Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Cultuur

Alleen door liegen kan men tot de waarheid geraken

Door NOOR HELLMANN

Voorstelling: Requiem voor een spion van George Tabori door Noord Nederlands Toneel. Vertaling: Tom Kleijn; regie: Evert de Jager; decor: Peter de Kimpe; spel: Christo van Klaveren, Dries Vanhegen, Fabiënne Meershoek. Gezien: 1 /10 De Machinefabriek Groningen. Tournee t/m 20/11.

Evert de Jagers enscenering bij het Noord Nederlands Toneel van Requiem voor een spion, een stuk van de Hongaars-joodse schrijver George Tabori uit 1993, begint als een heuse spionagethriller. We zien een spaarzame verlichte parkeergarage. Een donkere schim met hoed en paraplu steekt een sigaret op, de punt gloeit op. Een auto nadert en stopt. Enkele seconden later verschijnen twee gestalten, een man en een vrouw. Met zaklantaarns zoeken ze hun weg in de betonnen onderwereld. Muziek zwelt aan. Maar voordat de spanning echt tot een climax komt is het allemaal voorbij. De garage is plotseling hel verlicht. De vrouw is verdwenen; de mannen staan tegenover elkaar en blijken elkaar te kennen. Zucker, de man met de paraplu, haalt althans herinneringen op aan de Tweede Wereldoorlog toen ze beiden als Britse spion streden tegen de Duistere Machten. De ander, Murdoch, reageert stoïcijns en zegt zich niets te herinneren maar Zucker weet dat hij liegt: liegen is een beroepsziekte. Liegen is een woord dat vaker

valt in Requiem voor een spion. Murdoch, Zucker en ook Maggie, een spionne die met de mannen heeft samengewerkt, zijn geobsedeerd door de leugen. Ze liegen alle drie als het onderwerp verraad aan de orde komt. Ze zijn verraden en ze hebben elkaar verraden, maar hoe de vork precies in de steel zit, krijgen we niet te horen. Om de anekdote is het Tabori in dit stuk ook niet begonnen. De gesprekken in de parkeergarage gaan in feite over de morele implicaties van begrippen als verraad en leugen en, in het verlengde daarvan, over de vraag wat waarheid is. Een vraag die volgens Murdoch alleen valt te achterhalen als men het tegendeel van de waarheid zegt. Vooral Zucker, een geëmigreerde Duits-Hongaarse jood, worstelt met de leugen waaraan ook hij zich schuldig maakt. De scheiding tussen Goed en Kwaad blijkt niet zo scherp te trekken als hij dacht toen hij nog tegen de Duistere Machten vocht - het is een favoriet thema van George Tabori die in zijn werk de jooasDuitse problematiek altijd zo objectief mogelijk heeft willen benaderen zonder in stereotiepen als Goed en Kwaad te vervallen. Dat lukt alleen als de waarheid onder ogen wordt gezien, iets anders zit er niet op — weet Tabori en ook Zucker weet het. Maar Zucker heeft het er moeilijk mee. Zijn opgewonden vrolijkheid in het eerste bedrijf maakt in het tweede bedrijf plaats voor een depressie en in het laatste bedrijf ligt hij zelfs op zijn sterfbed.

Toch behoudt hij onder alle omstandigheden zijn zelfspot en cynische humor. Dries Vanhegen, een Vlaamse, jongensachtige acteur, weet dat op een prachtige en aanstekelijke manier duidelijk te maken. Zijn tegenspeler, Christo van Klaveren, is terughoudender — zoals zijn rol verlangt. Hij speelt met overtuiging de lakonieke Murdoch die het cynisme van zijn kameraad met soortgelijke bittere grappen pareert. FabiënneMeershoek tenslotte treedt minder op de voorgrond maar speelt haar rol adequaat. Regisseur Evert de Jager heeft met deze acteurs, decorontwerper Peter de Kimpe en lichtontwerper Mare Heinz het nieuwe seizoen bij het Noord Nederlands Toneel met een mooie kleine voorstelling geopend. Het gebeurt lang niet altijd dat regie, spel, decor en belichting zo harmonisch op elkaar zijn afgestemd.