Chinese huisvrouw vergokt spaargeld in aandelenhandel

De beurs van Shanghai, een kapitalistisch experiment in het communistische China, leek onlangs op sterven na dood. Nu stoppen Chinese hoogleraren en huisvrouwen hun spaargelden weer massaal in aandelen. Deel 2 in een serie over weinig beschreven effectenbeurzen in de wereld.

SHANGHAI, 29 SEPT. Sinds begin augustus wordt er weer gelachen op de beurs van Shanghai nadat er meer dan een jaar een ware doemstemming had geheerst. Zo permanent en onomkeerbaar leek de neergang dat makelaars en investeerders zich vaak ongerust afvroegen of de beurs niet vroeg of laat zou worden opgeheven. Het was immers een experiment, dat in december 1990 na drie jaar vertraging tegen sterke oppositie van orthodoxe communisten in een 'proefperiode' kreeg.

Aangezien China geen convertibele munteenheid heeft, handelt de beurs in A-aandelen voor Chinezen in lokale valuta's en B-aandelen voor buitenlanders in Hongkong- of Amerikaanse dollars. De eerste twee jaren was het voornamelijk een bull-market met een bijna verticaal stijgende index. In 1993 begonnen de wilde fluctuaties en na een hoogte-record van 1558 in februari 1993 is de A-index over een periode van anderhalf jaar met 77 procent gekelderd. De veel kleinere B-aandelenmarkt voor buitenlanders zakte minder dramatisch.

De redenen voor de neergang waren onder meer de onzekerheid over het regeringsprogamma tot afkoeling van de oververhitte economie. Verder was er in het najaar een stortvloed aan nieuwe emissies van staatsbedrijven met een dubieuze boekhouding. Hoofddoel van de beurs is immers om staatsbedrijven aan fondsen te helpen, die de staat niet meer kan opbrengen en de immense spaartegoeden te mobiliseren die Chinezen gedurende tientallen jaren Spartaans communisme - toen er niets op te maken was - hebben opgepot. De bedrijven kunnen 'corporatiseren', dat wil zeggen vennootschappen worden met de staat als meerderheidsaandeelhouder en maximaal 35 procent van de aandelen in handen van individuen.

Eind juli besloot de regering in te grijpen en de markt niet geheel te laten ondergaan. De 'Regulatiecommissie voor de Effectenhandel' (CSRC) kondigde een moratorium op nieuwe emissies af, pompte 3 miljard yuan in de half opgedroogde beurs en liet doorschemeren dat internationale institutionele beleggers later dit jaar tot de A-aandelenmarkt zouden worden toegelaten. De B-markt met 28 fondsen is immers te beperkt. De eerste week van augustus suizde de A-index met 114 procent omhoog. “Het was als een vulkaan, volkomen crazy”, zei Yang Jian, makelaar bij Shen Yin, het grootste staatsmakelaarshuis in Shanghai. “Iedereen danste en klapte”, glimlachte Wang Huizhong, beursvoorlichter.

De Chinezen zijn geboren speculanten en als zij snelle winst zien kopen zij ongebreideld. “Onze A-aandelenmarkt heeft 5 miljoen investeerders, waarvan 80 procent individuen”, zegt Wang. Die individuen zijn werkeloze arbeiders in half-failliete staatsbedrijven, huisvrouwen en gepensioneerde hoogleraren, die in een jaar driekwart van hun spaargeld op de beurs verloren hebben. Beroepsspeculanten hebben het dank zij voorwetenschap niet zo ver laten komen.

Voorwetenschap is volkomen normaal in China, waar zaken-succes minder wordt bepaald door talent en geluk dan door politieke relaties. De beurs is uiteindelijk een instrument van de regering om de staatssector van de economie te saneren. De markt wordt niet bepaald door vraag en aanbod maar door regeringswispelturigheid. Alle zijn staatsbedrijven en joint ventures met buitenlandse bedrijven, in merendeel industrieën, maar ook trust- en investeringsmaatschappijen, grootwinkelbedrijven en onroerend goed. In marktkapitalisatie (totale waarde van alle genoteerde aandelen) bezet China (de beurs van Shanghai, samen met de kleinere beurs in Shenzhen, de Speciale Economische Zone) de 28e plaats in de wereld met 40,5 miljard dollar.

Het onderscheid tussen A- en B-markten wordt door buitenlandse investeerders als zeer hinderlijk ervaren, maar zal pas worden opgeheven als de Chinese munt, de renminbi, volledig inwisselbaar wordt. Een belangrijke stap in deze richting werd begin dit jaar genomen toen de regering het speciale betaalmiddel voor buitenlanders in China. de FEC (Foreign Exchange Certificate) ophief waarmee de dubbele wisselkoers werd afgeschaft en de zwarte markt grotendeels werd geliquideerd. Volledige convertibiliteit kan echter nog wel jaren duren, hoewel met de openstelling van de A-markt voor buitenlandse investeerders dat wellicht verhaast wordt. Buitenlandse banken als Morgan Stanley, Goldman Sachs en anderen zijn desondanks in verhoogde staat van opwinding over de naderende openstelling van de A-markt en hebben China's grootste particuliere inversteringsmaatschappij, Shanghai International Securities Co. (SISCO) benaderd met gedetailleerde voorstellen voor joint ventures die investeringen van honderden miljoenen dollars beogen.

Een klacht van internationale investeerders is dat China de zaken op zijn kop heeft gezet, door enerzijds buitenlanders slechts toegang tot de beperkte B-markt te geven en tegelijkertijd noteringen voor Chinese staatsbedrijven aan de beurzen van Hongkong en New York (H-en N-aandelen) te zoeken. Peter Baring, voorzitter van de Londense investeringsbank Barings zei bij de opening van zijn kantoor in Shanghai enige maanden geleden dat het juist andersom moest. “China moet zijn A- en B-markten unificeren en die openstellen voor internationale institutionele investeerders. China is veel en veel te belangrijk om geen volledig lid van de internationale kapitaalmarkten te zijn.”

Analisten in Shanghai zijn unaniem van mening dat Shanghai het potentieel heeft om een van de drie of vier topbeurzen in de wereld te worden. Maar zolang er geen orde op zaken gesteld wordt in het management en de accountancy-standaarden van de genoteerde staatsbedrijven en er betere regulatie en meer openheid komt, blijft het een riskante markt. “De hoofdoorzaak van de wispelturigheid op onze beurs is de regeringspolitiek”, zei woordvoerder Wang Huizhong en het feit dat hij dat openlijk durft te zeggen weerspiegelt dat er op het punt van geld verdienen vrijheid van meningsuiting in China is.