Banengeld

BIJ PROTEST GELDT de wet van de grote getallen. In dat licht moet de noodkreet worden bezien die de laatste dagen is geventileerd vanuit de organisaties die betrokken zijn bij de arbeidsvoorziening. Het nieuwe kabinet is van plan het komend jaar honderd miljoen gulden op de door werkgevers, werknemers en overheid bestuurde arbeidsbemiddeling te bezuinigen en de jaren daarna 500 miljoen. Dit voornemen kan volgens de vakbonden en het overkoepelende bureau voor de arbeidsvoorziening tien- tot vijftienduizend arbeidsplaatsen kosten. Voor het goede begrip: voor een belangrijk deel gaat het om banen bij de eigen organisatie. Het plaatst de bezwaren van de belanghebbenden in een context.

Het plan om op de arbeidsvoorziening te korten komt niet uit de lucht vallen. De arbeidsbureaus waren tot 1991 een aangelegenheid van het ministerie van sociale zaken. Daarna werd het bestuur een zaak van gedeelde verantwoordelijkheid van overheid, werkgevers en werknemers. Behalve op het punt van de financiering: de organisatie draait met een begroting van bijna 1,7 miljard gulden volledig op rijksmiddelen. Wie praat over het 'herijken van de verhouding tussen gemeenschappelijke regelingen en eigen verantwoordelijkheid' - de leidende gedachte in het regeerakkoord van PvdA, VVD en D66 - ontkomt niet aan een kritische beoordeling van deze eenzijdige subsidiëring. Temeer daar er wel iets valt af te dingen op de werkwijze van de arbeidsvoorziening.

De arbeidsbureaus en alle scholingsregelingen waarover deze instanties kunnen beschikken zijn allereerst bestemd voor de probleemgevallen op de arbeidsmarkt. Maar uit de cijfers blijkt dat één op de drie mensen die het afgelopen jaar door bemiddeling van een arbeidsbureau aan de slag kwamen, niet tot de categorie werklozen behoorde. Moet de arbeidsvoorziening zich nu juist met deze groep inlaten? En moet deze serviceverlening aan werkgever en werkzoekende volledig op rijkskosten gebeuren? Feitelijk zou men zich meer moeten richten op de ruim 170.000 langdurig werklozen, inmiddels door de overkoepelende organisatie als onbemiddelbaar gekwalificeerd. Want als de (gedecentraliseerde) arbeidsvoorziening zich niet over hen ontfermt - wie dan wel?

EEN KRITISCHE beoordeling van de activiteiten van de arbeidsvoorziening is gerechtvaardigd. Dat een nieuw kabinet vooruitlopend op de uitkomsten van een onderzoek besluit tot een korting van het budget is misschien on-Nederlands, maar niet vreemd. Hierdoor wordt de arbeidsvoorziening gedwongen uit te kijken naar andere financieringsbronnen dan alleen de overheid. Een financiering die recht doet aan het belang dat iedereen heeft bij een goede werking van de arbeidsmarkt.