Gouden Kalveren grazen dit jaar in een zeer kale weide

UTRECHT, 29 SEPT. In afwachting van het vrijdagse Gala der Gouden Kalveren, waar weer heel andere genodigden hun opwachting maken, werd het 14de Nederlandse Film Festival gisteren voorlopig en famille afgesloten met de wereldpremière van de speelfilm Eenmaal geslagen, nooit meer bewogen. Hoewel die pas volgend jaar in de bioscoop zal verschijnen, ontving regisseur Gerrard Verhage alvast een nominatie als een van de drie beste speelfilmregisseurs van het seizoen 93-94.

De oogst van dit jaar is kwantitatief zo mager (vijftien lange speelfilms, waarvan elf uitgebracht in de theaters), dat een interessante mislukking al snel tot de top behoort. De door Ger Beukenkamp bewerkte, vergeten roman La mèche (1948) van Lucy Veldhuizen-Marchal vormt slechts de aanleiding tot een spel met taal, met dramaconventies en met de sfeer van een broeierige Hollands binnenhuis. Daar wonen een tyrannieke moeder (Ineke Veenhoven), haar volwassen zoon (Jack Wouterse) en dochter (Ariane Schluter) en een huurder, tevens neef (Stefan de Walle), die rond deze personages een roman schrijft. De film houdt in de verte het midden tussen een tragische remake van Abel en een aan Anna Blaman herinnerend intrige, over onvervulde verlangens, maar is toch vooral een futiel vormexperiment.

Wie de kale weide overziet, waarin de Gouden Kalveren dit jaar moeten grazen, kan in de categorie speelfilms nauwelijks heen om de kwaliteiten van Theo van Goghs 06, Theu Boermans' 1000 Rosen en Frouke Fokkema's Wildgroei. De commerciële sector bestond dit jaar slechts uit de flops Angie en De flat, terwijl de televisie zich snel meester maakt van het beschikbare talent in de afdelingen drama, korte film en documentaire. De winnares van de MGM-prijs voor de beste eindexamenfilm van de Nederlandse Filmacademie, de Israelische Dana Nechushtan voor de korte speelfilm Djinn, zal ook alleen in Hilversum snel emplooi kunnen vinden voor traditionele projecten.

Het alternatief voor jonge filmers zijn de kleinschalige low-budget-produktiecollectieven, die links en rechts uit de grond schieten. De belangrijkste twee, IJswater Films en Spellbound, beginnen zowaar ook kwalitatief interessant te worden. Spellbound presenteerde twee korte dansfilms: het statische Taint van Marc Edgar en het meer belovende Pas de stoelen, waarin regisseuse Annick Vroom op intrigerende wijze verschillende trucagetechnieken (animatie, dubbeldruk) toepast.

Matthijs van Heijningen jr., een van de grondleggers van IJswater Films, bewijst met zijn tweede korte film Nachtrust, een simpele, maar doeltreffende studie van een door schuldbesef en andere spookbeelden vergalde eenzame nacht, wel degelijk over talent te beschikken. De generatiewisseling is in de Nederlandse filmwereld in volle gang, en dan is zo'n vacuümperiode misschien niet eens de slechtste uitgangssituatie.