Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Politiek

Frisse passaat over de Antillen Nederland verruilt 'ethische' benadering voor pragmatisme

Erin of eruit is al jaren de kwestie met de gebiedsdelen overzee. Nederland kiest nu voor pragmatisme, Aruba en de Antillen willen meer armslag. Maar dan wel binnenshuis. Hou-me-vast en laat-me-los in het Koninkrijk.

Frank Vermeulen Vanaf een reuzencactus, kadushi zeggen ze op Aruba, kijkt een groene dwergpapegaai argwanend naar het gezelschap. Dit is Arashi, een woestijnachtig gebied op de uiterste Noordwest-punt van het eiland, waar een lokale projectontwikkelaar bezig is met de aanleg van een uitgebreid golfterrein annex elite vakantieoord. Op een berg rotsblokken staan onder de kletsnatte, handwarme wolkenlucht van de regentijd Kamerleden uit Nederland en leden van de Staten van de Nederlandse Antillen en Aruba, zo'n veertig in getal. Het malse groen van de glooiende gazons vloekt met de dorheid alom. Het water komt van de riolen van de hotels een paar kilometer verderop, en het gras komt uit Australië, zo licht de ontwikkelaar toe. En de Amerikaanse toerist die hier een balletje komt slaan, is al snel een paar honderd dollar kwijt. Paul Rosenmöller, voorzitter van de fractie van GroenLinks in de Tweede Kamer, knijpt zijn ogen samen in het scherpe licht en mompelt iets over zoveel land voor het plezier van zo weinig mensen. „Waarom leggen jullie niet gewoon tien dollar belasting bovenop elk rondje dat hier wordt gelopen?" vraagt hij aan een voormalig Arubaans minister die in zijn buurt staat. Deze reageert verrast. Dat hij daar nou nooit aan gedacht had! En hij haast zich naar een partijgenoot om het nieuwe idee door te geven - en te claimen. Rosenmöller op zijn beurt is ook verbaasd, maar dan over het feit dat de lokale politicus kennelijk nooit heeft nagedacht over zoiets voor de hand liggends als een golftax. Onderhorig Het viel Don Martina op dat de Nederlandse Kamerleden, die onlangs twaalf dagen doorbrachten in de Caraïbische gebiedsdelen, vooral veel vragen stelden. Dat kwam voornamelijk omdat het grootste deel van de delegatie voor de eerste maal de grote oversteek maakte. Dat gebeurde in het kader van het zogeheten Contactplan, waarbij leden van de parlementen van Nederland, de Nederlandse Antillen en van Aruba elkaar rechtstreeks informeren. Martina,

oud-premier der Nederlandse Antillen, is de aftastende houding van de Nederlanders overigens zeer bevallen: „Vroeger kregen we altijd de 'Antillenkenners' op bezoek, weetje. Die konden ons precies vertellen hoe we onze zaken moesten aanpakken." En als Antilliaanse en Arubaanse politici ergens allergisch voor zijn dan is het de bemoeizucht van de Hollanders, de makamba's. In de relatie tussen Nederland en de voormalige kolonie 'Curafao en onderhorigheden' speelt alles zich af op het snijvlak van autonomie en onderschikking. Die constante factor lijkt even permanent en onveranderlijk als de daar heersende noord-oost passaat. Maar voor het overige is zo ongeveer de gehele bestuurlijke structuur van de Dutch Carribean, zoals de Amerikaanse toeristen de eilanden noemen, in een jaar tijd totaal gewijzigd. Ook dat kan een reden zijn voor de wat afwachtende houding van de parlementariërs uit „het Europese deel van Nederland", zoals landskinderen van Aruba en de Antillen graag spotten. De zittende kaste van lokale politici is er, net als in Nederland, weggevaagd bij verkiezingen eerder dit jaar. Op Aruba is Nel Oduber vervangen door zijn eeuwige opponent Henny Eman en Maria Lifeeria-Peters is op de Antillen onderuit gehaald door Miguel Pourier. In een serie referenda, het laatste gehouden op vrijdag 21 oktober op Bonaire, heeft de bevolking bovendien de wens uitgesproken dat de Nederlandse Antillen als land binnen het Koninkrijk moet blijven bestaan. Nauwelijks een jaar geleden stuurden lokale politici nog aan op het uiteenvallen van dat staatsverband. De Antillen waren de verderfelijke rest van het koloniale verleden, waarbij het hoofdeiland Cura5ao verantwoordelijk was voor de kleinere eilanden. Nee, de eilanden moesten hun zelfbeschikkingsrecht kunnen uitoefenen en autonoom kunnen worden. Of, als ze daar geen trek in hadden, konden ze als 'gemeente buitengaats' integraal onderdeel worden van Nederland. De plannen waren overigens gesanctioneerd door de toenmalige Nederlandse regering, zij het dat de direct verantwoordelijke minister, Ernst Hirsch Ballin, naar verluidt stevig maar tevergeefs heeft tegengesparteld. Don Martina kan aangewezen

worden als een van de degenen die deze ontwikkelingen hebben verhinderd. Toen Lubbers zijn gesprekspartners op de zogeheten Toekomstconferenties vorig jaar in de richting van besluiten dreef, vroeg de Antilliaanse premier Liberia mede onder zijn druk om een time out voor het raadplegen van de bevolking. Wat wellicht bedoeld was als een tactische zet om tijd te winnen, werd het referendum van Cura9ao, in november vorig jaar. De bevolking strafte Liberia's op autonomie gerichte politiek af, en deed dat eerder dit jaar nog eens door haar een verkiezingsnederlaag te bezorgen. De onderhandelingen tussen de drie landen in het Koninkrijk, wat Nederland en de overzeese gebiedsdelen formeel zijn, kunnen volgendjaar van voren af aan beginnen. Martina: „Wat ons betreft is het een whole new ball game." Over de eindeloze palavers met de partners aan 'de Overkant' maakte Aad Nuis, toen nog lid van de Tweede Kamer voor d66, ooit de grap dat Nederland altijd zelf nog gebruik kan maken van zijn zelfbeschikkingsrecht en uit het Koninkrijk kan stappen. In de miniatuur vergaderzaal van het Arubaanse parlementsgebouw zijn de delegaties bijeen voor een plenaire vergadering. De leider van de Nederlandse delegatie is voormalig CDA -voorman Elco Brinkman. Hij is in september aangewezen als voorzitter van de commissie voor Nederlands Antilliaanse en Arubaanse Zaken. Brinkman roept alle aanwezigen op nu eens niet meer „te reageren op de imago's die er aan beide zijden van de Atlantische Oceaan van elkaar bestaan". Imago's kunnen een hardnekkig leven leiden, betoogt Brinkman, daar kun je een leger pr-mensen op afsturen maar dat helpt niets. Houdgreep Natuurlijk verwijst hij daarmee ook naar de worsteling met de beeldvorming rond zijn eigen persoon als lijsttrekker in de voor het cda desastreus verlopen verkiezingsstrijd eerder dit jaar. Maar hier in deze zaal geldt alleen zijn pleidooi voor het oplossen van de bestuurlijke, economische en sociale problemen op de eilanden. De toon van Brinkman, maar ook die van de meerderheid van de Nederlandse delegatie, wijkt opvallend af van de benadering zoals die gekozen

werd door Nederland in de vorige kabinetsperiode. Hirsch Ballin was de man die St. Maarten in een 'staatsrechtelijke houdgreep' nam, dat wil zeggen direct onder Nederlands toezicht plaatste. Hij was het ook die hamerde op eisen van behoorlijk bestuur, financiële controleerbaarheid van de overheid en de handhaving van de strafwet. De Antillen waren in de Nederlandse beeldvorming speelbal in de handen van de internationale misdaad, en de grote doorvoerhaven van drugs naar Nederland en Europa. Cura5ao 'dumpte' zijn jeugd in Nederland, en op het departement van Hirsch Ballin werden al wetten gemaakt die de toelating van Antillianen en Arubanen tot Nederland moesten bemoeilijken. Met premier Lubbers kwamen de toenmalige Arubaanse premier Oduber en diens oppositieleider Eman vorig jaar oktober een protocol overeen waarin eisen van deugdelijk bestuur werden vastgelegd. Aruba, met name wijlen Betico Croes, streefde in het vorige decennium met succes naar onafhankelijkheid. Het eiland kreeg alvast een status aparte, maar kwam driejaar geleden terug van de wens volledig autonoom

te worden. Men besefte dat het land eenvoudig te klein was om zelf voor bijvoorbeeld defensie te zorgen en buitenlands beleid. In Nederland was de stemming ook omgeslagen: Hirsch Balling besloot juist de „banden aan te halen", nadat Nederland in de jaren zeventig zich nog wilde ontdoen van zijn 'beschamende' koloniale erfenis. Daarbij stelde Hirsch Ballin Aruba en de Antillen stringente eisen over de wijze waarop zij zichzelf besturen. In deze sfeer nam de Eerste Kamer een motie aan (op zich al zeldzaam) die zelfs stelde dat Aruba alleen binnen het Koninkrijk mocht blijven als de afspraken van het protocol worden nageleefd. De Nederlandse houding is inmiddels meer ontspannen. De voorwaarde van de Eerste Kamer kan nauwelijks meer overeind worden gehouden, zo menen de Nederlandse parlementariërs nu. Zelfs GPv 'er Eimert van Middelkoop vindt dat nietnaleving van het protocol niet mag leiden tot gedwongen vertrek uit het Koninkrijk. Ook delegatieleider Brinkman nuanceert het belang van die Nederlandse eis: „Die koppeling zal als drukmiddel voorlopig formeel wel worden gehanteerd. Maar het is niet reëel te verwachten dat de bijl valt als Aruba niet op alle punten aan de afspraken voldoet". Formeel zet de nieuwe minister van Koninkrijkszaken Joris Voorhoeve het beleid van zijn voorganger ongewijzigd voort. Maar waar Hirsch Ballin zijn Antillenbeleid overgoot met een moraal-ethische saus, lijkt nu pragmatisme te heersen. „Het formeel raamwerk waarin alles met betrekking tot de Antillen is gevat, is maar een deel van de werkelijkheid," zegt Brinkman, „Het karakter van de eilanden loopt zeer uiteen. Zo'n formeel raamwerk past dus niet." En: „De stukken zijn heel Nederlands-juridisch geschreven, maar die moet je door de plaatselijke bril bezien." Grote broek In het tropisch klimaat van de eilanden geldt airco als statussymbool: hoe geringer de invloed van klimaat des te verder heeft men het maatschappelijk gebracht. De werkkamer van premier Eman voelt in ieder geval aan als de koudste die er op Aruba te vinden is. De minpres, zoals hij intern wordt genoemd, heeft uitzicht over de

haven, met het drijvende Indonesische restaurant, de jachten, en de pelikanen die op onverwachte momenten uit de lucht duikelen om in het water te plonzen. Eman was de afgelopen weken in de plaatselijke media fel tekeer gegaan over het mede door hem ondertekende protocol, de bijbehorende driemaandelijkse voortgangsrapportages en de koppeling van de uitvoering van het protocol aan het schrappen van de onafhankelijkheidsbepaling. Zijn land was daarmee onder curatele geplaatst, zo liet Eman ook de Nederlandse Kamerleden weten. Hij stelt zich op het overzichtelijke standpunt dat Aruba met zijn aantreden al voldoet aan de eisen van behoorlijk bestuur. Het Tweede Kamerlid John Lilipaly van de PvdA haalde vervolgens in de plaatselijke krant Amigoe uit naar Eman. De premier „had wel een erg grote broek aangetrokken". De minpres zegt nu dat hij „niet nog meer gedonder wil" en hij nuanceert zijn eerdere uitspraken: het is „allemaal een storm in een glas water". De eisen in het protocol zijn volstrekt vanzelfsprekend en tegen de rapportageplicht heeft hij „geen principiële bezwaren". Alleen tegen de koppeling met de onafhankelijkheid, verzet hij zich. „Er zit een contradictie in: als we niet voldoen aan eisen van behoorlijk bestuur zijn we kennelijk rijp onszelf te besturen." Leden van de Nederlandse delegatie concluderen dat Eman hen ten onrechte heeft gebruikt als podium. Maar die irritatie gaat voorbij aan het gegeven dat de leidende Caraïbische politici door de staatkundige afhankelijkheid van Nederland vaak kiezen voor een dubbelzinnige houding. Voor de eilandbevolking willen zij kampioenen van de autonomie zijn. Maar tegenover Nederland, dat jaarlijks minstens 300 miljoen gulden pompt in de Antilliaanse archipel, is een coöperatieve politiek verstandiger. Of zoals D66 -senator Edo Spier zegt: „Het is een houding van: houme-vast! La-me-los!" Kolonialisme In hun 'kantine', een afdak op het grotendeels overstroomde schoolplein, spelen scholieren van het Collegio Arubano domino. De stenen worden zoals het hoort met forse klappen op de stenen tafel gekletst. Uit bloembakken

in de buurt stijgt de alles doordringende geur van natte geitenmest op. De meisjes en jongens, sommige met een stoer grawge-baardje, spreken onderling papiamento. De gebrekkige beheersing van de Nederlandse taal, zo leggen docenten uit, vormt een belangrijk struikelblok voor een verdere studie in Nederland. In de toelichting bij de begroting van het Kabinet voor Nederlands-Antilliaanse en Arubaanse zaken kondigt Voorhoeve aan dat „er nieuwe initiatieven genomen zullen worden ter bevordering van de goede beheersing van de Nederlandse taal". Docenten van het Collegio Arubano laten echter doorschemeren dat een dergelijke zin makkelijker is opgeschreven dan uitgevoerd. Ook dit onderwerp blijkt politiek omstreden — want rechtstreeks in verband gebracht met inperking van autonomie. „Dat is eenzijdig bepaald door Nederland", merkt de nieuwe voorzitter van de Antilliaanse Staten, Lucille George-Wout, op. Behalve de taal ligt bijvoorbeeld ook het gezag over de nog op te richten Kustwacht zeer gevoelig maar ook het buitenlands beleid, het eigen fiscaal klimaat of het monopolie van de klm voor de verbinding met Nederland. Brinkman kijkt met een koel oog naar dit soort verhitte discussies. „Ik heb niet de indruk dat men hier voordurend geknecht wordt door Nederland", zegt hij. Maar hij wijst op de toeristenindustrie, de monocultuur die op de eilanden gegroeid is. „Rij rond over de eilanden en de vraag dringt zich op of men wel helemaal klaar was voor die massale nieuwe afhankelijkheid. Ik bedoel toerisme als een moderne vorm van kolonialisme, niet in bestuurlijke zin maar in feitelijke zin. Het is wel mooi om te zeggen dat de bevolking hier meer service minded gemaakt wordt, maar niemand vraagt zich kennelijk af of dat geen nieuwe vorm van slaafsheid dreigt te worden." Het Sonesta-hotel van Oranjestad is inmiddels uitgegroeid tot een groot complex, inclusief winkelcentrum dat zich tooit met de naam 'Seaport Village'. Op het strand van Sonesta, aangelegd op een koraalrif voor de kust, grijpt een Amerikaanse cruise-passagier naar zijn drankje. Hij leest de tekst op de beker en roept naar zijn gezelschap: „Hey, guys, listen: we're in Seaport Village, Aruba."

Nederland en de Antillen: van knellende banden naar nuchtere vragen Foto Frank Vermeulen

H. Eman Foto Paul Bergen

Don Martina Foto Leo van Velzen