speelt als een echte klavierleeuwin. Toch blijft er de hele avond een lastig probleem: dat tikken met die voet, dat wil niet erg vlotten. Zou zo'n polka van Chopin niet wat swingender kunnen?