Een dame weet haar juwelen te dragen

Past een zilveren sieraad wel bij een gouden ketting? Met hoeveel bijoux mag een vrouw zich sieren om zich nog chic te kunnen noemen? Staan parels wel bij jonge meisjes? De regel is dat er vrijwel geen regels voor het dragen van juwelen zijn te geven.

Dames die weten hoe het hoort dragen geen horloge naar een avond-feest. Het is onbeleefd om iets bij je te hebben waarop je kan zien hoe laat het is. Alsof je wacht tot het tijd is het feest te verlaten. Alleen de fortuinlijke vrouwen die een polshorloge bezet met briljanten en andere edelstenen bezitten, zeer in zwang aan het begin van deze eeuw, mogen hun klokje dragen. “Maar dan is het een sieraad, want je kan door alle parels en diamanten haast niet meer zien hoe laat het is,” zegt Klaas Martijn Akkerman, 'juwelenhistoricus'.

Tegenwoordig is het dragen van juwelen nauwelijks meer aan regels en voorschriften gebonden, maar dat betekent niet dat alles kan en mag. Zo is een zilveren broche op de borst (broches moeten overigens altijd links en liefst iets onder de schouder gedragen worden, ook op de revers) in combinatie met een gouden collier niet mooi. De glans van beide edelmetalen gaat niet samen.

Persoonlijk stoort het Akkerman als ringen aan de middelvinger worden gedragen. Die horen aan de ringvinger, of desnoods aan de pink. Het juweel dient trouwens tevens om de schoonheid van degene die het draagt te onderstrepen. Akkerman raadt mensen met korte dikke vingers af een langwerpige ring te dragen. En nagelbijters kunnen maar beter helemaal afzien van een mooie ring.

Een vrouw met gevoel voor stijl en goede smaak heeft geen regels nodig. Die wéét hoe ze juwelen moet dragen. “Sonja Barend draagt altijd hele goede juwelen. Gisteren in Parijs zag ik een vrouw met twee schitterende ringen. Een solitaire (een enkele, grote briljant) en een alliance (een ring die rondom bezet is met briljantjes). Een bepaald type vrouw kan dat hebben, maar voor goede stijl en smaak zijn geen definities te geven,” zegt Akkerman. Oftewel: de een kan zich als een kerstboom optuigen maar er niet zo uitzien, terwijl de ander al met twee ringen te opvallend lijkt te pronken. En het is zeker 'not done' om met je juwelen te koop te lopen. “Dat was al zo in de zeventiende eeuw. In Amsterdam heeft een dominee in 1610 een hele preek lang gefulmineerd tegen juwelen. Je rijkdommen tonen, dat deed en doe je niet in het calvinistische Holland.”

In het buitenland is dat anders. Zo zie je in de Parijse etalages niet alleen de nieuwste couture maar ook de bijpassende juwelen. De heersende mode speelt een belangrijke rol bij de soort juwelen die men draagt. Zo is nu geel goud heel populair en kan Akkerman bijna niet aan de vraag naar gasslangcolliers uit de jaren vijftig voldoen. “Juwelen staan altijd in verband met de mode. Op de wereldtentoonstelling van 1925 stond de expositie van de juweliers in het paneel van de mode. En de kleur shocking pink, fel-rose, heeft Elza Schiaparelli indertijd alleen maar gecreeërd voor Daisy Fellows, de hoofdredactrice van Harpers Bazaar, om bij een roze diamant te dragen.”

Fellows kocht jurken bij haar juwelen. Dat zal voor de meeste beginnende juwelendraagsters niet weggelegd zijn. Akkerman adviseert dan ook bij de aankoop van iemands eerste juwelen geen uitgesproken, opvallende decoratie te kiezen. “Die zijn voor mensen die alles al hebben. Kies een eenvoudig sieraad. Met een gouden ring, parel-oorknoppen en een mooie armband kom je al een heel eind.” Maar zijn allerbelangrijkste regel luidt dat de aanstaande drager of draagster in een klap verliefd wordt op het juweel.

Kersverse grootouders, die hun dochter na de geboorte van het kleinkind willen verrassen, doen er goed aan een niet te kostbaar juweel aan te schaffen om de echtgenoot niet af te troeven.

Voor jonge mensen zijn 'grote toestanden' niet geschikt, zegt Akkerman. Meisjes kunnen beter voor kleine ringen en juwelen met grappige vormen, de zogeheten 'fun jewelry' kiezen.

Bijgelovige juwelenliefhebbers zullen de opaal links laten liggen. De steen zou zijn slechte naam gekregen hebben door Sir Walter Scott's Anne of Geierstein (1831) waarin de hoofdpersoon een opaal droeg op het tijdstip van overlijden. In haar bed vonden de nabestaanden niets anders terug dan een hoopje as, en de opaal. Tot de eeuwwisseling werden opalen in Europa niet gedragen.

Het dragen van juwelen bij huwelijken en begrafenissen is niet aan conventies gebonden, hoewel Akkerman parels als zeer geschikt beschouwt voor beide gelegenheden. De parel heeft het imago een juweel voor oudere dames te zijn, maar is ook als symbool van zuiverheid en maagdelijkheid het sieraad bij uitstek voor een jonge vrouw in klassieke bruidskleding, zeker in combinatie met briljanten.

“Het onderhoud van parels moet men wel overlaten aan de deskundige. Dat geldt overigens voor alle juwelen. Doe dus niet zoals de Duitse keizerin, die een keer per jaar haar parelkettingen onderdompelde in de Noordzee omdat de paarlen dan gezuiverd zouden worden door het zeewater, hun oorspronkelijke element. Daar worden ze echt niet schoon van.” In Nederland zijn parels niet zo gewild, in tegenstelling tot in Engeland. “De Engelse koningin Elisabeth draagt altijd een parelketting. Wat de royalty draagt heeft grote invloed op de mode in juwelen.” Zo krijgt Akkerman nog steeds geregeld klanten die een 'Lady Diana' verlovingsring met blauwe saffier vragen.

Ook mannen dragen steeds vaker juwelen. Volgens de juwelenhistoricus is dit een gevolg van invloeden van popsterren zoals Elton John, die regelmatig met juwelen verschijnt. Overigens draagt Akkerman, op zijn horloge na, geen juwelen. “Dat is een soort code bij juweliers. Die mogen alleen een dasspeld met paarlen dragen.”