Bridgevrouwen zorgen voor verrassing

ALBUQUERQUE, 27 SEPT. “Ik respecteer dat ze meedoen, maar erg ver zullen ze het niet brengen”, zei een Amerikaanse topspeler over Sabine Zenkel en Daniela von Arnim. Dit Duitse toppaar besloot de vrouwengroep links te laten liggen en zich in te schrijven voor het wereldkampioenschap open paren. Inmiddels kan de Amerikaanse expert zijn tong wel afbijten, want er hangt een sensatie in de lucht. Hoewel er nog honderden spellen gespeeld moeten worden, hebben Zenkel en Von Arnim een dreun van jewelste uitgedeeld. Na twee van de vier kwalificatieronden stonden ze ruim op kop in een veld van vierhonderd voornamelijk mannenparen.

Inmiddels hebben de dames wat gas terug moeten nemen en gaan ze als twintigste over naar de halve finale. Toch ziet Von Arnim niet direct een favorietenrol voor zich weggelegd: “We zijn al blij als we ons plaatsen voor de finale. Zelf tip ik de huidige wereldkampioenen Chagas-Branco uit Brazilië of de Polen Balicki-Zmudzinski. Van de Amerikanen verwacht ik niet zo heel erg veel. De meesten spelen met sponsors.”

De dertigjarige computerdeskundige uit Heidelberg stelt zich misschien wat al te bescheiden op. De bridgewereld mag nog veel van het duo verwachten. Naast een paar internationale titels bij het vrouwenbridge kwam hun grote doorbraak in 1993. Toen behaalden ze in het sterkst bezette toernooi ter wereld - het Cap Volmac in Den Haag - een prachtige vierde plaats.

Zou bridge dan de eerste sport zijn waar mannen en vrouwen op topniveau aan elkaar gewaagd zijn? Von Arnim beaamt dat volmondig: “Kijk, het verschil zit heus niet in intelligentie of aanleg. Het gaat puur om je motivatie, de hoeveelheid tijd en werk die je in je sport wilt steken.” Volgens haar hebben topspeelsters een soort natuurlijke luiheid over zich. Ze willen gewoon gezellig kaarten, hebben een hekel aan het leren van moeilijke systemen. “Het zal allemaal wel historisch bepaald zijn, maar bij mannen ligt dat radicaal anders. Die zijn bereid alles voor hun sport over te hebben.”

Ze denkt wel dat vrouwen in het algemeen wat minder goed kunnen omgaan met het verwerken van kleine ongemakken of tegenslagen. In het snikhete, gortdroge woestijnklimaat van Nieuw Mexico kampt Von Arnim door de slechte airconditioning in de speelzaal nu zelf met een lichte verkoudheid.

Von Arnim en Zenkel zijn de eerste vrouwen die keihard gewerkt hebben om de top te bereiken. Ze spelen een complex biedsysteem, dat zo'n honderd kantjes beslaat. En belangrijker nog, ze kennen het door en door. Dat partner Zenkel een paar jaar in Chicago heeft gewoond en nu in Denemarken, gaat niet ten koste van hun vastheid in bieden en afspel. Daarbij komt nog dat ze de belangrijke toernooien alleen met elkaar spelen.

Naast het probleem met de airconditioning gaan er nog wel meer dingen mis op het wereldkampioenschap. De laatste troef voor Nederland bij de viertallen, het team van Jet Pasman (-Anneke Simons, Martine Verbeek-Wietske van Zwol) is op wel zeer onfortuinlijke wijze uit het vrouwentoernooi om de McConnell Cup gekegeld.

In de kwartfinales speelden Verbeek-Van Zwol een wereldpartij tegen hun Amerikaanse tegenstanders. Maar na acht spellen werd de wedstrijd stopgezet, omdat met de verkeerde set spellen was begonnen. Een vreselijke vergissing van de organisatie, die bij monde van de toernooileider, de Nederlander Ton Kooijman, openlijk in het Daily Bulletin verontschuldigingen moest aanbieden. De spellen werden opnieuw gespeeld. Het bleef spannend, maar uiteindelijk moesten de moegestreden Nederlandse vrouwen met maar een paar wedstrijdpunten verschil het loodje leggen. Alle mannenteams waren toen al van het toneel verdwenen, hoewel het viertal van Van Oppen (-Rebattu, Jansma-Van Cleeff) nog heel lang goede kansen had tegen olympisch kampioen Frankrijk. Een verkeerd uitgevallen protest deed Van Oppen c.s. de das om. Ongeveer op hetzelfde moment verloor team Maas (-Kirchhoff, De Boer-Westra) met klein verschil van Indonesië.

De Nederlandse delegatie heeft haar hoop nu geheel gezet op het parenkampioenschap. Achter de Amerikanen Boyd-Robinson die het veld aanvoeren, gaan deze Nederlandse paren in ieder geval over naar de halve finale van het open kampioenschap: Jansma-Van Cleeff (3de), Van der Neut-Paulissen (5de), Scherders-Scherders (8ste), Van den Brom-Mulder (25ste), De Boer-Westra (63ste), Kirchhoff-Maas (76ste), Munir Alam-Rietveld (97ste), Abram-Trouwborst (105de), Markovic-Ramondt (122ste) en De Bruyn-Ramer (141ste). Afhankelijk van het verloop van het viertallenkampioenschap komen hier wellicht nog twee of drie andere Nederlandse paren bij.

Beide Nederlandse vrouwenparen hebben zich geplaatst voor de halve finale: Marijke van der Pas-Elly Schippers (6de) en Carla Arnolds-Bep Vriend (57ste).