VS geven Rusland niet de vrije hand in het GOS

WASHINGTON, 28 SEPT. De Amerikaanse regering weigert Rusland de vrije hand te geven bij de handhaving van de orde in de andere ex-Sovjet-republieken. Dat hebben Amerikaanse woordvoerders gisteren laten weten.

De Russische president Jeltsin maakte maandag in de Verenigde Naties duidelijk dat de “speciale banden” van Rusland met de andere republieken van het Gemenebest van Onafhankelijke Staten en de aanwezigheid van grote Russische minderheden in die landen Moskou het recht geeft hen als Russische invloedssfeer te beschouwen.

De Amerikaanse minister van buitenlandse zaken, Warren Christopher, zei gisteren dat Washington het concept voor Amerikaanse en Russische invloedssferen niet aanvaardt. President Clinton probeert steun en toezicht van internationale organisaties bij vredesoperaties in het Russische “nabije buitenland” aan te moedigen. “We erkennen dat Rusland natuurlijk een speciaal belang heeft in landen aan de eigen grenzen, zoals we dat ook hebben. Maar ik zou het niet eens zijn met de karakterisering van Rusland als belangrijkste vredeshandhaver daar, omdat ik denk dat dat een zaak is voor de internationale gemeenschap in haar geheel, werkend via organisaties als de Verenigde Naties”, aldus Christopher.

De Russische president Boris Jeltsin heeft gisteren zijn Amerikaanse ambtgenoot Clinton een internationale vredesconferentie over Bosnië voorgesteld. Volgens een Russische functionaris stemde Clinton met de idee in; een Amerikaanse functionaris sprak dat later tegen.

Jeltsin heeft al eerder een internationale top over Bosnië voorgesteld. Op dat denkbeeld werd toen door het Westen zeer lauw gereageerd, met het argument dat het weinig zin heeft een topbijeenkomst op touw te zetten waarbij bij voorbaat vaststaat dat de resultaten mager, althans niet doorslaggevend zullen zijn. Tot gisteren was Moskou niet meer op het initiatief teruggekomen.

Clinton en Jeltsin overlegden gisteren ruim vier uur samen in de Ovale Kamer en in de tuin van het Witte Huis. De gesprekken zullen vandaag worden voortgezet. De ministers van defensie en van buitenlandse zaken vergaderden elders in het Witte Huis.

Christopher zei gisteren dat Clinton op 1 november de Veiligheidsraad zal vragen om een resolutie tot opheffing van het wapenembargo tegen de Bosnische moslims, vier tot zes maanden later. Jeltsin liet gisteren tijdens een fotosessie weten dat hij het niet eens zou zijn met een opheffing van het wapenembargo tegen de moslims. “Mijn antwoord zou natuurlijk negatief zijn”, zei hij. Overigens heeft de Bosnische president, Alija Izetbegovic, gisteren in een toespraak in de Algemene Vergadering van de VN, zoals aangekondigd, ingestemd met een uitstel van de opheffing van het wapenembargo. Hij pleitte voor een resolutie van de Veiligheidsraad, waarin tot die opheffing zou worden besloten maar waarin de implementatie van de maatregel vier tot zes maanden zou worden uitgesteld.

De sfeer van de vijfde ontmoeting tussen Clinton en Jeltsin in minder dan anderhalf jaar was hartelijk. Volgens Christopher was het gemakkelijk voor hen meteen tot zaken te komen. Jeltsin was volgens Amerikaanse functionarissen in een goede stemming en in uitstekende conditie. Jeltsin werd met 21 kanonschoten en soldaten in 19e eeuws uniform met dwarsfluit onthaald. “Onze landen groeien naar elkaar toe, waarbij achterdocht en angst plaats maken voor vertrouwen en samenwerking”, zei Clinton. “In zoveel gebieden zijn onze belangen niet langer strijdig, ze komen samen. En waar we het oneens zijn, kunnen we onze verschillen in een klimaat van warme vrede bespreken, geen Koude Oorlog.” Jeltsin kon niet nalaten daar een pikante noot aan toe te voegen. “Het is fair om te zeggen dat de Verenigde Staten een sterke partner is en niet gemakkelijk om mee om te gaan, net als Rusland”, zei hij. “Dat maakt het des te opwindender voor deze twee landen om de handen ineen te slaan.”

De opslag en mogelijke diefstallen van plutonium zijn ook ter sprake gekomen. Clinton en Jeltsin bespraken ook de opslag van kernkoppen, die van raketten zijn verwijderd. De koppen moeten goed kunnen worden geteld en het moet onmogelijk zijn om ze opnieuw op raketten te zetten. Er staat een overeenkomst op stapel over uitwisseling van informatie over opslagplaatsen en wederzijdse bezoeken aan kernwapeninstallaties.