A.J.M. MASSON (1922-1994); Kleurrijke spil in de ABP-affaire

Gisteren overleed in Den Haag op 72-jarige leeftijd mr. drs. A.J.M. Masson, voormalig directeur beleggingen van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP). Masson gold als de kleurrijke hoofdpersoon in de zogenaamde ABP-affaire, de steekpenningen-affaire die halverwege de jaren tachtig hardhandig een einde maakte aan de illusie dat Nederland gevrijwaard was gebleven van grootschalige corruptie. Hoewel Masson uiteindelijk in hoger beroep werd vrijgesproken van het ontvangen van steekpenningen maakte de jaren slepende rechtszaak rond zijn persoon duidelijk dat de bouwwereld met ruime hand smeergelden betaalde aan het ABP.

Vanaf 1983 tot aan zijn dood was Masson betrokken in de juridische afwikkeling van de ABP-affaire. Daarbij werd de voormalige ABP-topman aanvankelijk beschuldigd van het ontvangen van tonnen aan steekpenningen van bouwbedrijven. In ruil voor de gelden, die de directeur beleggingen via zijn op Jersey gevestigde brievenbusmaatschappij incasseerde, zouden bouwopdrachten zijn verstrekt door de pensioen-reus ABP. Daarbij zou Massons goede vriend, de betonspecialist ir. J. van Zon, als tussenpersoon hebben opgetreden.

“Ik blijf altijd lachen”, zo verklaarde Masson nadat de rechtbank hem in eerste instantie had veroordeeld tot een jaar gevangenisstraf en een boete van ruim een ton. En zo was het maar net: ogenschijnlijk vrolijk, opgeruimd van karakter en altijd in voor een goede grap sloeg Masson zich door meer dan elf jaar van processen en ongemakkelijke publiciteit. De rechtzaal was een “gekkenhuis”, officier van justitie mr. H.J. Laumen zag “spoken”, de processtukken waren “een zooitje” en de pers schreef “rare stukkies”.

Hoewel duidelijk bleek dat er een intensief geldverkeer plaats had gevonden tussen de ABP-topman en verschillende bouwondernemingen ontkende Masson hardnekkig iedere beschuldiging. De stortingen op zijn rekening waren “leningen”, zo luidde zijn verklaring. “Ik voel me pertinent niet schuldig”, aldus Masson, die immer bereid bleek om belangstellenden te overstelpen met een verwarring zaaiende hoeveelheid feiten over zijn zaak.

Na 100.000 pagina's proces dossier, vijf jaar procederen en een parlementaire enquête zou Masson uiteindelijk zijn gelijk weten te halen: in 1988 werd hij vrijgesproken door het Hof in 's Hertogenbosch. Niet zozeer omdat niet bewezen zou zijn dat Masson op ruime schaal geld kreeg toegeschoven van de uitvoerders van zijn opdrachten, wel omdat het aanmerkelijk moeilijker bleek aan te tonen dat hij in zijn functie als topman van het ABP de geldschieters ook daadwerkelijk had bevoordeeld.

De vrijspraak betekende echter geenszins het einde van Massons juridische strubbelingen. In een verbeten poging om alsnog een schadevergoeding van de Staat te krijgen, stapte Masson uiteindelijk naar het Europese Hof in Straatsburg. Op zijn beurt werd de geplaagde beleggingsspecialist achtervolgd door het Maastrichtse advocatenkantoor Tripels wegens een kleine zeven ton aan achterstallige betalingen voor het voeren van de verdediging. Ook de fiscus meende nog het nodige tegoed te hebben.

Dat Masson herhaaldelijk liet weten “geen rooie cent” meer te bezitten en al jaren terug zijn riante villa in Limburg had verruild voor een aanmerkelijk bescheidener optrekje in de Randstad, wist niet iedereen te overtuigen. Meer indruk maakte kennelijk de bijna twee miljoen gulden die in de jaren zeventig werd gestort door de bouwonderneming HBG op een Zwitserse rekening van Masson en vervolgens ontraceerbaar uit het zicht verdween.

Uit de ABP-affaire, waarin Masson als de centrale spil fungeerde, kwam het pensioenfonds naar voren als een oncontroleerbare kolos, waar willekeur, wanbeheer en geldsmijterij de boventoon voerde. Met een onderzoek, gevolgd door een herstructurering werd getracht hier een einde aan te maken. Ondanks het feit dat het proces tegen Masson duidelijk maakte dat de bewijslast in steekpenningen-affaires binnen de Nederlandse wetgeving zeer strikt is, bleef een discussie hierover evenwel achterwege.

Ondanks zijn vrijspraak beklaagde Masson zich niettemin over de manier waarop hij publiekelijk aan de schandpaal was genageld. De uitspraak van het Europese Hof, die hierin verandering had moeten brengen, mocht de geplaagde beleggingsdeskundige evenwel niet meer meemaken.

    • Steven Adolf