Onverwerkt verleden (2)

De Nederlandse regering met Drees, Schermerhorn c.s. had in 1945 gelijk toen zij meende dat Indonesië nog niet toe was aan onafhankelijkheid; wat er kan gebeuren wanneer een natie onbesuisd wordt gesticht heeft Nederland na 1975 in Suriname kunnen zien. In de strijd tegen Nederland tijdens de politionele acties groeide de kracht en het leiderschap aan Indonesische kant zodanig dat het in 1948 wel de zelfstandigheid aankon. Ook dat heeft premier Drees tijdig ingezien.

Ik wil nu in 1995 niet beweren dat Nederland bewust de rol van sparring partner op zich nam, opdat Indonesië zich zou kunnen ontwikkelen, maar achteraf gemeten naar de resultaten was er weinig verkeerd aan de Nederlandse Indonesiëpolitiek in de periode 1945/48 inclusief de politionele acties. Indonesië heeft een bestuur ontwikkeld dat in staat is een grote natie met een grote verscheidenheid aan volken en talen bijeen te houden; hoe knap dat is kunnen we zien in het voormalige Joegoslavië, de Russische Federatie, Afrika. De kiem daarvoor is gelegd in de periode 1945/48. Excuses voor de rol van Nederland daarbij zijn absurd; we deden beter ons bij Suriname te verontschuldigen voor hun overhaaste en ondoordachte onafhankelijkheid. Enkele hoofdrolspelers aan Nederlandse zijde in dat proces zijn ook nog in leven, zoals minister Pronk, en dan klinkt een excuus meer gemeend en oprecht. Aan het Indonesiëbeleid van destijds heeft ondergetekende althans part noch deel; ik wil daarom al niet dat er mede namens mij verontschuldigingen worden gemaakt voor een houding van Nederland die bovendien uiteindelijk betere resultaten opleverde dan het gestuntel ten aanzien van Suriname vanaf 1970.