Werknemers van illegale naaiateliers land uitgezet

AMSTERDAM, 23 SEPT. De Amsterdamse politie heeft het afgelopen jaar 155 illegale werknemers van naaiateliers het land uitgezet. In samenwerking met het GAK en de belastingdienst zijn 75 naaiateliers gecontroleerd. Van de ruim 600 werknemers hadden er 583 geen verblijfsvergunning.

De controles zijn uitgevoerd door het zogenoemde Confectie-Interventieteam, dat sinds vorig jaar actief is. De acties richten zich volgens de politie op naaiateliers die overlast bezorgen. Volgens een woordvoerder hebben de atelierhouders voorafgaand aan de controle een waarschuwende brief gekregen. Inmiddels heeft de politie 312 processen-verbaal uitgeschreven voor het in dienst hebben van illegale werknemers. De Belastingdienst en het GAK legden voor enkele miljoenen aan aanslagen en naheffingen op. In vijf gevallen is het tot een rechtszaak gekomen.

De acties van de politie beperkten zich tot vier gebieden in de stad: Amsterdam-Noord, Spaarndammerbuurt, Amsterdam-Oost en De Pijp. Vanaf deze maand gaat het Confectie-Interventieteam over de hele stad naaiateliers controleren.

Het aantal naaiateliers in Amsterdam is overigens sterk aan het afnemen. De harde aanpak van de politie heeft ertoe geleid dat een groot deel van de illegale produktie is verplaatst naar landen als Polen, Bulgarije en Turkije. Sinds de invoering van de Wet Ketenaansprakelijkheid besteden Nederlandse opdrachtgevers nu ook bijna al hun werk uit in het buitenland. Op grond van die wet zijn Nederlands confectiebedrijven indirect verantwoordelijk voor het afdragen van premies van illegale naaitateliers.