Ex-CD'er Graman tot zes jaar cel veroordeeld

AMSTERDAM, 28 SEPT. De rechtbank in Amsterdam heeft gisteren de 45-jarige ex-Centrumdemocraat Y. Graman veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf. Zij achtte bewezen dat Graman in 1979 was betrokken bij de brandstichting in een ontmoetingscentrum voor drugsverslaafden aan de Amsterdamse Lijnbaansgracht. Daarbij raakten vijf mensen gewond. Ook werd de ex-CD'er veroordeeld wegens illegaal vuurwapenbezit.

De politie begon een onderzoek tegen Graman, nadat in een televisieprogramma van de TROS beelden waren uitgezonden waarop was te zien hoe hij over vroeger gepleegde misdaden vertelde. De betreffende journalist had zich voorgedaan als CD-sympathisant en het vertrouwen van Graman weten te winnen. Hij legde de uitspraken van het toenmalige raadslid met een verborgen camera vast. April van dit jaar werd Graman in zijn Amsterdamse woning aangehouden.

Officier van justitie J. Valente had tegen Graman acht jaar gevangenisstraf geëist. Valente kwam zelf al tot de conclusie dat de ten laste gelegde deelname aan een criminele organisatie in de periode 1975-1987 was verjaard en dat dit feit voor de periode 1978-1994 niet bewezen kon worden. De rechtbank nam deze conclusies over.

De rechtbank verwierp het verweer van Gramans advocaat J.C. de Goeij dat de officier niet ontvankelijk verklaard moest worden, omdat deze met de opsporing begon op grond van de met de verborgen camera gemaakte videobeelden. De rechtbank meent dat het openbaar gezag de rechten van Graman niet heeft geschonden. De CD'er heeft zijn verklaringen tegen de journalist in vrijheid afgelegd en bovendien diende de inhoud van de banden niet als bewijs, aldus het college. Het wel gebruikte bewijs (verklaringen van getuigen en van Graman zelf) zijn “vrucht van het onderzoek van politie en justitie”.

Graman verweerde zich met het argument dat hij slachtoffer was geworden van zijn “eigen stomme gebluf”. Opscheppen en bluffen zou tot de cultuur van extreem-rechts behoren, aldus Graman.

De raadsman van Graman tekende onmiddellijk na de uitspraak hoger beroep aan.