'Verruiming spaarregelingen minder slecht voor de Schatkist dan gedacht'; Coalitie pleit voor stimulering winstdeling

DEN HAAG, 2 DEC. Staatssecretaris Vermeend (financiën) staat positief tegenover het verzoek van de regeringsfracties PvdA, VVD en D66 om eventuele meevallers in de spaarloonregeling te gebruiken voor verlaging van de belastingheffing op winstdeling en aandelenparticipaties van werknemers in het eigen bedrijf.

Vermeend zei dit gisteren in de Tweede Kamer. Sinds 1 januari zijn de fiscale mogelijkheden voor belastingvrij spaarloon, winstdeling, premiespaarloon en aandelenopties verruimd. Volgens de drie fracties valt de verruiming van de spaarloon- en premiespaarregeling minder slecht uit voor de schatkist dan het ministerie van financiën raamt.

Volgens Financiën derft de schatkist volgend jaar 400 miljoen gulden aan loon- en inkomstenbelasting. Het spaarloon heeft een matigend effect op de lonen waardoor de bedrijven meer winsten maken en er per saldo 100 miljoen gulden meer vennootschapsbelasting wordt afgedragen.

De regeringsfracties gingen gisteren akkoord met een werkgeversheffing van tien procent op uitgekeerd spaarloon. De werkgever bespaarde gemiddeld 22 cent per gulden spaarloon doordat hij over dit bedrag geen overhevelingstoeslag en geen sociale premies behoeft te betalen. Dit voordeel wordt door een dubbeltje heffing per gulden beperkt tot twaalf cent.

Tijdens het debat in de Tweede Kamer plaatsten PvdA, VVD en D66 kritische kanttekeningen bij de berekeningen van Financiën en verwezen daarbij naar een publikatie van een medewerker van De Nederlandsche Bank. In het economenblad ESB wordt geconcludeerd dat de spaarloonregeling “vele miljarden extra spaargeld” genereert. “Dit en de loonmatiging vormen een welkome bijdrage aan de economische groei en de werkgelegenheid”, schrijft J.A. Bikker.

De meevaller in de vennootschapsbelasting kan daardoor hoger uitvallen dan de geraamde 100 miljoen gulden. De regeringsfracties kwamen met een motie om dit geld te gebruiken om per 1 januari 1996 de werkgeversheffing van tien procent weer te schrappen. De motie werd onder meer ook gesteund door het CDA, GroenLinks en het AOV.

Op 1 januari wordt de heffing op winstgerelateerd loon verlaagd van 35 naar 20 procent. Het Tweede-Kamerlid De Korte (VVD) wil dat met ingang van 1 januari 1996 dit percentage wordt teruggebracht naar tien. Alleen de Socialistische Partij stemde tegen deze gezamenlijke motie van de regeringsfracties.

Behalve de spaarloonregeling werden er gisteren nog vijf fiscale wetten behandeld, zodat ze vanaf 1 januari 1995 van kracht kunnen worden.

De Tweede Kamer ging akkoord met een nieuwe margeregeling voor de verrekening van de BTW op gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, verzamelobjecten en antiek.

De margeregeling, die in de Europese Unie wordt ingevoerd, vervangt vanaf 1 januari de bestaande inruilregeling en de veilingregeling. Tot dusver trekt een handelaar in tweedehandsgoederen die van een particulier inkoopt de BTW op de inkoopwaarde direct af van de verschuldigde BTW op zijn verkopen. Na 1 januari wordt de hoofdregel dat de handelaar slechts BTW afdraagt over zijn winstmarge.

Voor de particuliere verkoper moet dat niets uitmaken. De handel krijgt wel te maken met een eenmalige tegenvaller. Handelaren die een tijd met voorraden tweedehands goederen blijven zitten kunnen de BTW pas in een later stadium dan nu verrekenen. Dat levert voor de schatkist in 1992 een eenmalige opbrengst op van 200 miljoen gulden.

De Nederlandse burger zal wel iets merken van het nieuwe margesysteem. Mensen die voor de komende jaarwisseling hun auto bij de dealer inruilen voor een nieuw exemplaar dat pas na de jaarwisseling wordt geleverd, zullen het kentekenbewijs snel moeten overschrijven op naam van die handelaar. Uitsluitend op die manier kan de handelaar nog profiteren van de oude inruilregeling voor de BTW.

Bovendien zal iemand die bij de antiekhandel voor meer dan 500 gulden koopt worden gevraagd een aankoopbewijs te ondertekenen. Dat bewijs is nodig om gesjoemel met de opgave van de winstmarge van de handelaar tegen te gaan.

PvdA, VVD en D66 gingen ook akkoord met het voorstel van Vermeend om de ondernemingsvrijstelling te verruimen tot 68 procent voor zover het ondernemingsgebonden vermogen meer bedraagt tot 135.000 gulden.

Om de fiscale concurrentiepositie van Nederland te verbeteren wil Vermeend de verrekening van dividenden tussen Nederlandse en buitenlandse ondernemingen versoepelen. Ook worden de mogelijkheden verruimd om verliezen met de fiscus. PvdA, VVD en D66 gingen akkoord met deze voorstellen.