Moskee als symbool van tegenstrijdigheden Marokko

In de Marokkaanse stad Casablanca werd vorig jaar de reusachtige Hassan II moskee geopend: een bouwwerk met de afmetingen van een wereldwonder. Het gebouw symboliseert de tegenstrijdigheden binnen de Marokkaanse samenleving.

CASABLANCA, 22 SEPT. Van tientallen kilometers afstand torent de minaret van de fonkelnieuwe Hassan II moskee reeds hoog boven Casablanca uit. Eenmaal in de morsige havenkwartieren Médina en Sour Jdid gekomen verdwijnt het gevaarte uit het zicht, maar buiten de smalle steegjes is de slagschaduw van de 200 meter hoge toren onmogelijk te ontwijken. De moskee is niet een gebouw dat men makkelijk over het hoofd ziet. Aan de rand van de stad, waar de Atlantische Oceaan woest op de rotsen beukt, staat een bouwwerk met de afmetingen van een wereldwonder. In de zaal van de vorig jaar door koning Hassan II van Marokko geopende moskee kunnen 25.000 gelovigen terecht. Op het geheel met marmer beklede plein van de moskee nog eens 80.000. Over de kosten bestaat weinig duidelijkheid, de schattingen lopen op tot 1,3 miljard gulden.

Op het reusachtige plein gekomen dreigt de bezoeker ieder gevoel voor proportie te verliezen. De gids verliest zich aanhoudend in superlatieven terwijl hij zijn groepje toeristen de moskee binnenleidt. Tienduizend handwerklieden hebben jarenlang gewerkt aan de tegelmozaïeken en het houtsnijwerk in de deuren en het plafond. Uit een van de drie gouden bollen bovenop de minaret verschijnt 's avond een laserstraal richting Mekka die tot zeker een afstand van dertig kilometer landinwaarts reikt. De enorme deuren zijn van titanium en worden volautomatisch bediend, net als overigens het zeventig meter hoge dak van de moskee, dat binnen vijf minuten opengeschoven kan worden. Verder: 2.500 marmeren pilaren, 50.000 maan marmer op de muren, 100.000 mop de vloer, kroonluchters met het gewicht van tweeëneenhalve ton en 41 reusachtige fonteinen voor de rituele wassing.

Indrukwekkend, kolossaal, megalomaan. Gestort in modern beton, vol met de meest moderne technische snufjes, maar afgewerkt met eeuwenoude technieken. Hassan II heeft ter meerdere glorie van Allah en zichzelf een bouwwerk laten oprichten dat in verscheidene opzichten symbolisch mag heten voor de tegenstrijdigheden binnen de Marokkaanse samenleving. De prestigieuze moskee staat uitgerekend in Casablanca, Marokko's economische centrum en een Westers georiënteerde miljoenen-stad. De elektrisch versterkte stem van de voorzanger galmt vanaf de minaret over een sloppenwijk waar de kinderen spelen tussen het vuilnis op straat en de half open afwatering een zware stank verspreidt.

De moskee is betaald uit de giften van het volk. Nog steeds spoort het regeringsgezinde dagblad Le Matin du Sahara et du Maghreb over de volle breedte van zijn voorpagina de lezers aan een bijdrage te storten voor de bouw van het moderne moskeecomplex. Maar de bevolking werd de afgelopen jaren een handje geholpen in haar vrijgevigheid. Zo werd bij ambtenaren plotseling een aanzienlijk deel van hun maandsalaris automatisch ingehouden voor de moskee. Burgers werden desnoods op straat door de politie aangehouden om ter plekke een storting te verrichten. Het enthousiasme is daarbij niet altijd even groot. “Van het geld dat in de moskee is gestoken kan je een groot aantal fabrieken bouwen”, monkelt desgevraagd een jonge vrouw die carrière maakt binnen een textielfabriek in Casablanca. Wat minder had wat haar betreft ook wel gekund. “Er is zoveel rijkdom en pracht in de moskee verwerkt dat je je aandacht onmogelijk bij het gebed kan houden”, grapt ze.

Zoals de moskee geldt als een hoogtepunt in de moslim-architectuur, geldt zijn naamgever Hassan II in eigen land als een autoriteit waar de gelovigen moeilijk omheen kunnen. De koning staat aan het hoofd van een islamitische staat en ondanks alle voornemens om een grotere mate van democratie in te voeren, bestuurt Hassan zijn land nog altijd met strakke hand. Wereldlijke en religieuze macht gaan daarbij hand in hand. Volgens eigen zeggen is Hassan een rechtstreekse afstammeling van de profeet Mohammed en mag hij zich bijgevolg sieren met de titel Al-Amir al-Muminin - bewindvoerder der gelovigen.

Met het buurland Algerije in de greep van een gewelddadige machtsstrijd tussen autoriteiten en moslim-extremisten geldt Marokko meer dan ooit als de stabiele machtsfactor in de regio. De vraag is in hoeverre een radicale moslim-beweging ook in Marokko voet aan de grond weet te krijgen als reactie op de hoge werkloosheid en de nieuwe, op het Westen gerichte liberaliseringsprogramma's van de Marokkaanse economie. De Marokkaanse autoriteiten wijten de aanslag op een hotel in Marrakech in augustus, waarbij twee Spaanse toeristen om het leven kwamen, aan een door Algerijnse moslim-extremisten geïnspireerd komplot. Inmiddels is een tiental arrestaties verricht in verband met kwestie.

Begin dit jaar kwam het tot ongeregeldheden op de universiteit van Fes. Volgens getuigen ontaardde een discussie over het eetgedrag op de campus in de islamitische vastenmaand Ramadan in een massale vechtpartij tussen linkse studenten en moslim-activisten, waarbij zeker twee doden vielen en de politie een groot aantal arrestaties verrichtte. De indruk bestaat dat op enkele universiteiten de radicale moslims de laatste jaren aan invloed hebben gewonnen. Westerse waarnemers berichten over toenemende onderdrukking van vrouwelijke hoogleraren, het inperken van de onderzoeksvrijheid en het min of meer verplicht stellen van het dragen van op zijn minst een hoofddoek voor de vrouwelijke studenten. Van de zijde van de Algerijnse machthebbers heeft de afgelopen maanden al vaker het verwijt geklonken dat Marokko een te grote tolerantie opbrengt tegenover moslim-fundamentalisten.

Van verscheidene zijden wordt er evenwel op gewezen dat de regering weliswaar een zekere ruimte aan radicale moslims laat, maar de bewegingen anderzijds scherp in de gaten houdt. Zo hebben de belangrijkste moslim-bewegingen, zoals het Islamitisch Genootschap en 'Gerechtigheid en Naastenliefde' van de charismatische Abdessalam Yassin, een half-illegale status. Ondanks de amnestie voor politieke gevangenen van deze zomer bevindt moslim-leider Yassin zich na drie jaar nog steeds onder huisarrest. Het Islamitisch Genootschap werd twee jaar geleden zonder opgaaf van redenen toestemming geweigerd om een politieke partij op te richten.

Het blijft moeilijk te schatten in hoeverre de islamitische beweging in Marokko tot eenzelfde omvang kan uitgroeien als haar broeders in Algerije. “Het speelt zich hier voor een belangrijk deel af onder het maaiveld”, aldus een Westerse diplomaat. Marokkaanse mensenrechtenorganisaties steunen vooralsnog moslimorganisaties als het aankomt op het verdedigen van hun grondrechten. “Ik geloof niet dat de radicale moslims hier dezelfde aanhang zouden kunnen krijgen als in Algerije”, meent Fouad Abdelmoumni van de Association Marocaine des Droits de l'Homme. Hij wijst erop dat de Marokkaanse maatschappij vanoudsher een meer pluralistische traditie kent. Fouad meent dat de islam anderzijds behoort tot de onderwerpen waar in Marokko nog steeds een taboe op rust.

Als bewindvoerder der gelovigen blijft de positie van Hassan II vooralsnog onaangetast. “Zolang de koning er is”, meent een Westerse waarnemer, “zal de radicale moslimbeweging hier niet snel voet aan de grond krijgen”.