Beurs keurt anonieme handel goed

AMSTERDAM, 28 SEPT. De Amsterdamse effectenbeurs heeft zonder daaraan enige ruchtbaarheid te geven het gebruik van nummerrekeningen voor klanten van effectenkantoren en banken officieel goedgekeurd. Particulieren kunnen op deze manier vanuit volstrekte anonimiteit zaken doen op de beurs.

De enige voorwaarde die de beurs stelt is dat effectenkantoren een register bijhouden van de natuurlijke personen achter de nummerrekeningen. Het controlebureau van de beurs, dat toezicht houdt op effectenhuizen, moet “te allen tijde inzage hebben in dit register”.

Volgens een woordvoerder van de beurs hebben de effectenkantoren en de banken gevraagd de opening van anonieme rekeningen formeel toe te staan. De beurs heeft dit officieel opgenomen in een nieuw ledenreglement dat afgelopen zomer is goedgekeurd. “Vroeger mocht het niet”, aldus de beurswoordvoerder.

Diverse beurshandelaren zeggen desgevraagd dat nummerrekeningen al sinds jaar en dag praktijk waren bij effectenhuizen en banken om de identiteit van klanten af te schermen voor de nieuwsgierige ogen van andere medewerkers. Zij hadden weinig moeite om voorbeelden te vinden van beleggende familieleden of eigenaren die om redenen van privacy achter nummerrekeningen schuilgingen.

Een fiscale ontsnappingsroute bieden nummerrekeningen volgens het ministerie van financiën niet. Een woordvoerder zegt dat de banken op basis van een gedragscode met de fiscus alle rentegegevens van klanten moeten overleggen, ook ontvangen rente op obligaties op nummerrekeningen.

De mogelijkheid voor het openen van nummerrekeningen werd deze week onthuld op de valreep van de eerste zittingsdag van het hoger beroep in de voorkennisaffaire in de beurshandel op 31 juli 1991 in aandelen HCS, een inmiddels failliet automatiseringsbedrijf. In deze zaak tegen president J. van den Nieuwenhuyzen van het beursfonds Begemann, die een grote belegger in HCS was, en directeur J. Gerritse van diens effectenmakelaar Suez Kooijman speelt een Luxemburgse rekening een belangrijke rol. Naast de voorkennis in de HCS-handel worden zij tevens verdacht van valsheid in geschrifte (Gerritse) c.q. uitlokking daartoe (Van den Nieuwenhuyzen).

Suez Kooijman gebruikte een rekening in Luxemburg om Van den Nieuwenhuyzen in zijn handel in HCS maximale anonimiteit te geven. “Amsterdam is een kippenhok”, zei Van den Nieuwenhuyzen tijdens de behandeling van zijn zaak bij de rechtbank in maart. Hij wilde zoveel mogelijk anonimiteit, omdat zijn transacties volgens hem her en der op de beursvloer bekend waren en anderen van zijn transacties probeerden mee te profiteren. Van den Nieuwenhuyzen handelde in die jaren naar eigen zeggen voor honderden miljoenen guldens op de beurs. Naast de rekening ten name van Suez International Luxemburg gebruikte Van den Nieuwenhuyzen ook de effectenrekening bij Suez Kooijman van zijn vriend H. Breukhoven, directeur van de Free Record Shop, om aandelen HCS te verkopen.

Dit medegebruik van de rekening heeft onder beurskenners het nodige opzien gebaard, gezien het gebruik van nummerrekeningen. “Het is ontzettend amateuristisch”, zegt een insider, die niet met name genoemd wil worden. “Trouwens, de hele HCS-zaak hangt van amateurisme aan elkaar.”

De Suez Luxemburg-rekening was geen normale rekening maar een zogenaamde tussenrekening, in het leven geroepen in afwachting van de formele opening van de echte rekening bij Banque de Suez in Luxemburg. Dat duurde al meer dan een half jaar, toen de HCS-transacties werd gedaan. De stukken in Luxemburg waren namelijk nooit getekend. Roel Kooijman, de directeur van Suez Kooijman die de belangen van Van den Nieuwenhuyzen bij het effectenkantoor behartigde, had tweemaal met zijn cliënt een afspraak in Luxemburg gemaakt, maar dat was wegens dringende zaken elders twee keer door Van den Nieuwenhuyzen afgezegd.

Het is, aan de hand van het feitenmateriaal in de HCS-affaire, de vraag of de voorwaarde van inzicht van het Controlebureau in de nummerrekeningen in praktijk voldoende is. Tijdens de eerste procesdag in het hoger beroep in de HCS-zaak bliezen president mr. H. Willems en advocaat-generaal mr. A. van der Perk met doordringende vragen het rookgordijn weg dat Suez Kooijman legde toen de beurs de affaire ging onderzoeken. Het effectenkantoor weigerde aanvankelijk elke informatie over de identiteit van de verkopers en deed ook niets toen de beursautoriteiten meedeelden dat zij hun licht gingen opsteken in Luxemburg, waar helemaal geen rekening was. “Ik hield mij daar toen niet mee bezig”, was het verweer van Gerritse op vragen of Suez Kooijman zich niet geroepen voelde iets te zeggen toen de cover-up uit de hand ging lopen.

Inmiddels zijn de bevoegden van het Controlebureau uitgebreid, zodat de speurneuzen ook zonder toestemming van de cliënt diens rekeningen kunnen inzien. Het Controlebureau kan dat echter alleen als het werkt in opdracht van de Stichting Toezicht Effectenverkeer, de STE, de beurswaakhond die ook onderzoeken doet naar misbruik van voorwetenschap.

De woordvoerder van de beurs zegt dat het Controlebureau bij navraag naar de identiteit van houders van nummerrekeningen geen opdracht van de STE nodig heeft, maar op eigen titel kan werken.