Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Defensie

Navo houdt masker van transatlantische harmonie stoer op

Nieuwsanalyse

Door onze redactie buitenland Het optreden van de NAVO van gisteren doet denken aan dat van een veldwachter die de dorpspsychopaat niet het vuurwapen afneemt dat hij zojuist op zijn weerloze en lamgetreiterde buren heeft geleegd, maar die „ter afschrikking" zijn tuinpad omploegt. De NAVO schoot gisteren bij de grootste militaire actie in haar geschiedenis wat gaten in de startbaan van een vliegveld vanwaar

de Serviërs vorige week het 'veilige gebied' Bihac in Bosnië met napalm bestookten. De NAVO trad terughoudend op en schoot met bizarre chirurgie opzettelijk mis, althans: ze raakte niet de voor de hand liggende doelen. Het vliegveld van Udbina is hoogstens voor enkele dagen onbruikbaar en de geparkeerde straaljagers, tanks en zware artillerie zijn gespaard gebleven. De internationale gemeenschap toonde met een inzet van vijftig vliegtuigen aan niet uitsluitend voor aap te willen staan in de Bosnische crisis, maar de

luchtactie zelf sloot naadloos aan bij de eerdere serie hele en halve missers van de NAVO in Bosnië. De NAVO houdt met dit optreden kortstondig een masker van transatlantische harmonie op. Vorige week nog leek de NAVO te splijten, toen de Verenigde Staten meedeelden niet langer toe te zien op de naleving van het wapenembargo op de Adriatische Zee. Diplomatiek Europa was er dagen door van slag. Nu, amper een week later, lijkt het alsof de rijen weer zijn gesloten, maar het gevoelige thema van de opheffing van het wapenembargo tegen de moslims ligt onverminderd op tafel. Sterker nog, de actie van gisteren toont aan dat de Amerikanen zich thuis voelen in een rol waarin ze de Serviërs als bad guys kunnen behandelen. De Republikeinen in het Congres hebben de NAVO-aanval gisteren al veroordeeld als „te weinig en te laat". Hun invloed in de Amerikaanse buitenlandse politiek zal toenemen en dat maakt de VS een nog onberekenbaarder partner. Het NAVO-optreden roept opnieuw vragen op over het onmogelijke samenwerkingsverband tussen VN en NAVO in het voormalige Joegoslavië. De NAVO heeft zich als militaire organisatie onder curatele geplaatst van de VN — een organisatie die tégen het gebruik van militaire middelen is — door het uiteindelijke startsein voor een actie in hun handen te geven.

Vervolg VELDWACHTER pag. 5

VELDWACHTER De VN pokeren graag met hun kaarten op tafel

Nieuwsanalyse

VERVOLG VAN PAGINA 1

Wie de oorlog op afstand of van dichtbij heeft gevolgd, kent de resultaten van het onmogelijke samenwerkingsverband: aanhoudend gekrakeel tussen VN en NAVO over de vraag of, wanneer en hoe er moet worden opgetreden. Omdat de VN daarbij de feitelijke beslissingsmacht heeft, mocht de NAVO tot nu toe niet veel meer dan een tank zonder benzine, een oud kanon en een tent uitschakelen. De Serviërs mochten immers niet al te hard voor het hoofd gestoten worden, vond men aan VN-zijde. Als het aan de verantwoordelijke NAVO-bevelhebber in ZuidEuropa, de Amerikaanse generaal Leighton Smith had gelegen, was Udbina gisteren van de aardbodem geveegd, zo maakte hij duidelijk op een persconferentie in Napels. Maar hij was gezwicht voor de argumenten van de — binnen de ex-Joegoslavische verhoudingen — boven hem geplaatste VN-gezant Yasushi Akashi en de VN-bevelhebber, de Franse generaal Bernard de Lapresle. „Het is duidelijk dat we die [Servische] vliegtuigen hadden kunnen uitschakelen als we dat hadden gewild", aldus Smith,

„maar we hebben nu eenmaal een 'dubbele sleutel', één van de NAVO en één van de VN." Akashi legde uit waarom de VN verplicht zijn tot evenwichtskunst: „We zitten in een zeer ge- ( voelige en delicate situatie. Als we niets doen, wordt UNPROFOR [de VN-vredesmacht] verweten incompetent te zijn en geen ruggegraat te tonen. Als we te hard en te agressief optreden kunnen we een situatie creëren waarin escalatie tot de meest tragische gevolgen leidt. Daar moeten we tussendoor laveren." Tekenend voor de VN-positie is dat Akashi na de aanval meteen contact heeft gehad met de Servische rebellenleider in de Krajina, Martié, om zich ervan te vergewissen dat deze geen wraakacties op touw zou zetten. Generaal Rosé, VN-bevelhebber in Bosnië, zei het zo: „We zijn altijd bang voor wraaknemingen, omdat we hier zijn als vredeshandhavers." Het is nog steeds de filosofie van de VN om te pokeren met de kaarten op tafel. Of de VN het geweld op de juiste wijze hebben gedoseerd — zo weinig als mogelijk, zo veel als nodig — moet nog blijken. Zo roept de luchtactie onmiddellijk de vertrouwde vraag op: wat betekent

zij voor de veiligheid van UNPROFOR? De blauwhelmen in Bosnië verbleven gisteren onder een red alert in hun kazernes. Van massale 'gijzelingen' van VN'ers door wraakzuchtige Bosnische Serviërs, zoals na vorige NAVO-acties, was vooralsnog geen sprake. De twee Tsjechische _ VN-soldaten die in de Krajina' gisteren enige tijd werden vastgehouden

zijn weer vrijgelaten. Of die wraaknemingen wel waren gekomen als de vernietiging van Udbina massaal en bloedig was geweest, zoals de VN gisteren zeiden te vrezen, is niet te bewijzen. Akashi en Smith zeiden dat de NAVO operatie tevens tot doel had de Krajina-Serviërs te ontmoedigen om hun Bosnische collega's te steunen bij hun offensief tegen Bihaó en de Bosnische Serviërs af te houden van nieuwe luchtacties tegen Bihaó. Die hoop lijkt ijdel. „Geen van de proble* men rondom Bihaó zijn opgelost door de luchtaanval", zei een hoge anonieme VN-militair gisteren. „De militaire prognose is dat de aanvallen op de enclave gewoon

zullen doorgaan." Gisteren na de aanval reden vanuit de Krajina weer tanks van de Kroatische Serviërs Bihaó binnen en bestookten ze Bihaó en omstreken opnieuw met hun artillerie. Nergens hebben de Bosnische Serviërs gisteren laten blijken geschrokken of zelfs maar onder de indruk te zijn geweest van de luchtactie tegen Udbina. De NAVO en de VN verkijken zich nog steeds op de mate waarin de Bosnische Serviërs zich laten intimideren. De internationale gemeenschap komt met plannen die de Serviërs afwijzen, met afspraken die de Serviërs schenden, met waarschuwingen die de Serviërs negeren en met acties waarover de Serviërs de schouders ophalen. Zelfs na de breuk met Belgrado hebben ze geen stap terug gedaan. Hun opperbevelhebber, generaal Ratko Mladió, gaf de Servische mentaliteit misschien het beste weer toen hij onlangs tegen Der Spiegel zei: „De VN gedragen zich als een striptease-danseres die de moslims ophitst. (...) Vroeger was heel Bosnië Servisch, maar na de Tweede Wereldoorlog hebben de moslims zich opgeblazen als een ballon. We beheersen 73,8 procent van

Bosnië. Dat is ons Lebensraum en dat verdedig ik. Of de moslims en Kroaten op de resterende 26,2 procent een eskimostaat stichten of zelfzelf de ruimte in lanceren, is mij om het even." De aanval op Udbina kan zelfs contraproductief werken: ze kan de Kroatische en de Bosnische Serviërs duidelijk maken hoezeer ze in dezelfde boot zitten en hetzelfde lot delen. Dat kan leiden tot een intensivering in plaats van een beëindiging van de samenwerking tussen deze twee volksgroepen en tot de escalatie van de oorlog die de internationale gemeenschap juist heeft willen vermijden. Dan is er nog een andere klassieke vraag: wat betekent dit voor het 'vredesproces'? Eind volgende week vergadert de zogeheten contactgroep voor Bosnië — de VN, de VS, Rusland, Groot-Brittannië, Frankrijk en Duitsland — in Brussel. Dan buigen de veldwachters zich weer over de vraag wat zij nu nog kunnen verzinnen om de dorpspsychopaat tot rede te brengen. Dit artikel is geschreven door PETER MICHIELSEN ROBERTVAN DE ROER HANS STEKETEE.

VN-gezant Yasushi Akashi en de opperbevelhebber van de VN-vredesmacht, generaal Bertrand de Lapresle. (Foto Reuter)