WILLY CLAES; Koele, pragmatische atlanticus

BRUSSEL, 27 SEPT. “Een koele NAVO-minnaar”, zo typeerde de Vlaamse socialistische krant De Morgen onlangs de Belgische minister van buitenlandse zaken Willy Claes, die binnenkort wordt benoemd tot secretaris-generaal van de verdragsorganisatie als opvolger van de in augustus overleden Manfred Wörner.

Begin jaren tachtig protesteerde de Socialistische Partij, waartoe Claes behoort, fel tegen de plaatsing van Amerikaanse kernraketten in België. Maar, onderstrepen vertegenwoordigers van de partij nu, zelfs in het heetst van die strijd is de socialist Claes nooit anti-atlantisch geweest.

Dat Claes niet voorop liep in de demonstraties tegen kruisraketten - wat hem destijds kritiek van partijgenoten opleverde - is tekenend voor zijn pragmatisme. De Belgische minister van buitenlandse zaken neemt nooit extreme standpunten in, verbrandt zo weinig mogelijk bruggen en hamert nooit te lang op één standpunt. Dat pragmatisme heeft Claes gemeen met de christen-democratisch premier Dehaene, met wie hij een uitstekende relatie onderhoudt.

Behalve pragmaticus is Willy Claes een intelligente, harde werker. Lange werkdagen en vier uur slaap zijn voor hem geen uitzondering. Op elk bezoek, debat of voordracht bereidt hij zich terdege voor met een persoonlijk fiche-systeem: medewerkers maken een dossier dat hij vervolgens reduceert tot een paar, met rode pen geschreven, aantekeningen. Na een vliegreis uit Azië die hij werkend had uitgezeten, voegde een bezorgde stewardess hem toe: “Ik hoop dat u nu ook wat rust neemt.”

Willy Claes werd op 24 november 1938 geboren in Hasselt, de hoofstad van de Vlaamse provincie Limburg. Hij had geen gelukkige jeugd. Zijn vader, een straatmuzikant, verdiende zo weinig dat het gezin begin jaren vijftig door een deurwaarder op straat werd gezet. Behalve arm, was Willy Claes ook ziekelijk. Nu nog refereert Claes regelmatig aan zijn moeilijke jeugd, die er waarschijnlijk toe heeft bijgedragen dat hij zo zwaarmoedig is. “Er is geen enkele reden tot gerustheid”, zei hij ooit in een interview.

In 1964 begon Claes zijn politieke loopbaan als raadslid van Hasselt, na een studie politicologie die hij zelf bekostigde met het spelen van klarinet, vibrafoon en saxofoon in jazz-cafés. Vier jaar later werd hij tot kamerlid gekozen om al in 1972 te worden benoemd als minister verantwoordelijk voor Nationale Opvoeding. Het jaar erop werd hij minister van economische zaken, wat hij met intervallen bleef, tot hij in 1992 werd benoemd tot minister van buitenlandse zaken en vice-premier.

Als minister van buitenlandse zaken sloot Claes zich onmiddellijk aan bij de visie van premier Dehaene, die het Belgisch buitenlands beleid vergeleek met een Café du Commerce: iedereen in de regering bemoeide zich ermee en bracht een eigen visie naar buiten. Claes nam zich voor daar een einde aan te maken. “Ik denk dat we naar een zekere stabiliteit in ons buitenlands beleid moeten terugkeren”, zei hij in een interview met de krant De Standaard. En daar lijkt hij in te zijn geslaagd. Op dit moment zou niemand, zoals een Belgische krant in 1992 deed, het buitenlands beleid omschrijven als “kroniek van een zelden geziene knoeiboel”.

Behalve voor een meer coherent buitenlands beleid heeft Claes zich de afgelopen twee jaar voorstander betoond van verdere Europese integratie. Enthousiast en adequaat leidde hij de Europese Unie in de tweede helft van 1993, toen zijn land voorzitter van de unie was. In de opvolgingsperikelen eerder dit jaar rond de post van voorzitter van de Europese Commissie koos Claes de zijde van de christen-democraat Dehaene, wat hem door partijgenoten niet in dank werd afgenomen. Dehaene op zijn beurt heeft zijn minister van buitenlandse zaken steeds gesteund bij diens kandidatuur voor de NAVO.

Als leidraad in de buitenlandse politiek van België ziet Claes vrede en veiligheid in de wereld, om te beginnen in Europa. Op dit moment kan volgens hem vooral de NAVO een rol spelen bij handhaving van de vrede in Europa. Claes stelt zich wat afhoudend op tegenover het Eurokorps, een 'Europees' leger dat bestaat uit Franse, Duitse, Spaanse en Belgische eenheden. Het Eurokorps mag niet “raken aan NAVO-verplichtingen”, stelde hij twee jaar geleden tijdens de voorbereidingen voor de oprichting van het korps. “Onze democratieën hadden nooit de op til zijnde Europese Unie tot stand kunnen brengen zonder steun van de Alliantie.”

Volgens ingewijden leidt Claes een ascetisch leven. Hij wordt nooit drinkend gesignaleerd, eet weinig en gaat niet uit. Muziek lijkt zijn enige manier van ontspanning. Het is inmiddels traditie dat Claes op internationale bijeenkomsten achter de piano gaat zitten en - vooral romantische - muziek ten gehore brengt. En niet onverdienstelijk, zo constateerde de Nederlandse minister van buitenlandse zaken Van Mierlo onlangs na een bijeenkomst van de ministers van de Europese Unie. Ook is Claes een veel gevraagd dirigent. Onlangs nog dirigeerde hij in het Limburgse Brachterbeek de fanfare Eensgezindheid.

Behalve voor de internationale politiek was Claes ook in de running voor een lokale post: burgemeester van Hasselt. Zijn belangstelling voor het burgermeestersambt zou vooral zijn gewekt door teleurstelling die hij eerder dit jaar te verwerken kreeg toen hij twee maal werd genoemd in verband met fraudezaken. Hoewel Claes nooit officieel in staat van beschuldiging werd gesteld, zou hij hierdoor zwaar zijn aangeslagen. Maar Hasselt moet nu een andere burgemeester zoeken. En Dehaene een nieuwe minister van buitenlandse zaken.