Dichte rooknevel boven Zuidoost-Azië door bosbranden Indonesië

SINGAPORE/JAKARTA, 30 SEPT. Een dichte nevel van rook en roetdeeltjes hangt dezer dagen boven de Straat van Malakka en de Zuidchinese Zee en onttrekt de tropenzon het grootste deel van de dag aan het zicht. De rooksluier wordt met moessonwinden aangevoerd van het Indonesische eiland Sumatra, waar al weken bosbranden woeden. Ook op Borneo brandt het regenwoud.

In Singapore en Zuid-Maleisië raden gezondheidsautoriteiten de bevolking aan zich niet bijzonder in te spannen in de buitenlucht. Het vliegverkeer boven Kalimantan, het Indonesische deel van het eiland Borneo, is de laatste week bijna geheel verlamd en de schepen op de drukbevaren zeestraat tussen Sumatra en het schiereiland Malakka ondervinden veel hinder van de rook.

Op sommige plaatsen in Singapore was het zicht de laatste dagen slechts enkele honderden meters. Singaporezen klagen over betraande ogen en een geïrriteerde huid. Singapore en het zuiden van Maleisië worden het zwaarst getroffen omdat de nevels gevangen zitten tussen tegengestelde winden. De zuid-westmoesson is de laatste week enigszins naar het zuiden gedraaid en voert de rook rechtstreeks aan van de brandhaarden in Midden-en Zuid-Sumatra, terwijl de noordwestenwinden, die op gezette tijden uit het noorden van het schiereiland waaien, overdrijven van de rook verhinderen.

Het is de zevende maal in twintig jaar dat er boven het gebied een rooksluier hangt omdat het Indonesische regenwoud in brand staat, maar de nevel is nu dikker dan voorgaande keren. Bosbranden in Indonesië zijn een jaarlijks terugkerend fenomeen, met forse pieken wanneer de droge tijd langer duurt dan gemiddeld, zoals in 1991 en dit jaar. Het regenwoudmilieu is zo vochtig dat spontane branden nauwelijks voorkomen.

Bosbranden in de tropen beginnen pas na menselijk ingrijpen. In Indonesië zijn de hoofdschuldigen de houtwinningsbedrijven en zogenaamde ladang-bouwers, spontane migranten die hun akkers platbranden. Houtkapondernemingen openen het bos voor deze indringers door er afvoerwegen en bulldozersporen doorheen te trekken. Bovendien laten de kappers veel dood hout achter in de concessies, dat min of meer als lont fungeert. Hoe langer de droge tijd duurt, hoe groter de kans dat het uitgekapte bos ontvlamt.

Op Kalimantan worden de bosbranden verergerd doordat kolen- en veenlagen, die hier en daar zeer dicht onder de oppervlakte liggen, worden aangestoken door de brandende vegetatie, waardoor ondergrondse haarden ontstaan die zeer moeilijk zijn te blussen. Deskundigen menen dat de bosbranden niet zullen doven vóór november, wanneer naar verwachting de regentijd invalt.

De autoriteiten van Maleisië en Singapore hebben zich tot dusverre onthouden van openlijke kritiek op Indonesië, maar hebben in Jakarta wel aan de bel getrokken. Indonesië heeft intussen formeel zijn excuses aangeboden bij de beide buurlanden. Premier Goh Chok Tong van Singapore maakte gisteren gebruik van een officieel bezoek aan de zuiderbuur om over de rook te beginnen. Na afloop van zijn onderhoud met president Soeharto zei Goh dat beide partijen waren overeengekomen samen te werken bij de bestrijding van bosbranden.

Deze week publiceerde The Straits Times van Singapore een opvallend artikel waarin Indonesië naar aanleiding van de rooknevel wordt gewezen op zijn verantwoordelijkheden. Indonesië wil in 1996 beginnen met de bouw van zijn eerste kerncentrale, een plan dat in de omringende landen, wordt gewantrouwd, temeer daar in het gebied waar de centrale moet verrijzen een grote kans op aardbevingen bestaat.