CSU behoudt haar absolute meerderheid in landdag Beieren

BONN, 26 SEPT. De CSU heeft haar absolute meerderheid in de Beierse landdag met succes verdedigd.

De partij van minister-president Edmund Stoiber kwam gisteren, in de laatste regionale verkiezingen vóór de Bondsdagverkiezingen van 16 oktober, uit op 52,8 procent. De zusterpartij van kanselier Kohls CDU ging daarmee 2,1 procent achteruit ten opzichte van haar score in 1990, maar won 3,9 procent in vergelijking met de Euroverkiezingen van 12 juni '94. Zij krijgt 120 (1990: 127) van de landdag 204 landdagzetels.

De SPD won 4,1 procent en kwam daarmee op 30,1 procent (70 zetels), haar beste resultaat sinds '82. Een teleurstelling, na maanden met veel hogere scores in de opiniepeilingen, was de 6,1 procent (minus 0,3, nu 14 zetels) voor Bündnis '90/Groenen. Veel groter nog was de klap voor de FDP, die maar 2,8 procent haalde (1990: 5,2). Zij bezweek voor de vijfde achtereenvolgende keer in een jaar in regionale verkiezingen aan de kiesdrempel van vijf procent. Landelijk partijvoorzitter en vice-kanselier Klaus Kinkel, minister van buitenlandse zaken, zei 's avonds in een t.v.-interview dat hij ervan overtuigd blijft dat de FDP op 16 oktober wèl over de kiesdrempel springt en in de Bondsdag blijft.

De rechtsradicale Republikaner, die in Beieren hun “stamland” hebben en daar traditioneel over de grootste aanhang beschikken, bleven op 3,9 procent ('90: 4,9) steken. Hoewel het regionale en specifiek Beierse karakter van deze verkiezingen weinig conclusies voor de Bondsdagverkiezingen toelaten, waren politici van alle andere partijen het er wèl over eens dat het wansucces van de Reps een indicatie is dat zij ook op 16 oktober weinig zullen klaarmaken.

De opkomst onder de 8,7 miljoen kiesgerechtigden was 67,9 procent, 2 procent beter dan in 1990. Uit een gisteravond direct gehouden kiezersonderzoek bleek dat de persoonlijke populariteit van premier Stoiber en SPD-lijsttrekker Renate Schmidt een grote rol voor de kiezers heeft gespeeld. Twee weken geleden werd eenzelfde conclusie getrokken na de absolute meerderheden die de CDU dankzij premier Kurt Biedenkopf in Saksen en de SPD in Brandenburg dankzij premier Manfred Stolpe behaalden.

Stoiber, die pas sinds mei '93 premier is, wees er zelf op dat hij “in een intensieve campagne waarin ik 1,5 miljoen kiezers rechtstreeks heb gezien” een persoonlijk succes had behaald. Toen hij de macht overnam, ten koste van zijn voorganger Max Streibl, was de CSU aangeslagen en onder 40 procent in de peilingen gezakt door een groot aantal zogeheten “Amigo-affaires” (veelal: te innige relaties met het Beierse bedrijfsleven).

Woordvoerders van de SPD en Bündnis '90/Groenen noemden het “stuitend” dat de CSU ondanks deze veelbesproken affaires weer een meerderheid had gehaald. Stoiber verweet hen daarop minachting van de kiezersuitspraak. De Beierse premier erkende dat het economisch herstel de CSU had geholpen. “Goed voor Beieren en de politieke cultuur ”, noemde hij het dat de Republikaner de kiesdrempel niet hadden gehaald.

De populariteit van de eerste vrouwelijke lijsttrekker van de SPD, bleek bij de kiezers veel groter dan de aantrekkelijkheid van haar partij zelf. De 50-jarige mevrouw Schmidt, totnutoe vice-voorzitter van de Bondsdag, kondigde aan dat zij in de landdag in München de oppositie gaat leiden.