Partijen vaag over eigen rol in politiek

DEN HAAG, 22 SEPT. Wat is nog de rol van de politiek in een samenleving waar steeds meer wordt verwacht van de eigen verantwoordelijkheid van mensen? Premier Kok zei vanmorgen in de Tweede Kamer tijdens de algemene beschouwingen dat de “bescherming waar nodig” van groot belang blijft. Hij gaf toe dat het kabinet bezorgd is over het groeiend cynisme in de samenleving ten aanzien van de politiek.

Het nieuwe 'evenwicht' tussen gemeenschappelijke regelingen en eigen verantwoordelijkheid, de leidende gedachte in het regeerakkoord van PvdA, VVD en D66, raakt het functioneren van politieke partijen rechtstreeks. Tijdens de eerste dag van de algemene beschouwingen deden de fractievoorzitters van PvdA, VVD en CDA een voorzichtige poging hun positie te markeren in de zich wijzigende verhoudingen.

Volgens PvdA-fractievoorzitter Wallage is er nog wel degelijk plaats voor het bouwen aan saamhorigheid. “De samenleving is bevrijd, maar zij is ook gevangen in de dilemma's van de nieuwe vrijheid”, aldus Wallage. Terecht heeft het kabinet in zijn ogen een sobere start gemaakt. “Dit past bij de grote argwaan waarmee burgers naar de politiek kijken.” Maar Wallage waarschuwde voor passiviteit. “Van tijd tot tijd zal meer gevraagd moeten worden dan sobere soliditeit alleen. Dan moeten mensen op hun verantwoordelijkheid worden aangesproken. Niemand heeft behoefte aan overtrokken verwachtingen, maar een samenleving die in een aantal opzichten de weg een beetje kwijt is, ziet wel graag democratisch leiderschap, niet overdreven, maar wel overtuigd.”

VVD-fractievoorzitter Bolkestein zei gisteren dat de emancipatie van de individuele mens de drijvende kracht is achter het proces van individualisering dat de moderne maatschappij kenmerkt. Een proces waar een liberale partij als de VVD volledig achter staat. Maar dat neemt volgens Bolkestein niet weg dat de ogen niet moeten worden gesloten voor de “schaduwzijden van de geïndividualiseerde verzorgingssstaat”. Want, zo zei hij, “de vrijheid van knellende banden schept ook gevoelens van eenzaamheid” en leidt er soms toe dat de “menselijke behoefte aan zingeving op de proef wordt gesteld.” Geen van de politieke hoofdstromingen heeft op deze problemen een pasklaar antwoord, constateerde hij. “Het is in essentie een sociaal-cultureel probleem van een maatschappij die op zoek is naar nieuwe leefvormen. De politiek kan dat proces moeilijk sturen en moet dan ook terughoudend zijn.”

De politiek hoeft echter evenmin machteloos te zijn, zei Bolkestein. “Wij kunnen een tegenwicht aan het proces van anonimisering bieden door de burgers meer op hun individuele verantwoordelijkheid aan te spreken. Het domein van de burger moet dan ook worden vergroot en dat van de verzorgingsstaat worden verkleind”.

De nieuwe fractievoorzitter van het CDA, Heerma, herhaalde gisteren dat het CDA kiest voor “een verantwoordelijke samenleving waarin mensen bewust voor hun verantwoordelijkheid willen staan, voor zichzelf, voor anderen en voor de schepping als geheel.” Hij voegde daar aan toe dat eigen verantwoordelijkheid oneindig meer behelst dan zelfbeschikking. Heerma: “Stoelt zelfbeschikking op de kille ideologie van de autonome mens die op zichzelf is teruggeworpen, eigen verantwoordelijkheid staat niet op zichzelf maar wordt omgeven door het samen verantwoordelijk zijn.” Volgens Heerma kan een overheid nooit de eigen verantwoordelijkheid van burgers vervangen. Maar, zo zei hij “een overheid kan wel de voorwaarden scheppen voor de herstelde, gespreide verantwoordelijkheid.”

Het betekent in de visie van het CDA dat politiek en overheid geen overmatige verwachtingen bij de burgers mogen wekken. “Vertrouwen in de overheid kan niet worden gekocht of afgedwongen maar moet worden verdiend”, aldus Heerma daarmee het program van uitgangspunten van zijn partij citerend. “Daarom mag de overheid haar ambities niet zonder overtuigende grond verbreden ten koste van andere verbanden in de samenleving. Op de terreinen waar zij wel tot optreden geroepen is, moet zij haar kerntaken betrouwbaar en met kwaliteit verrichten. Wanneer de overheid zich op haar kerntaken concentreert, weten burgers en hun instellingen duidelijk waarvoor zij zelf verantwoordelijk zijn”, aldus Heerma.