Doodstraf hoort niet bij beschaafde samenleving

De doodstraf is gelegaliseerde moord. Een maatschappij die daarvoor kiest, moet zich dit realiseren en daar openlijk de verantwoordelijkheid voor dragen. Is moord gerechtvaardigd als het maar geïnstitutionaliseerd gebeurt en wordt uitgevoerd op een door het maatschappelijk systeem gedragen wijze? En mogen wij dan ook tot moord aanzetten, zoals in het geval van werknemers bij dat systeem, die de executie ten uitvoer moeten brengen? Elke volwassene moet zich die vragen durven en willen stellen. Prof. Couwenberg beantwoordt die vraag bevestigend: de doodstraf zou gerechtvaardigd zijn als vergeldingsmaatregel.

In feite hinkt die zogenaamd vergeldende doodstraf op twee gedachten: enerzijds de dood als maatschappelijke vuilnisbelt ('In mijn huis hoef ik dit niet te pikken. Wie zich niet aan de regels houdt wordt eruit gezet') en anderzijds ons collectieve (wraakzuchtige) rechtsgevoel ('zo komen criminelen te pas'). De tweede zou nog op een primitieve manier een soort rechtvaardiging kunnen zijn, de eerste is dat op geen enkele manier. Hebben wij het recht iemands leven bij de vuilnis te zetten?

Het is moreel verwerpelijk dat de ene mens zou kunnen beoordelen of de andere mens van zijn of haar leven maakt wat er van gemaakt zou moeten worden. Wij mogen niet beoordelen of iemand mag blijven leven, simpelweg omdat we dat niet kunnen. Die bescheidenheid moeten we toch op kunnen brengen? Dat is immers wat we ook van criminelen eisen als we hun willekeur willen afstraffen?

Couwenberg heeft het in dat verband over 'morele regressie'. Dat is natuurlijk een prachtterm voor crimineel gedrag. Maar het duidt ook precies aan wat de doodstraf nu eigenlijk is. Een kind denkt, als het een ander onverdraaglijk vindt om wat voor reden dan ook, dat die ander dan maar dood moet. Zo begrepen is de doodstraf een kindgedachte bij uitstek. Over morele regressie gesproken. Een kind geeft ermee de uiterste afkeuring aan. In die zin is ook de doodstraf een getuigenis van afkeuring, meer niet. Het zegt iets over wat we als maatschappij absoluut afkeurenswaardig vinden.

Maar wie schiet met die getuigenis iets op? De slachtoffers? Ons rechtsgevoel? Ons gevoel van veiligheid? De moraal van de achterblijvende criminelen die (nog) niet gepakt zijn misschien? Als een ding mij als krantelezer duidelijk wordt dan is het wel dat in rechtszalen gelukkig verder gekeken wordt dan de verontwaardigde neus lang is (misbruik van bereidheid tot begrip daar gelaten). Wat wij collectief goed- of afkeuren is niet zonder meer bepalend voor de strafmaat. Ook wat we maatschappelijk willen bereiken (opvoedend, kans gevend) speelt een belangrijke rol. Als we het daar dan over eens zijn, wat willen we dan met die vermaledijde doodstraf? Ergens onder alle verontwaardiging schemert bij doodstrafprotagonisten de gelegitimeerde wens door, het rechtsgevoel te willen beschermen: wij leven in een maatschappij waar ieder rechtvaardig behandeld wordt en waar, zo dat niet gebeurt, de rechten van slachtoffers worden beschermd.

Die wens vind ik eigenlijk het enige geëigende onderwerp in de hele discussie: niet de verontwaardigde vergelding, maar het recht op bescherming voor ieder individu. Want veiligheid bevordert de groei van een mens en dus van ons beschavingspeil: onveiligheid en geweld stoppen deze af.

Het beschavingspeil dat we willen beschermen houdt in, dat een samenleving randvoorwaarden biedt voor ingezetenen om als mens te groeien, een leven te leiden dat de moeite waard is, dat verrijkt. Om al die dingen te doen die in de volksmond wel worden aangeduid als het aanpakken van 'luxe-problemen'. Als in een samenleving zoveel comfort bestaat dat die 'luxe' gemeengoed is, heeft ze een hoog beschavingspeil. Geweld, in welke vorm dan ook, remt groei en verrijking af: men moet zich bezig houden met risico's om (zo riant mogelijk) te overleven, zo simpel ligt het.

Een van de randvoorwaarden die een samenleving haar ingezetenen zou moeten bieden is dan ook bescherming van vredelievende mensen tegen geweld. Ook de doodstraf is geweld. Ook voor normale mensen zitten er risico's aan vast: elke maatschappij die de doodstraf in het strafrecht opneemt, geeft een systeem de bevoegdheid de moord te plegen, wanneer dat systeem dat gerechtvaardigd vindt; niet eens wanneer wij dat zelf gerechtvaardigd vinden: ook de beoordeling geven we uit handen.

Ons strafrecht zou louter voor die bescherming moeten dienen en het ruïneuze van crimineel gedrag in plaats van op slachtoffers, op de crimineel zelf moeten doen terugslaan. In dit leven wel te verstaan. Daar zou de 'vergelding' (laten we ervan uitgaan dat alleen echt schuldigen de doodstraf krijgen) in moeten bestaan: een herstellen van wat men kapot maakt bij anderen. Dit dienen wij niet door wraakneming via de doodstraf.