Meer groei Cao- dan minimuloon

DEN HAAG, 29 SEPT. De laagste CAO-lonen en de jeugdlonen zijn sinds 1983 stelselmatig meer toegenomen dan het wettelijk minimumloon. Dit blijkt uit een onderzoek over 'de onderkant van het loongebouw' dat het ministerie van sociale zaken en werkgelegenheid gisteren naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

Met name onder het derde kabinet-Lubbers groeide de afstand tussen laagste schaallonen en het minimumloon. Eind 1993 lag het laagste schaalloon gemiddeld 12,4 procent boven het wettelijk minimumloon, terwijl dat eind 1989 nog 8,2 procent was. Eind 1983 was het laagste CAO-loon nog maar een fractie hoger: 1,3 procent.

Teneinde de loonkosten op het minimumniveau te beperken en meer laag opgeleiden aan een baan te helpen werd in 1984 het wettelijk minimumloon met 3 procent verlaagd. Tot 1990 is het minimumloon vervolgens bevroren. Daarna werd het driemaal op rij verhoogd. De verlaging en bevriezing van het minimumloon in de jaren tachtig moest werkgevers en werknemers ertoe aanzetten om bij de onderhandelingen over de CAO-lonen de laagste CAO-lonen achter te laten blijven bij de overige CAO-lonen. Uit het onderzoek blijkt dat sociale partners hiervan nauwelijks gebruik gemaakt hebben. De laagste CAO-lonen, zo blijkt, liepen in de periode 1989-1993 gelijk op met de gemiddelde contractlonen. Over de hele onderzochte periode 1984-1993 blijven de laagste CAO-lonen iets, namelijk 1,8 procentpunt, achter bij de gemiddelde CAO-lonen.

Uit het onderzoek blijkt dat de CAO-jeugdlonen voor alle leeftijden hoger liggen dan de wettelijk verplichte jeugdlonen. Voor de 19-jarigen is de afstand tot het minimum jeugdloon het grootst (bijna 29 procent ultimo 1993). Voor 22-jarigen is de afstand het kleinst. Dit neemt niet weg dat de jeugdlonen voor 22-jarigen eind 1993 nog altijd 22 procent boven het wettelijk minimum jeugdloon en zelfs 3,8 procent boven het wettelijk minimumloon voor volwassenen uitkwamen.

Steeds meer werknemers krijgen meer dan het minimumloon betaald. In 1983 gold voor 13 procent van de werknemers een laagste CAO-loon dat meer dan 10 procent boven het minimumloon lag. Eind 1993 gold dat al voor 47 procent van de werknemers. CAO-lonen onder het minimumloon kwamen toen niet meer voor. De groeiende kloof tussen CAO-loon en minimumloon vormt een belangrijk gespreksonderwerp bij het komende najaarsoverleg tussen sociale partners en overheid.