Aandelen in Tokio lager na oplopen schok-schade

TOKIO, 20 JAN. De aandelenkoersen op de effectenbeurs van Tokio zijn vanmorgen voor de derde achtereenvolgende dag gedaald. Reden voor de koersdaling is dat beleggers de ramingen van de directe en indirecte schade van de zware aardbeving, die de Japanse Kansai-regio dinsdagochtend heeft getroffen, sterk hebben zien oplopen. Het Nikkei-gemiddelde van de beurs van Tokio daalde 1,23 procent naar 18.840 punten. Gisteren was de het gemiddelde al met driekwart procent naar beneden.

Nadat de financiële sector zijn schattingen over de schade al herhaaldelijk heeft opgeschroefd, hebben drie Japanse onderzoeksbureau's inmiddels de schade die de aardschok heeft aangericht geraamd op tussen de 50 miljard gulden en 140 miljard gulden.

De kapitaalmarktrente in Japan liep verder op tot ruim 4,7 procent, omdat beleggers verwachten dat de Japanse overheid voor het herstel van de schade aan de infrastructuur een bedrag nodig heeft dat kan oplopen tot 35 miljard gulden.

Op de obligatiemarkt was dit jaar een aanbod verwacht van 350 miljard gulden. Op de effectenbeurs leden met name de aandelen van de electronicasector, de scheepsbouw- en de staalsector koersverlies.

Het Amerikaanse verzekeringsconcern American International Group was gisteren een van de eerste Amerikaanse verzekeringsmaatschappijen die de gevolgen van de aardschok voor de eigen portefeuille bekend maakte. Het concern zegt 50 miljoen dollar (85 miljoen gulden) uit te moeten keren in Japan.

Andere Amerikaanse verzekeringsmaatschappijen hebben al gezegd dat de schade bij hen beperkt is, omdat de Japanse verzekeringsmarkt zeer gesloten is. Zo'n 98 procent is in handen van Japanse maatschappijen, waarvan sommige zich hebben herverzekerd buiten Japan. De Japanse verzkeringsmarkt is zo'n 560 miljard gulden groot.

Volgens de meeste verzekeringsanalisten is slechts een zeer klein deel van de Japanners verzekerd tegen aardbevingsschade. Dat geldt zowel voor levensverzekeringen als voor schade aan persoonlijke eigendommen. (AP, Reuter)