Moord aan het bergmeer; Geraffineerde roman van Kerstin Ekman

Kerstin Ekman: Zwart water. Vert. Mariyet Senders. Uitg. Bert Bakker, 376 blz. Prijs ƒ 39,90.

Zwart Water is een Zweedse roman die op dit moment het parcours van de internationale bestseller aflegt. In het land van de schrijfster, Kerstin Ekman, werden er zoveel exemplaren van deze roman verkocht, dat veel uitgevers buiten dat land hebben toegehapt en het aandurven het forse boek in vertaling uit te brengen. Ekman (1933) heeft een flink Zweeds oeuvre op haar naam staan, maar na een een mislukte kennismaking halverwege de jaren zeventig, toen een halve tetralogie van haar in het Nederlands werd vertaald, is ze hier onbekend gebleven.

Zwart water zal daar verandering in brengen. Het boek wordt, zoals te veel bestsellers tegenwoordig, aangeprezen als literaire thriller, maar Ekmans roman is niet zomaar een opwindend verhaal in een sjieke verpakking. De schrijfster heeft de elementen die typisch zijn voor de misdaadroman - een moord, spanning, een mysterie, een onverwachte verklaring - weten in te bedden in een verhaal met een diepe, onrustbarende resonantie. Aanvankelijk lijkt Zwart water een breed opgezette, realistische vertelling over hoe een onverklaarbare en onopgeloste moord doorwerkt in de levens van mensen in een verstild Noord-Zweeds landschap; uiteindelijk blijkt het een verhaal vol ongrijpbare implicaties, bij vlagen beklemmend als een film van Bergman.

Svartvattnet - een meer, een dorp - vormt het grauwe decor van een gruwelijke moord: twee kampeerders, een Nederlands meisje en een onbekende jongen, worden halverwege de jaren zeventig op de avond voor midzomernacht in hun tent doodgestoken. Dat gegeven heeft Ekman ontleend aan de werkelijkheid - er zijn daar een aantal jaren geleden kamperende Nederlanders op een dergelijke manier om het leven gebracht - maar ze heeft er een verhaal van gemaakt dat helemaal van haarzelf is.

De dubbele moord beheerst de personages in Zwart water van begin tot eind, zonder dat de schrijfster ook maar ergens een theatrale toon aanslaat. De gruwelijke details worden beschreven, maar Ekman zwelgt niet in bloederigheid; het gaat haar niet om de moord, maar om wat de moord teweegbrengt. De overbekende spanningsopwekkende trucs van het genre vermijdt ze zorgvuldig. Ze laat de gewelddadige dood van de twee vreemden een gebeurtenis zijn die zich ergens op de achtergrond van de levens van de dorpelingen heeft voltrokken, in een uithoek van hun bewustzijn. Na de misdaad herneemt het leven in Svartvattnet en omstreken ogenschijnlijk weer zijn gewone gang. Ogenschijnlijk.

Ekman wisselt heden en verleden af: de roman begint achttien jaar na de moord, wanneer de vrouw die de lijken ontdekte, Annie Raft, in het gezicht van de geliefde van haar dochter de moordenaar meent te hebben herkend. De lezer wordt vervolgens haar leven van toen binnengevoerd; ten tijde van de moord is ze een jonge gescheiden lerares, die op weg gaat naar een afgelegen commune in de bergen, waar ze zich bij haar jongere minnaar wil voegen. Vlak vóór ze bij een beek de met bloed besmeurde tent aantreft, komt ze een donker uitziende jongen tegen op het bergpad.

Vanaf dat punt waaiert Zwart water naar vele kanten uit. Het ontgoochelde leven van Annie Raft in de commune wordt beschreven, net als de omzwervingen van de jongen, Johan, die net als Jozef door zijn broers in een put is gegooid en zijn geweldadige familie is ontvlucht. Daaromheen verzamelen zich andere personages - de plaatselijke dokter, zijn vrouw, die aan een milieudepressie lijdt, de politieman, de jachtopziener, een geile automobiliste die Johan meeneemt naar Noorwegen. Ekman volgt hun gedachten, kijkt door hun ogen. Hun reacties op gebeurtenissen worden nauwgezet beschreven, zodat langzaam maar zeker de moeizame verhoudingen binnen de gemeenschap van Svartvattnet voelbaar worden.

Onnadrukkelijkheid is daarbij het trefwoord. Ekmans stijl is onopgesmukt en laat weinig aan de verbeelding over - over iedere deur die wordt opengedaan, lees je ook weer wanneer hij gesloten wordt. Het duurt even voordat je doorkrijgt dat juist in deze ogenschijnlijk vlakke verteltrant het raffinement van de schrijfster ligt. Ekman laat alleen maar zien, legt niets uit. De lezer, die deelgenoot wordt van alle gedachten en hersenspinsels van de Zweedse dorpsbewoners, ziet het onbegrip tussen hen groeien, is getuige van de pijnlijke misverstanden die ontstaan. Hun schrijnende onvermogen om vat te krijgen op het leven wordt daardoor gevoeld zonder dat het expliciet wordt beschreven.

Door de achteloosheid waarmee de personages in hun barre omgeving worden neergezet, lijkt het eerst alsof de schrijfster zelf de touwtjes niet stevig genoeg in handen heeft. Niets blijkt minder waar. Wat Zwart water adembenemend maakt, is dat in laatste instantie alles wel degelijk met alles te maken heeft. Geen enkele zijweg in het verhaal is lukraak ingeslagen, de ontelbare details blijken niet overvloedig, maar juist van grote betekenis.

Aan het slot van de roman wordt duidelijk dat de schrijfster alles strak geregisseerd heeft, strakker dan welke handige misdaadschrijver dan ook. De handeling heeft zich inmiddels weer naar het heden verplaatst en er is opnieuw een onverwachte moord gepleegd, die rechtstreeks het gevolg blijkt van het drama van achttien jaar daarvoor. Wat onverklaarbaar leek, wordt ten slotte duidelijk, en ook de moordenaar wordt gevonden. Maar in de meer dan 350 bladzijden die daaraan voorafgingen is haar hand nauwelijks voelbaar geweest; Annie Raft, haar dochter Mia, dokter Birger en de jongen Johan gingen gewoon hun eigen pijnlijke weg. Zwart water is meer een tragedie dan een thriller.

De broosheid van alles wat menselijk is, daar is het Ekman om te doen. De woeste natuur rondom het dorp wordt tot een stille getuige van vergeefs menselijk streven en slepend ongeluk. Het ondoorgrondelijke water van het meer van Svartvattnet groeit in Zwart water uit tot een symbool van het duister in de wereld dat niet gekend wordt, dat zich aan onze waarneming onttrekt. Wie zo'n symbool van innerlijke duisternis al te duidelijk maakt, glijdt onherroepelijk af naar melodrama, maar Ekman verstaat de bijna onmogelijke kunst wat ongrijpbaar is ongrijpbaar te laten zijn. Zwart water is een ontzagwekkende roman.