Stoiber: Strauss' enige erfgenaam

BONN, 24 SEPT. In Beieren staat morgen in de persoon van Edmund Stoiber de definitieve politieke erfgenaam van de in 1988 gestorven CSU-vorst Franz-Josef Strauss op. Want, geen twijfel, de 52-jarige Stoiber is de nieuwe sterke man in München als hij, na een premierschap van maar dertien maanden, morgen de absolute CSU-meerderheid in de verkiezingen voor het Beierse parlement bevestigd krijgt, zoals de opiniepeilers nu al weken voorspellen.

Stoiber zet morgen de laatste stap van een lange en miraculeuze mars, waarin hij alle andere erfgenamen van Strauss heeft afgeschud of opzijgezet. Bijna naadloos was in het najaar van 1988 in Beieren en in de CSU Strauss' almacht verdeeld onder een groep concurrenten. Bijna alsof 'FJS' dat nog testamentair had geregeld. Theo Waigel, door kanselier Helmut Kohl in 1989 als minister van financiën naar Bonn gehaald, werd CSU-voorzitter. Max Streibl werd premier in Beieren, Stoiber zijn minister van binnenlandse zaken. Peter Gauweiler, het jongste en misschien wel meest beminde politieke kind van Strauss, werd minister van milieu en plaatselijk partijchef in München.

De economie en politieke tegenstanders, de SPD en de Groenen namelijk, hebben Stoiber geholpen op zijn weg naar de CSU-top, die al 37 jaar ook de politieke top van Beieren is, want zolang regeert de Christelijk-Sociale Unie al tussen Neurenberg en Garmisch-Partenkirchen. De economie hielp door in een jaar tijd uit een zware recessie naar het huidige, tenminste conjunctureel opmerkelijke herstel te klimmen. De Beierse SPD en de Groenen hielpen door, al dan niet via parlementaire onderzoekscommissies, aandacht te vragen voor de veelal uit Strauss' tijden daterende voorbeelden van politieke wancultuur onder CSU-toppers. Een lange lijst van zogenoemde 'Amigo-affaires' wierp nu, zes jaar na Strauss, een schril licht op wat vroeger een bijna alledaags verschijnsel was. Namelijk op zeer innige relaties tussen de CSU en het Beierse (grote) bedrijfsleven, compleet met persoonlijke financiële privileges voor CSU-politici in ruil voor fiscale en andere toeschietelijkheden.

Vorige zomer raakte de CSU-top in paniek. De populariteit van de partij was onder premier Max Streibl tot onder 40 procent gezakt, lager dan ooit in 40 jaar. Bij Beierse bedrijven, zeg bij Siemens en Fokker-moeder Dasa, dwong de recessie tot massa-ontslagen. De Reps van oud-SS'er Franz Schönhuber, die de CSU onder de kiesdrempel van vijf procent moet zien te houden, zoals Kohl en zijn CDU dat elders in Duitsland moeten doen, kregen wind in de rug. Rugwind kreeg in Beieren ook de 'anti-Europese' partij van de gewezen EG-topambtenaar Manfred Brunner. En de SPD, die in 1990 maar 26 procent haalde, begon onder haar nieuwe lijsttrekker Renate Schmidt (50) - door Streibl als “dat meisje” getypeerd - zelfs hardop te dromen over aflossing van de CSU.

De tijd voor een machtsgreep van de harde werker en Saubermann Stoiber, ooit de Wadenbeisser (kuitebijter) van 'FJS' genoemd, was gekomen. Hij dwong Streibl tot aftreden en versloeg vervolgens - september vorig jaar - partijvoorzitter Waigel in een keihard gevecht om het premierschap. Een gevecht dat de volgens velen 'warmere' Waigel misschien wel van de 'droge familieman' Stoiber verloor omdat hij, hoewel officieel nog gehuwd, al jaren samenwoont met de vroegere ski-kampioene Irene Epple. Zoiets telt in het conservatieve Beieren, al zegt niemand dat hardop.

Binnen de kortste keren wist Stoiber de Amigo-affaires te gebruiken voor een drieslag: 1. Hij zette behalve Streibl ook Gauweiler, die als minister de klanten uit zijn vroegere advocatenpraktijk voor een vorstelijk bedrag had 'verpacht', nog enkele belaste CSU-mensen aan de kant; 2. hij profileerde zichzelf als de buiten alle Verfilzung (corruptie) gebleven politicus en 3) hij wist de Amigo-aanvallen van de SPD en de Groenen het beeld op te drukken van uit het verre Bonn geregisseerde campagnes tegen “onze FJS en onze Beierse levenswijze”. Tegen de Europese politiek van Bonn, van Kohl dus, profileerde Stoiber zich ook, bijvoorbeeld door de kanselier met een onzichtbare knipoog voor een “Europese illusionist” uit te maken. Kohl begreep dat best en zei weinig terug.

In juni, bij de Europese verkiezingen, bleken Stoibers spoedoperaties al succesvol. De CSU scoorde weer, zij het begunstigd door een lage opkomst, 48,9 procent. De Republikaner en Brunners Europese protestpartij kwamen niet in het stuk voor. Renate Schmidts SPD kreeg maar 23 procent, waarmee haar dromen over een Beierse coalitie met de Groenen (nu acht procent in de peilingen) alweer uitgedroomd waren.

De blonde grootmoeder Schmidt, die vice-voorzitter van de Bondsdag is, hoopt voor morgen nog slechts op een percentage boven de dertig. Zij was in Beieren ietwat gehandicapt omdat haar campagne moest worden gevoerd onder de vlag van de nationale SPD-lijsttrekker Rudolph Scharping en met de centrale thema's die hij voor de Bondsdagverkiezingen (16 oktober) tegen Kohl gebruikt. Dat ging voor haar steeds meer een dubbele handicap worden. Want niet alleen lijkt Scharping zich tot een glas bier te verhouden als een vegetariër tot een biefstuk, maar ook zijn een jaar geleden, in recessietijd ontwikkelde thema's (“een ander, rechtvaardiger Duitsland”) zijn minder sprekend na het snelle conjuncturele herstel van de economie. Dat economische 'ongeluk' voor Scharping, dat tevens Kohls geluk is, beperkt de kansen van de SPD overal in Duitsland, maar zeker in het geïndustrialiseerde Beieren.

Over de betekenis van de uitslag van de Beierse verkiezingen zal, dat lijkt al vast te staan, morgenavond een meningsverschil blijken tussen de CDU van Kohl en de FDP van vice-kanselier Klaus Kinkel (minister van buitenlandse zaken). De CDU zal, met de CSU, een overwinning van Stoiber vieren als aanwijzing dat haar kansen over vier weken in de Bondsdagverkiezingen goed zijn. De FDP, die waarschijnlijk voor de vijfde achtereenvolgende keer gaat struikelen over een regionale kiesdrempel, zal daarentegen het bijzondere karakter van de test in Beieren beklemtonen. Kinkel, wiens partijleiderschap steeds wankeler wordt, zal volhouden dat zijn FDP op 16 oktober wèl weer de Bondsdag haalt. Zo niet, dan is het trouwens gedaan met Kohls regeringscoalitie. Wat wil zeggen dat het ook voor Kohl een klap zou zijn als Kinkels FDP morgen in Beieren sneuvelt.