Brave bonden worden niet beloond

Gedraag je je eindelijk als het braafste jongetje van de klas, krijg je nóg een snauw van de leraar. En wat erger is, je vrienden nemen je niet meer serieus. Voor de Industriebond FNV is het een hard gelag: hoewel de bond zich vorig jaar keurig heeft gehouden aan de geëiste nullijn in de CAO-onderhandelingen, hebben de werkgevers daar op het gebied van werkgelegenheid weinig of niets tegenover gezet. De eis van 2,25 procent loonsverhoging voor dit jaar - tenzij er goede afspraken over extra banen komen - is door NCW en VNO al in een vroeg stadium als ouderwets centralistisch en dus onbespreekbaar afgedaan. En dat terwijl de bond zoveel moeite heeft gehad om de morrende leden in het 'werk boven loon'-gelid te houden.

Voorzitter Bé van der Weg van de Industriebond FNV liet gisteren bij de presentatie van het arbeidsvoorwaardenbeleid voor 1995 doorschemeren hoeveel moeite het bondsbestuur heeft moeten doen om de looneis op 2,25 procent te houden. “De geloofwaardigheid van onze inzet op arbeid is fors aangetast”, zei Van der Weg. Zelfs van de vorig jaar zo trots gepresenteerde CAO-afspraak met Unilever om 150 nieuwe banen te scheppen op het niveau van koffiejuffrouwen en parkeerwachters, blijkt volgens zijn collega H. Krul in de praktijk nog niets terecht te komen.

Omdat de werkgevers niet bereid zijn gebleken om de loonmatiging te gebruiken voor extra werk, is bij steeds meer leden de overtuiging ontstaan dat deze strategie geen enkele zin heeft en zij er alleen maar bij zullen inschieten. Immers, de prognoses voor de economische groei zijn de afgelopen maanden keer op keer naar boven bijgesteld, de winstcijfers die veel Nederlandse bedrijven over het eerste half jaar van 1994 bekend hebben gemaakt, overtroffen alle verwachtingen en de orderportefeuilles zijn weer zo goed gevuld dat er massaal moet worden overgewerkt. Maar de werknemers krijgen zelfs geen vergoeding voor de gestegen prijzen - waardoor ze er bij een nullijn feitelijk een paar procent op achteruit gaan. Bovendien worden nieuwe vacatures voornamelijk opgevuld met tijdelijke krachten.

Ondanks alle tegenstand - van leden en werkgevers - wil de Industriebond dit jaar nog een keer proberen te bewijzen dat de lessen over flexibilisering, modernisering en de noodzaak van loonmatiging ook bij de bond zijn overgekomen. Daarbij blijft voor de bond voorop staan dat herverdeling van werk de beste optie is om zoveel mogelijk mensen aan het werk te krijgen, maar “alle instrumenten hebben het voordeel van de twijfel”, zei arbeidsvoorwaardencoördinator Krul gisteren.

Om de door werkgevers en de overheid zo gewenste loonmatiging te bereiken, kan soms een winstdelingsregeling de oplossing zijn, soms een systeem waarbij te veel gewerkte uren in een bepaalde periode in een andere periode met vrije tijd gecompenseerd worden. “Behalve geld wordt ook tijd een belangrijke arbeidsvoorwaarde”, stelt Krul.

Dat vrije tijd echter ook een eindig begrip is, evenals het geduld van de leden, weet de bestuurlijke top van de Industriebond FNV maar al te goed. “De geloofwaardigheidscrisis in de achterban”, zoals Krul het noemt, leidde deze week al tot zware discussies in de Bondsraad. Hoewel uiteindelijk vrijwel unaniem (met één onthouding) is besloten om nog eenmaal loon boven werk te stellen, zal de houding van de werkgevers in het komende CAO-overleg moeten uitwijzen of die opstelling voor de leden haalbaar blijft. Zo niet, dan zal in 1996 - het jaar waarin het kabinet moet beslissen over de koppeling van de uitkeringen en de ambtenaren - een forse looneis voor het bedrijfsleven volgen. Omdat koppeling in dat geval niet houdbaar is, zal de gevreesde tweedeling van de maatschappij dan een feit zijn.